'Luns was hier nog vaste klant, kwam met zijn dienstauto voor een harinkje'

UTRECHT - De hedendaagse vishandelaar zou het niet zo nauw nemen met de hygiëne. Deze week kwam de Consumentenbond met een onderzoek, waaruit blijkt dat een op de vijf vissen ongeschikt is voor consumptie. Rob van Hees van vishandel P. J. Oostveen in Utrecht verbaast het weinig. “Als je ziet hoe de vis op de markt er soms bij ligt.” Een gevoelige tik voor de branche? “Nee, viswinkels met een goede naam profiteren juist van dit soort onderzoeken.”

RUTGER VAHL

Zodra het mes zich in de buik van de haring heeft geboord is het in een mum van tijd bekeken. Ingewanden weg, kop en vel er af en de graat eruit. “Dat was 'm dan, de haring”, zegt vishandelaar Rob van Hees (39) met gepaste trots. “Onherkenbaar toch? Het schoonmaken van een haring is een vak apart.”

Van Hees werkt nu een jaar of acht in de vishandel aan de Nobelstraat. Die is geen onbekende in Utrecht. De winkel bestaat sinds 1907 en heeft een goede naam opgebouwd.

“Luns is hier nog vaste klant geweest. Hij kwam met zijn diensatuto langs voor een harinkje”, vertelt Van Hees. Over het onderzoek van de Consumentenbond heeft hij nog niemand gehoord. “Het leeft niet zo onder de mensen die hier kopen. Vaak komen ze hier al jaren. Ze weten dat ze hier goede vis krijgen”.

Vishandel Oostveen voelt zich dan ook niet aangesproken door het onderzoek. Van Hees: “Wij hebben niets te verbergen. De vis ligt bij ons altijd in het ijs, dan kan er weinig mee mis gaan.” Hij wijst op de bakken met kabeljauwfilet, schol, tong en zalm. De vis ligt in een flinke hoeveelheid ijs.

Oostveen krijgt zijn vis van leveranciers. Zelf naar de afslag gaan is er al sinds jaar en dag niet meer bij. “Dat is allemaal nachtwerk, dat moet je laten doen.” Van Hees acht het onderzoek vooral van toepassing op de leveranciers. “Ik zie het als een teken dat ze goed moeten blijven opletten welke vis ze aanbieden.”

“Als ik hier een vis binnenkrijg die niet goed meer is, bel ik mijn leverancier op. De volgende dag neemt hij de vis mee terug. Het komt niet vaak voor, maar toch. Ik kan zoiets niet accepteren, in het belang van de klant en van de zaak. Onze winkel levert bijvoorbeeld aan het Antoniusziekenhuis. Stel je voor, dat je mindere kwaliteit levert, dat is ondenkbaar.”

Volgens de Consumentenbond blijft de vis soms te lang in de winkel liggen. Een kwestie van goed inkopen, meent Van Hees. “Ik weet hoeveel ik waarvan nodig heb. Het is beter halverwege de dag tegen een klant te zeggen: 'sorry, maar ik ben uitverkocht', dan dat de vis overblijft.”

Henny Manschot (43), die ook in de winkel werkt, ziet vooral op de markt praktijken die niet door de beugel kunnen. “Ik wil niet alle kramen zwart maken, maar vaak wordt daar toch nauwelijks gekoeld. En de klanten zitten met hun vingers aan de vis. Ze knijpen er in, ze hoesten er boven. Dat gebeurt bij ons niet.”

“Zo'n onderzoek werkt alleen maar positief”, meent Van Hees. De mensen worden nog eens attent gemaakt waar ze op moeten letten. Ik denk dat het onderscheid tussen slechte en goede vishandelaren beter gemaakt zal worden.”

De haring is in trek vandaag. Van Hees moet tijdens dit gesprek menigmaal het fileermes ter hand nemen. “Er zijn ook verkopers die 's ochtends een stapel haring klaar maken. Dat doen wij niet. Voor elke klant haal ik nieuwe haring uit de pekel. In verband met de versheid is dat.” Het fileren gebeurt midden in de winkel. Een eis van de Keuringsdienst van waren, zegt Van Hees.

“De klant moet zicht hebben op wat je doet. Op die manier kun je geen wijting voor kabeljauw verkopen, zoals op de markt wel eens gebeurt.” De dienst komt ongeveer één keer in de drie maanden en controleert op hygiëne en kwaliteit van de vis. Wie in gebreke blijft, kan op een fikse boete rekenen. “Het moet gewoon goed schoon zijn, de temperatuur van de koeling laag en de vis goed. We hebben er nog nooit wat van gehoord”, zegt Manschot.

Van Hees is van huis uit kok. Toen dat ging vervelen, solliciteerde hij naar deze baan. “Er was weinig anders op dat moment. Nee, een diploma had ik hier niet voor. Dit vak leer je met de tijd. Je staat er naast, je kijkt en op een gegeven moment doe je het zelf. Ik ben er een paar jaar uit geweest, weer in de horeca gewerkt. Dat beviel tenslotte ook niet meer. Nu sta ik sinds kort weer in de vishandel en het is de bedoeling dat ik de zaak ga overnemen”.

Henny Manschot werkt sinds twee jaar in de vishandel. Nadat de kinderen oud genoeg waren wilde ze aan de slag. “Ik zag deze advertentie en reageerde. Mensen zeiden: in een viswinkel? Hoe kun je dat nou doen? Maar ik ben gek op vis. Ja, het stinkt. Je moet je kleren buiten hangen.” “Het is meer voor anderen. Zelf ruik je het niet meer”.

Stinkende handen is daarentegen wel een probleem. De visgeur gaat diep in de poriën zitten en handen wassen helpt weinig. Vooral vervelend als je 's avonds in het café een biertje wil drinken, zegt Van Hees. Hij heeft er een middeltje tegen. “Ik smeer mijn handen in met Hollandse mosterd. Dan is de geur weg.” Henny Manschot: “Tandpasta schijnt ook goed te werken.”

Meneer Bosselaar is al jaren vaste klant bij vishandel Oostveen. “Ik kom hier al zeventig jaar, dat geloof je zeker niet, maar ik ben 78. Wat ik me van vroeger vooral herinner? Ik herinner me Riet, het stuk van de Nobelstraat. Die stond hier achter de toonbank”. Henny Manschot “We hebben nog tientallen mensen zoals meneer Bosselaar, oude klanten met een vaste route door de stad. Vaak wonen ze niet meer in de binnenstad maar ze blijven langs komen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden