'Maar ik lees nog wel!'

AMSTERDAM - Een schrijver die ophoudt met schrijven zonder dat de dood daar de oorzaak van is. Is dat niet een beetje typisch? Een betonvlechter krijgt zo tegen z'n vut doorgaans genoeg van dat betongevlecht, maar een schrijver schrijft toch door totdat je z'n handen eraf hakt?

AREND EVENHUIS

Die voorstelling vond onlangs in zijn woning plaats. Het dramatische hoogtepunt vormde de vrachtwagen van boekopkoper De Slegte, die voor Venema's huis stilhield om het restant van z'n bibliotheek op te halen. Zelf was hij er niet bij toen de ongeveer 6000 boeken het huis verlieten. Vrienden hielpen op dit moment supreme sjouwen, verwijderden de lege boekenkasten, stopten de achtergebleven gaten in de muren dicht, verfden de muren wit en hingen schilderijen op. Toen Venema 's avonds terugkeerde, was z'n huis tien keer groter geworden en rook het naar verf. "Dan zie je opeens hoe neerdrukkend en dominant zo veel boeken zijn. Het is heel bevrijdend hoor, zo'n licht, wit huis."

Over negen maanden - de bevallingsperiode is puur toeval - krijgt de Laatste Voorstelling nog een reprise: dan verschijnt Venema's laatste deel over collaborerende kunstenaars tijdens de tweede wereldoorlog. Dan volgt nog een keer het ritueel van drukproeven corrigeren, de van verontwaardiging over elkaar heen tuimelende recensies, en het 'waardige afscheid' dat uitgever De Arbeiderspers voor hem in petto heeft. Maar geschreven wordt er vanaf dit moment niet meer. Het lijkt wel een acute modegril onder Nederlandse schrijvers om je boeken zonder omweg bij de Slegte te dumpen. Eerder stond Boudewijn Buch al met z'n bibliotheek op de stoep van 's lands grootste boekop/ver/her-koper.

Boeken beschouwt Venema niet als een privebezit, in tegenstelling tot z'n archief dat hij persoonlijk heeft vernietigd. Het maken van een selectie voor de exodus naar De Slegte was vanaf den beginne ondoenlijk. Dan zou het einde zoek zijn, en Venema weer bij het begin uitkomen: "Dan hou je toch alle boeken." Omdat hij 'nogal inleggerig' van aard is, moest hij wel alle boeken op losse briefjes nazien. "Het viel mee; elke avond een uurtje." De aantekeningen, opmerkingen en kruisjes die hij op de bladzijden maakte, behoren nu eveneens tot het fonds van De Slegte.

Ook de dagen van de kunsthandel, die hij naast het schrijversschap dreef, zijn geteld. "Het is een proces dat groeit. Ik denk dat je het beter begrijpt als je zelf 50 bent. Een katharsis? Nee, dat is een te groot woord. Het is eerder de behoefte, die ontbreekt. Als ik nu nog boeken koop, geef ik ze na lezing weg. Ik wil geen stapeltjes meer. Ook m'n meubels ben ik aan het verkopen, en te zijner tijd ga ik m'n huis opheffen. Dan ga ik in hotels wonen, zoals mensen vroeger deden. Heel simpel: je sluit een contract met een ontzettend aardig hotel in het centrum. Het hechten aan bezit is voorbij. Je bent per slot van rekening alleen maar rentmeester. Na je dood ben je ook alles kwijt, dan kun je het beter tijdens je leven kwijtraken en er nog plezier aan beleven."

Venema is tamelijk monter onder de gevolgen van z'n eigen besluit. "Een heleboel schrijvers zijn ook voor hun dood gestopt, alleen merk je daar dan niets van. Die raakten verzuurd, gaven hun uitgever er de schuld van dat hun boeken niet meer verkochten. Ik ken zo veel mensen, ook van mijn leeftijd, die wrokkig zijn omdat alleen de Meppeler Courant hun boeken bespreekt. Ik heb geen zin in een fade away, en daarom stop ik nu. Iedereen vindt het normaal dat je je premiere - het debuut - aankondigt; nou, dan kun je ook je laatste voorstelling aankondigen. Jaren geleden zei ik al: ik stop op m'n vijftigste met schrijven. En nu is het zover. Ook al jaren geleden zei ik: op m'n 45ste ga ik in Parijs wonen. En dat heb ik gedaan ook. Het is een kwestie van het lot dwingen. Nee, ik schrijf echt niet meer, onder geen beding. Als ik volgend jaar weer zou beginnen, ben ik de risee. Dat kan niet."

De reacties op zijn besluit waren overwegend positief. "Ik ben geliefder dan ooit. Er zullen best mensen met een lijk in de kast zijn, die denken: 'goh, straks gaat-ie daar ook nog over schrijven."

Dat doet-ie dus niet, en in plaats daar van trekt Venema door de wereld. Eerst maar weer eens naar Saba, dan met de auto en via Petrograd naar Lapland "Ik wil dat licht in de zomer wel eens zien" - om via Oslo naar Nederland terug te keren. Misschien dat hij in Karigasniemi het vliegtuig naar Spitsbergen en terug neemt, misschien ook niet.

Klappen

Of er misschien ergens sprake is van een sprankje teleurstelling of boosheid? Nee, ook niet om de scheldpartijen, bedreigingen en klappen die hem ten deel vielen. "Gekken lopen overal rond. Zie de aanvallers van Hofland en Hermans. Daar kun je je niet tegen wapenen. Of je moet zeggen: 'ik doe dit publieke werk niet meer." Het enige waar hij zich 'diep gekwetst' over heeft gevoeld, is uitgerekend een recensie in Trouw, waarin gesteld werd dat de Arbeiderspers de serie over uitgevers en collaboratie niet meer terug kon trekken vanwege de 'riante voorschotten' die Venema zou hebben ontvangen.

"De waarheid is dat ik helemaal geen honorarium wilde hebben! We hebben een contract opgesteld waarmee het honorarium terug werd gestort in de kostenpost verkoopprijs. De delen konden zodoende 59 in plaats van 69 gulden per exemplaar worden. Aan deze zo beladen reeks wilde ik niet verdienen. Geld verdienen kun je overal, maar niet aan de tweede wereldoorlog."

Is hij ook nooit van woede ontploft wanneer zijn bevindingen massaal als zwart-wit werden weggewimpeld, dat de grens tussen Goed en Kwaad een heel groot niemandsland kent? "Als ik begin te schrijven, dan stel ik het zwart-wit. Dat klopt. Anderen poneren vervolgens grijze stellingen, die gaan nuanceren. Ik neem ook dingen terug, hoor. Het slothoofdstuk barst van de reacties en rectificaties. In deel I schrijf ik over Wim Zaal en de echt foute dichter Albert Kuyle, waardoor het lijkt alsof Zaal het anti-semitisme van Kuyle niet zo erg vond. Nu schrijf ik: 'ik heb dat blijkbaar niet zo goed gelezen.' Maar wat goed is en wat kwaad is? Daar was in de oorlog geen enkele twijfel over! Dat wisten ze toen dondersgoed. Pas later zijn ze gaan nuanceren: collaboratie werd opeens accommodatie. Je dienstbaar maken aan een ideologie die gebaseerd is op rassenwaan = fout. Punt uit. Die vertroebelende reacties zo veel jaren na de oorlog! Die hypocrisie over de Weinreben Fassbinderaffaire! Ja, ik wind me toch weer op. Je ziet: het is niet een knop die ik zomaar omdraai. Laten we het gesprek nu beeindigen."

Een laatste poging: een schrijver zonder boeken, dat kan toch hoegenaamd niet? Dat is toch een vis die in de woestijn zwemt? Adriaan Venema: "Dat klopt. Ik ben ook geen schrijver meer. Ik ben ex-schrijver met een ex-bibliotheek. Maar ik lees nog wel! Als ik een boek nodig heb, weet ik het bij De Slegte te vinden en koop ik het."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden