'Luister niet naar je vrouw' (als het om mode gaat)

interview | De Nederlandse man en de mode - het is vaak een ongelukkig duo. Arno Kantelberg, hoofdredacteur van mannenblad Esquire, schreef een stijlgids vol wenken en adviezen. 'Als ze hun best doen, ben ik al complimenteus.'

Laten we maar meteen beginnen met het meest omstreden kledingstuk uit de mannengarderobe: de korte broek. Die is alleen voor de camping, toch? Nee hoor, zegt Arno Kantelberg. "Als de mussen van het dak vallen draag ik gewoon een korte broek naar mijn werk. Daar zeggen ze inmiddels niks meer van. In Nederland krijgt een man echt een wagonlading gezeur over zich heen als hij in korte broek verschijnt. Kijk, ik zou er niet meteen mee op de beursvloer gaan staan. Maar in een creatief beroep kan het prima. Je moet er wel een beetje de benen voor hebben - dat geldt natuurlijk ook voor vrouwen in rokjes, maar die trekken zich daar vaak niets van aan. De samenleving is veel strenger voor mannen, als het over kleren gaat. Ik ben dat niet."

Kantelbergs stijlboek 'Man op z'n best' staat dan ook niet vol met strikte kledingvoorschriften. Het is eerder een verzameling wenken en adviezen van iemand die de finesses van de mannengarderobe volledig beheerst. "Alles mag, maar het ene is wel beter dan het andere." Kantelberg (48), gestoken in een mooi gesneden jasje met daaronder een coltrui, heeft het zelf ook allemaal moeten leren - als hoofdredacteur van mannenglossy Esquire heb je geen keus. "Ik had er altijd wel interesse voor, maar ik kom uit Gemert, het Brabantse dorp met het hoogste percentage agrariërs per inwoner - je kunt je de dagelijkse catwalk dus wel voorstellen. Ik was ietsje beter gekleed dan de rest, maar ik ging niet in maatpak naar school."

Niet alleen in zijn eigen blad, ook in het magazine van de Volkskrant geeft Kantelberg mode-adviezen - elke zaterdag becommentarieert hij de kledingkeuze van een bekende Nederlandse man. "Dat doe ik op een vrolijke toon, ik zaag niemand bij de knieën af. Als mensen hun best doen ben ik al complimenteus. Het stoort me als ze zich met een arrogante desinteresse bij officiële gelegenheden vertonen."

Is het echt zo slecht gesteld met het modegevoel van de Nederlandse man als soms wordt beweerd?

"Wel als je ons vergelijkt met Italianen, maar de hele wereld steekt schril af bij Italianen. Als je ons naast Duitsers zet, valt het reuze mee. Het is qua kleur wel vaak herfst in de kledingkast van de Nederlandse man, en hij heeft veel ruitjesshirts en spijkerbroeken. Wat als grauwsluier over ons heen hangt, is de bevrijdingsbeweging van de jaren zeventig, toen zijn alle regels afgeworpen. De Nederlandse man heeft die ontwikkeling meer dan wie ook ter wereld omarmd. Wij zijn een casual volk geworden, een zee van spijkerbroekenblauw. Verschijn je in een pak, dan is al snel de vraag: ga je naar een begrafenis? Het is de ironie van de geschiedenis: jeans waren een teken van rebellie, nu is het conformisme ten top. Burgerlijker dan een spijkerbroek wordt het niet."

Maar de vrouw heeft een nog veel kwalijker invloed op de kledingstijl van de Nederlandse man, zegt Kantelberg.

"De rol van de vrouw is helaas geen vrolijke. Die is niet enthousiasmerend, maar oordelend. Ze heeft iets te vaak 'Sex and the City' gekeken en denkt dat ze de man constant moet corrigeren. Dat dat grappig en gevat is. Dan weten ze opeens dat witte sokken niet kunnen. Wat is er mis met witte sokken - JFK droeg niet anders." Mannen worden daar ongemotiveerd en onzeker van. "Als ze nou eens zou zeggen: 'Leuk Wim, zo'n jasje, ziet er goed uit.' De man wil door zijn eigen vrouw, en anderen, goed beoordeeld worden. Een compliment doet wonderen." Kantelberg heeft het thuis, hoe kan het anders, beter geregeld. "Ik koop de kleren van mijn vrouw en kinderen. Mijn vrouw kookt. Dat vinden wij een verstandige verdeling van talenten."

Geen spijkerbroek dus, moeten we allemaal in pak?

"Er is niks mis met een mooie jeans - ik heb er nu zelf ook één aan - maar ik gun iedere man de luxe van een mooi, Napolitaans maatpak. Ik weet: veel mannen voelen zich erg gekleed in een pak, ze vinden het niet comfortabel. Een stropdas voelt letterlijk als een strop. Nou ja, Nederland hoeft niet vol dandy's te gaan lopen, zoals in Milaan. Er zijn prima alternatieven. Met onze casualness - is dat een woord? - spelen we juist een voortrekkersrol. De combinatie van een jasje met een chino of spijkerbroek is typisch Nederlands en dat zie je nu overal in de wereld, echt een poldermodel. Zorg wel dat de broek lichter van kleur is dan het jasje. Heb je geen zin in een overhemd? Een coltrui onder een jasje staat ook heel goed. Ik ben een groot voorstander van comfort. Maar dat betekent niet dat ik een afritsbroek en fleecejas draag."

Zijn mannen eigenlijk wel zo geïnteresseerd in mode?

"Ik weet zeker dat iedere man 's ochtends even in de spiegel kijkt. De een wat langer dan de andere, en niet allemaal verbinden ze er een actie aan. Het gaat bij mij echt niet om de modekleur van het seizoen: proportie, silhouet - bekijk jezelf eens met half dichtgeknepen ogen - klopt dat beeld een beetje? Als je dat onder de knie hebt, is het verder niet zo ingewikkeld. Er zijn vast ook mannen die het geen jota interesseert, maar de meesten hebben toch een basisbelangstelling. IJdelheid is overal, het is alleen taboe."

Zouden ze bang zijn dat het een beetje homo-achtig is?

Spottend: "O ja, dat is natuurlijk het áller-ergste wat een heteroman over zich heen kan krijgen. Dat-ie een hómo is! Toen ik jonger was en nog sluik blond haar had, zeiden ze dat ook over mij. Nou en? Weet je wat interessant is? In Italië zijn ze zo macho, dat het daar helemaal niet speelt. Dolce & Gabbana hadden een paar jaar geleden een campagne met een voetbalteam, AC Milan geloof ik. Zag je al die stoere gasten, helemaal ingeolied in alleen een superstrakke onderbroek. Homo-erotica ten top. Die voetballers vonden het hartstikke mooi: geen haar op het hoofd van de Italiaanse machoman die bedenkt dat dit gay zou kunnen zijn.

Zo'n conservatieve machocultuur maakt dat ze zich als nicht kunnen kleden, want dat zijn ze toch niet. Bij Marokkanen idem dito: het bestaat niet dat de Marokkaan homo is en dus kunnen ze alles dragen. Zo'n klein tasje over hun schouder bijvoorbeeld - een flikkertasje noemden wij dat vroeger. Dragen Marokkanen zonder probleem - en dan doen de wannabe mocro's het dus ook. Daardoor durven jonge mannen in Nederland veel meer op modegebied. Dat is een groot voordeel van de multiculturele samenleving."

De meeste mannen die ik ken, houden niet van winkelen.

"Ik wil ook niet dood gevonden worden in de Kalverstraat. Online kun je heel veel vinden. Maar dan moet je wel een confectiemaat hebben, zoals ik. Als je een wat lastiger lijf hebt, ga dan naar een goede herenmodezaak. Daar wordt alles meteen voor je op maat gemaakt. Ik zweer sowieso bij een kleermaker. Zelfs als je een makkelijke maat hebt, moet er altijd wel iets versteld worden. Mijn ene schouder is hoger dan de ander, daardoor zit mijn boord altijd scheef. Dat stoort mij. Een kleermaker lost dat op."

Is goede kleding altijd dure kleding?

"Een beperkte beurs is geen excuus meer om er niet goed uit te zien. Bij budgetketens als H&M, Zara en Topman kun je alles krijgen. Alle stijlen die je ziet op internet kun je voor weinig geld aanschaffen. Dat was in mijn jeugd wel anders. Wij moesten naar Eindhoven, daar kocht ik mijn eerste hippe bloesje, met van die Jackson Pollock-achtige verfdruppels. Kostte 190 gulden! Daar had ik lang aardbeien voor moeten plukken. Nu koop je voor 190 euro een hele wintergarderobe. Voor maximaal 250 euro heb je al een confectiepak. Prima voor een jonge jongen. Als je wat ouder bent, zou ik maatconfectie doen. Dat zijn pakken van winkels als Suit Supply of Pakkend, die kosten rond de 500 euro. Echt waar voor je geld. Een maatkostuum is te duur voor de gemiddelde Nederlandse man, dat heb je niet onder de 1000 euro. Maar geloof me: als je eenmaal het genot van zo'n jasje zonder flauwekul hebt gevoeld, dan wil je niet anders meer."

Ik heb nu een T-shirt met opdruk, een jeanshemd en een skinny spijkerbroek aan. Is dat te jeugdig voor een veertiger?

"Als ik zo zie welke merken je draagt, zou ik zeggen: voor dat geld heb je ook al snel een maatconfectiepak. Maar als het jouw stijl is: prima. Er is geen hogere stijl dan een eigen stijl. Jeroen Pauw heeft altijd vier knoopjes van zijn overhemd open. Ik hou daar niet van, maar dat hoort bij hem. Mijn goede vriend Wilfried de Jong droeg altijd zijn kraag over de boord van zijn jasje. De schillerkraag. Vond ik niet mooi, maar dat was heel lang zijn handelsmerk. Prima, perfect. Trek je niks aan van de regels. Luister alleen naar je innerlijke stijl-Taliban. Als je het zelf mooi vindt, dan is het goed. Doe alleen niet alsof het je niets interesseert."

Reageren

Vindt u (man) het belangrijk goed gekleed te gaan, of interesseert het u niet? Reageer, in maximaal 120 woorden. tijdpost@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden