Maakt een taboe op ivoor in huiskamer of museum echt kans?

Beeld AP

Prins William wil van de ivoorcollectie van zijn grootmoeder af. Maar heeft het vernietigen van oud ivoor wel zin? Kan het publiekelijk verbrijzelen van slagtanden of ivoren voorwerpen de wilde olifant redden?

De hertog van Cambridge wil de 1200 ivoren kunststukken die in Buckingham Palace staan allemaal vernietigen om een signaal af te geven dat wereldwijd navolging moet krijgen: alles van ivoor moet verdwijnen. Het vernietigen van ivoren voorwerpen, hoe oud ook, draagt een steentje bij in de mondiale strijd tegen het illegaal doden van bedreigde dieren is de gedachte.

We komen ze niet alleen in privécollecties tegen, maar ook in musea over de hele wereld én in onze eigen huiskamers. Ivoor werd door de geschiedenis heen veelvuldig verwerkt in dagelijkse gebruiksvoorwerpen, zoals schaakstukken, biljartballen, muziekinstrumenten, klokken, speelgoed, handgrepen van geweren en pistolen, wandelstokken en sieraden.

Sommige van deze ivoren voorwerpen hebben we zelfs geërfd van onze eigen grootmoeder. Moeten we nu nog afstand doen van objecten die gemaakt zijn van slagtanden afkomstig van dieren die decennia of eeuwen geleden werden gedood?

Kunstliefhebbers zeggen van niet. Zij gruwen zelfs van het idee dat deze voorwerpen worden verwoest, alleen omdat ze uit ivoor bestaan. Zij zien het verband niet tussen het redden van bedreigde dieren en het kapotmaken van kunststukken die eeuwen geleden zijn gemaakt.

Noodgeval
Toch is het nodig, zegt ecoloog en natuurbeschermer Paula Kahumbu in The Guardian: "Het zou verkeerd zijn om voorwerpen van culturele waarde kapot te maken, als het geen zin heeft. Maar, in noodsituaties kun je niet voorkomen dat waardevolle dingen worden vernietigd zodat een belangrijker doel kan worden bereikt."

Kahumbu vergelijkt het met een chirurg die een arm of been moet amputeren om een patiënt te redden. Ook dat is zo'n noodgeval. Gebeurt er niets, dan is de olifant over een paar jaar uitgestorven.

"Als je tegen het vernietigen van ivoren voorwerpen bent, dan kun je niet anders concluderen dat deze kunststukken van ivoor belangrijker zijn dan de olifanten. Maar het vernietigen van deze voorwerpen, betekent niet dat de cultuur die deze voorwerpen voortbracht ook wordt verwoest."

De in Kenia geboren Paula Kahumbu werd actief als natuurbeschermer in de jaren tachtig toen de olifantenstroperij een piek had bereikt. Ze wilde de hele ivoorvoorraad van het Oost-Afrikaanse land in kaart brengen, maar die klus ging letterlijk in rook op: in juli 1989 zond Kenia een krachtig boodschap uit naar de wereld met de eerste openbare verbranding van een gigantische berg ivoor.

Stigmatiseren
Net als Kahumbu was schrijfster en natuurbeschermer Kuki Gallmann aanwezig bij die eerste publiekelijke verbranding van ivoor in Kenia: "Het ultieme doel is om ivoor onaantrekkelijk te maken door het bezit en het tentoonstellen van ivoren voorwerpen te stigmatiseren, hoe verfijnd en mooi deze voorwerpen ook mogen zijn."

In de Verenigde Staten lijkt een taboe op ivoren voorwerpen realiteit te worden. Net als in Nederland wordt de import op ivoor verboden. Daarnaast worden er wetten voorbereid die de handel van ivoren voorwerpen binnen de VS niet langer toestaat.

In Amerikaanse media klinkt veel kritiek op de nieuw wet. "De regering Obama ziet straks bijna elke antiekhandelaar of veilingmeester, en iedereen die in bezit is van een product waarin ivoor is verwerkt, als een crimineel. De VS willen de verkoop van alle ivoren objecten verbieden, zelfs als ze decennia geleden zijn gemaakt", schrijft buitenlandredacteur Doug Bandow in het blad Forbes.

Aan het verbod op alles wat geheel of gedeeltelijk uit ivoor bestaat, kleeft nog een nadeel, meent Bandow, namelijk die van de onzichtbare illegaliteit. "De zwarte markt voor ivoren producten zal met een verbod alleen maar worden gevoed. Daarnaast zal de aandacht voor handhaving van het nationale ivoorverbod ten koste gaan van de bestrijding van de wereldwijde illegale ivoorhandel."

Ook The Spectator zet vraagtekens bij het nut van een verbod op de handel in ivoren voorwerpen. Het is de verkeerde aanpak, wordt er gesteld: "In plaats van te proberen om ivoor waardeloos te laten zijn, moeten we proberen om olifanten meer waarde te geven."

Slechte investering
Maar de Keniaanse ecoloog Kahumbu meent dat een verbod op ivoor en het liefst een totale ineenstorting van de ivoormarkt het ultieme doel moet zijn. "Alleen als de vraag naar ivoor stopt en het onmogelijk is om waar ter wereld ivoor te kopen of te verkopen, kan er werkelijk verschil worden gemaakt voor de nog in het wild levende olifanten."

Nu is het wel zo, geeft Kahumbu toe, dat er nog onvoldoende kennis is over de groeiende vraag naar ivoor. Daarentegen hebben recente onderzoeken weer aangetoond dat de vraag vanuit China vooral afkomstig van de rijke middenklasse die ivoor, net als goud, als een goede lange termijn investering ziet.

De actie van prins William kan daar volgens Kahumbu zeker verandering in brengen, want als ivoren producten niet meer geaccepteerd worden in de samenleving, zullen ook investeerders in China en elders ter wereld ontdekken dat ivoor niet alleen moreel verkeerd is, maar ook een slechte investering blijkt te zijn.

"Dus geef de burger de kans om te laten zien dat ze tegen ivoor zijn en steek het Koninklijke ivoor in de fik", sluit Kahumbu haar betoog af. "Het liefst voor Buckingham Palace zelf, en nodig iedereen uit die eigen ivoren spullen van thuis ook wil verbranden."

Beeld afp

De handel en de vernietiging

Sinds de jaren 80 is het stropen van olifanten niet zo'n groot probleem geweest. Jaarlijks worden tienduizenden olifanten illegaal gedood.

Volgens onderzoekers van het Afrikaprogramma van Chatham House, het onafhankelijke Britse instituut voor de bestudering van internationale vraagstukken, verdienen internationale criminele bendes en gewapende groepen per jaar ongeveer 10 miljard dollar (7,3 miljard euro) met de handel in bedreigde diersoorten en producten van die dieren, zoals ivoor en hoorns.

De eerste publiekelijke verbranding van ivoor vond eind jaren tachtig plaats in Kenia. In Europa werd pas twee weken geleden voor het eerst op grote schaal ivoor vernietigd. Op de meeste prominente plek van Parijs, onder Eiffeltoren, werden een kleine zevenhonderd slagtanden tot poeder vermalen. In Londen werd vorige week, voor aanvang van de Internationale Wildlife Conferentie, ivoor in het openbaar vernietigd. En in de zuidelijke Chinese provincie Guangdong werd op 6 januari 2014 publiekelijk zes ton aan ivoor verbrijzeld.

Morgen belanden tientallen in beslag genomen olifantenslagtanden in Tsjaad op de brandstapel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden