Mad Men: projectie van de taboes van nu op het verleden

De afgelopen weken is het nodige geschreven over ’Mad Men’, een dramaserie over een Amerikaans reclamebureau, begin jaren zestig.

De kritieken zijn juichend, en dat is niet alleen in Nederland zo, overal waar de serie wordt uitgezonden is de waardering groot. Ik volg Mad Men sinds de BBC met uitzending begon, eind vorig jaar.

Dat heeft een speciale reden: mijn vader werkte in die jaren bij een Amerikaans reclamebureau. Niet in New York maar in Amsterdam, aan de Weesperstraat, toen zo’n beetje de Madison Avenue van Nederland. Hij was op dat moment ongeveer zo oud als de mannen in Mad Men en zijn leven leek ook wel op het hunne. De cases, campagnes en slogans die in Mad Men het onderwerp van gesprek zijn, waren dat bij ons thuis ook. De boeken waar ze uit citeren stonden in onze boekenkast.

De vroege jaren zestig, het waren de wittebroodsweken van het consumentisme, die korte, onbezorgde periode, toen de schaarste voorbij leek en het schuldgevoel nog moest komen.

Ook ik kijk ademloos naar Mad Men. De dialoog is sterk, het spel is superieur en de art direction is van een griezelige nauwkeurigheid. Als autoradio’s destijds bij inschakeling van het contact niet vanzelf aangingen, mag dat in de serie ook niet. Zelfs de slipjes van de actrices moeten periodegetrouw zijn, en de producer eist dat ze de hele draaidag in kostuum blijven, of ze scènes hebben of niet, zodat ze ermee vergroeien. Maar zoals de personages van Mad Men zich in dat perfecte decor gedragen is allesbehalve realistisch. Dat grenst aan het karikaturale.

Alcohol op de werkplek is tegenwoordig taboe, toen was dat anders, maar wat ze in Mad Men onder kantoortijd doen is geen drinken, dat is slempen.

Hetzelfde met roken. In Mad Men is roken niet toegestaan, nee, er móet gerookt worden, als een schoorsteen, onafgebroken, door iedereen. Ook het seksisme van de mannen is extreem. Ongewenste intimiteiten waren toen legio, zeker, het verzet daartegen is niet voor niets ontstaan, maar de mannen in Mad Men zijn geen prefeministische haantjes, het zijn onvervalste geilneven, die geen vrouw kunnen zien zonder haar the eye te geven of, als het even kan, te betasten. Ook homofobie, racisme en antisemitisme liggen er wel erg dik bovenop. Het zijn niet de beginjaren zestig die je in Mad Men ziet, het zijn de taboes van vandaag, geprojecteerd op het verleden.

Het is alsof de makers naar die jaren kijken als een soort Middeleeuwen, een tijdperk dat in Hollywoodfilms ook vaak wordt voorgesteld als een poel van wreedheden, liederlijkheid en smerige ziekten, gewoon voor het effect. Tijdperken kunnen geromantiseerd worden, maar ook gedemoniseerd.

Voor mijn generatie waren de jaren vijftig een gruwel, een muf, bedompt tijdperk dat gelukkig nooit meer terugkwam. Ach, zó erg was het niet, zeiden onze ouders. De meeste makers van Mad Men zijn van na 1965, misschien hebben zij hetzelfde met de jaren zestig. Misschien idealiseren zij de jaren zeventig, de onderhuidse politieke correctheid van Mad Men zou daarmee deels verklaard zijn.

De geschiedschrijving van een tijdperk evolueert met de jaren, als een slang die van huid verandert. Misschien is dat wat we in Mad Men zien: de nieuwe huid van de jaren zestig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden