'Lukt het me tijdens de mis me te richten op God?'

In de Maand van de Spiritualiteit volgen Trouw en KRO drie vrouwen bij hun gang langs het spiri-aanbod. Vandaag (slot): de Latijnse mis met Suzanne van der Schot.

Koert van der Velde

Na afloop hangt er een dunne mist in de nok van Agneskerk. Het uitgebreide ritueel van de priester, bijgestaan door drie volwassen misdienaren, is ten einde. De gelovigen, die tot slot en hoogtepunt de hostie hebben kregen, banen zich verkleumd een weg naar buiten.

„Het is toneel met als doel het mysterie over te brengen”, zegt ex-non Suzanne van der Schot over de hoogmis volgens de tridentijnse ritus in deze rooms-katholieke kerk in Amsterdam. Op de alles bij elkaar twaalf minuten durende schriftlezingen, preek en mededelingen na, gaat alles in het Latijn, en voltrekt het ritueel zich in de richting van het altaar.

Van der Schot vindt het ’prachtig’. De lijsten heiligen en martelaren die worden opgesomd, bijvoorbeeld. „Vooral de eerbied waarmee het ritueel wordt voltrokken raakt me. Terwijl ik natuurlijk best weet dat de priester ook maar een mens is. Misschien staat hij ondertussen wel winden te laten.”

„Het schaaltje dat ze onder je kin houden op het moment dat ze de hostie op je tong leggen vind ik wat overdreven. Er zou eens een korrel van ’het lichaam van Christus’ op de grond vallen, voor deze mensen een schrikbeeld. En terwijl je al knielend het taaie ding op de tong gelegd krijgt, word je geacht je handen onder een wit servet te verbergen. Kennelijk zijn ze onrein.” Dit vindt ze wat ’al te formalistisch’ en ’ietsje te veel poppenkast’.

„Je krijgt het toch nooit zoals je het zelf graag zou willen,” relativeert ze. „Belangrijk is hoe je in de kerk zit. Lukt het je te richten op God of ben je vooral bezig met de leuke rokjes die je hebt zien hangen in de Bijenkorf?”

Ze waardeert alle aandacht voor het ritueel waardoor de nadruk volgens haar voor negentig procent op God komt te liggen, en maar voor tien procent op de mens, terwijl dat in de doorsnee parochie tegenwoordig andersom is.

Ook voor Van der Schot is het centrale ritueel de eucharistie. „Dan word ik gevoed door het lichaam en bloed van Christus”, zegt Van der Schot, die benadrukt dat die tien procent ook hierbij onmisbaar is. „Het deelnemen houdt een opdracht in voor de komende zes dagen”.

Van der Schot, tegenwoordig lerares Nederlands, heeft onlangs een boek geschreven met haar persoonlijke Jezus-interpretatie – ’De minnaar, de monnik en de rebel’. Ze vertelt welke betekenis de kruisdood van Jezus voor haar heeft. „Jezus is gestorven voor mij. Door wat ik doe of nalaat, sterven er mensen elders op de wereld – zoals door mijn consumptiedrang. Ik ben daar medeverantwoordelijk voor.

Jezus is het symbool van hun onschuldige dood. Symbolisch ben ik ook verantwoordelijk voor zijn dood. In de eucharistie wordt getoond dat God de mens te hulp schiet: Jezus verrijst. De dood heeft niet het laatste woord.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden