Madonna met volk

Er was een Eritrese vluchteling neergestoken, wekelijks liepen duizenden te hoop tegen de islamisering en de winter hing er vuil en vies tussen de zwartgeblakerde torens. Vorige week. In winkels keken ze met nauwelijks verholen wantrouwen naar mijn betaalpas. Dresden. Stad van de barok en de kunst. De stad ook van de grote kunsttheoreticus Johann Winckelmann, die de klassieke oudheid bewonderde om zijn 'edele eenvoud en zijn stille groots-heid' en die geïnspireerd door de kunstcollectie in Dresden in 1755 zijn Gedanken über die Nachahmung der griechischen Werke in der Malerei und Bildhauerkunst publiceerde. En daarin als eerste intellectueel smolt voor dat ene werk van Rafaël, dat net was verworven door de Saksische keurvorst, een werk dat ruim tweehonderd jaar stil in een kloosterkerk in Piacenza had gehangen en dat op de markt was gebracht omdat de monniken hun klooster wilden opknappen.

Een werk dat doorgaat voor een hoogtepunt van de Italiaanse Renaissance. Via Dresden verwierf het wereldfaam en omgekeerd maakte het de stad en zijn kunstcollecties beroemd.

De Sixtijnse Madonna. Dat grote doek van 2,5 bij 2 meter, waarvan de verveelde engeltjes leunend op de lijst in de loop der jaren werden losgezongen en belandden in de wereld van de kitsch, de koekblikken en de kussenslopen.

Geschilderd in 1512. Een Madonna met kind. In 2012 vierde de stad haar vijfhonderdste verjaardag met een speciale tentoonstelling en omraamde haar met een nieuwe vergulde lijst.

Ze dook onder in de oorlog, verhuisde met de zegevierende Sovjettroepen naar Moskou, waar men haar tot 1955 achter slot en grendel hield. Toen de Sovjetleiding bepaalde dat ze terug mocht keren naar het Dresden van de DDR, stelde men haar drie weken lang voor de Moskovieten ten toon op de tweede verdieping van het Poesjkin-museum. De grote schrijver en journalist Vasili Grossman berichtte erover. De politie moest de duizendkoppige menigtes op de Volchonka in bedwang houden.

'Bij de eerste blik op het schilderij wist ik meteen dat het allereerst onsterfelijk was.'

Lyrisch als Winckelmann prees Grossman de diepe menselijkheid van het werk, in de blik van de Madonna, en die van het kind. Kalm en treurig, droevig en serieus. In de vertaling van Froukje Slofstra: 'Misschien zien ze de Calvarieberg, en de stoffige, stenige weg omhoog, en het korte, lelijke, zware, ruwhouten kruis, rustend op het schoudertje dat nu alleen de warmte van de moederborst voelt...'

Ik stond eronder op een stille grijze ochtend onder grijs licht, in die herstelde, gereconstrueerde zaal van de Gemäldegalerie, onaantrekkelijke suppoosten tegen deurlijsten leunend, de lila wanden zwaar van de meesterwerken. Cranach, Dürer, Mantegna, Botticelli.

'Het is bekeken door oude bedelaressen, door Europese keizers en studenten, door miljardairs van overzee, door pausen en Russische vorsten,' schreef Grossman.

Ze had het 'Wir sind das Volk!' kunnen horen van de belendende Theaterplatz en haar blik zou dezelfde zijn gebleven. Kalm en treurig.

Het volk dat in de DDR-tijd voor zestig cent entree tot haar had gekregen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden