Review

Maar waar zijn J. H. Donner en zijn notabele vader?

Zo'n 50 000 eigennamen uit de databanken van de Grote Winkler Prins, elk voorzien van een mini-toelichting, heeft Elsevier alfabetisch geordend in een handzaam en ietwat prijzig compendium: namen van historische en hedendaagse personen, van organisaties en instellingen, van steden, dorpen en streken.

Een nuttig opzoekboek voor wie fluks wil vaststellen, wie schuilging achter het pseudoniem Nienke van Hichtum, in welk jaar de Guardia Civil werd opgericht, waar Colijnsplaat ligt en of Shakespeare en Cervantes inderdaad in hetzelfde jaar stierven.

Het zou flauw zijn, de namen op te sommen die ik vergeefs heb gezocht. Wie begeert er nou informatie over James Hadley Chase, Wilhelmina Bladergroen, C. E. M. Joad of Corry Vonk? Maar dat Isaiah Berlin en zowel J. H. Donner als diens notabele vader ontbreken, zal ook anderen verdrieten. Wél aangetroffen, onder tienduizenden: Sonja Barend, Georges Brassens, Trouw's eerste hoofdredacteur Bruins Slot, J. J. Buskes, Lea Dasberg, Glenda Jackson, Otto Jespersen, Leopold Flam, Peter Schilperoort en Sarah Vaughan. Men ziet: de samenstellers hebben, ook in de twintigste eeuw, hun netten breed uitgeworpen. Vlekkeloos presenteren ze hun vangst niet. De voornaam van Bernard-Henri Lévy eindigt niet op een y, het letterwoord SS staat voor Schutzstaffel (in plaats van Schutzstaffeln) en T. S. Eliot was een Engelse schrijver van Amerikaanse afkomst, geen Amerikaans schrijver van Britse afkomst. Maar de tekst over de balk en de splinter indachtig verwijt ik de redactie niets.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden