Lucia de B., prooi voor de piranha's

Scenarist Moniek Kramer schreef het script voor 'Lucia de B.', de speelfilm over de Haagse verpleegkundige die ruim zes jaar onschuldig vastzat wegens moord en poging tot moord op patiënten. Lucia de Berk zelf las kritisch mee.

De opnames voor de speelfilm 'Lucia de B.', die begin volgend jaar uitkomt, zijn in volle gang, maar voor scenarioschrijfster Moniek Kramer zit na twee jaar het werk erop. Een worsteling met feiten en fictie, vond ze het schrijven van het script over de zaak die wordt beschouwd als een van de grootste justitiële dwalingen in Nederland. Rechters tot aan de Hoge Raad toe veroordeelden Lucia de Berk, alias de 'Engel des doods', tot levenslang, al dan niet met tbs. Pas na een herzieningsverzoek en heropening van de strafzaak concludeerden de rechters alsnog dat ze niets had misdaan.

"Lucia de Berk komt uit een disfunctioneel gezin. Haar moeder spoorde haar als jong meisje aan zich te prostitueren om voor het gezin geld te verdienen. Ze is het ultieme voorbeeld van een underdog die triomfeert over een machtig en corrupt systeem.

Ik zat in 2010 bij de kapper toen ze werd vrijgesproken. Terwijl de permanentjes rondom me introkken, fulmineerde iedereen hoe onrechtvaardig het was wat haar was overkomen, en dat ze een gigantische schadevergoeding moest krijgen. Ik was daardoor gefascineerd. Want ooit was ze in de media afgeschilderd als heks en geloofde iedereen in haar schuld. Ik ook."

Lucia de Berk werd nauw betrokken bij het ontwikkelen van het filmscript. Hoe was het om een hoofdpersonage te hebben die over je schouder meelas?

"Ik had soms het gevoel of ik op eieren liep. Ik wilde én een spannende, emotionele film schrijven én invoelbaar maken wat er was gebeurd én Lucia sowieso niet kwetsen, zeker niet na alles wat haar al was overkomen."

Hoe verliep het overleg?

"Terwijl haar man Peter in de keuken kroketjes voor ons frituurde, legde Lucia uit waarmee ze problemen had. Soms moesten we echt knokken voor wat we wilden. In het begin zei ze vaak: zo is het niet gegaan. Maar ze voelde de wetten van scenarioschrijven snel aan, dus was het later ook goed als het 'zo had kunnen gaan'. We kwamen op een punt dat we met de echte Lucia aan het praten waren over het filmpersonage Lucia.

Iets wat ze echt niet wilde? Ik had aanvankelijk een soort Erin Brockovich van haar gemaakt. Volks, sexy, een vrouw die lak heeft aan conventies. Lucia wilde dat pertinent niet. Zo was ze niet. Daarop besloten we in eerste instantie om ook haar prostitutieverleden niet te gebruiken."

De film wordt verteld vanuit de fictieve parketsecretaris Judith, die alles doet om Lucia achter de tralies te krijgen, maar vervolgens beseft dat ze zeer waarschijnlijk onschuldig is, en dan Lucia's veroordeling niet meer kan tegenhouden. Vanwaar deze aanpak?

"Ik heb het altijd ongemakkelijk gevonden om rond te struinen in Lucia's privéleven, maar dat was niet het ingewikkeldste. In mijn eerste versie van het script kwam Judith helemaal niet voor, maar speelde Metta de Noo een hoofdrol. Zij is de klokkeluidster die in 2005, samen met haar broer Ton Derksen, als eerste de media opzocht met een wetenschappelijk onderbouwd verhaal dat Lucia onschuldig was.

De Noo is echter de schoonzus van de 'Chef de Clinique' waar Lucia onder werkte. Er werd over Lucia geroddeld en daar ging die Chef de Clinique mee naar de directeur. Die stelde een onderzoek naar Lucia in. Opeens waren alle overlijdensgevallen waarbij Lucia betrokken was geweest verdacht en werd een persbericht de wereld ingeslingerd. Zonder De Noo's schoonzus was Lucia misschien wel nooit berecht en veroordeeld.

Bij Metta de Noo, zelf arts, groeide al snel het besef dat het bewijs tegen Lucia rammelde. En alleen De Noo's familie wist dat de Chef de Clinique, die de belastende dossiers rond Lucia aanleverde, een ernstige burnout had en haar werk niet goed kon doen. Maar niemand wilde de eigen familie afvallen - totdat Metta de Noo en haar broer toch de stilte doorbraken. Heel pijnlijk natuurlijk en het heeft binnen deze ooit harmonische familie tot een schisma geleid. Metta de Noo wilde voorkomen dat dat weer zou worden opgerakeld en verkocht daarom de rechten van haar boek niet aan producent Rinkel Film.

De fictieve Judith is gebaseerd op een bestaand maar altijd anoniem gebleven persoon, die bij de recherche werkte en ooit Lucia's advocaat heeft gebeld met de boodschap dat ontlastend bewijs was weggemoffeld. Uit die persoon is Judith voortgekomen. In haar kon ik veel van de mechanismen kwijt die leidden tot Lucia's veroordeling, maar ook veel van het werk van klokkeluider Metta de Noo en haar broer."

Hoe kon het zo ontzettend misgaan met deze strafzaak?

"Waargebeurde dingen overstijgen wat je met de grootste fantasie kunt bedenken. We hebben het er wel eens over gehad: als we in de film alles gebruiken wat er is gebeurd, dan wordt het ongeloofwaardig, dan haakt het publiek af.

De eerste bouwsteen voor Lucia's veroordeling: de roddel. Ze was veel ouder dan haar collega's, lunchte nooit met ze en zag er anders uit. Het feit dat ze ex-prostituee was, wel eens tarotkaarten legde en haar middelbare-schooldiploma bleek te hebben vervalst om de opleiding tot verpleegkundige te kunnen doen, maakte haar nog verdachter.

De tweede bouwsteen: een ziekenhuis waar het aantal sterfgevallen nogal hoog was en waar een verpleegster meldde dat Lucia steeds in de buurt was als iemand overleed en dat ze er 'een raar gevoel' over had. Na het eerdergenoemde persbericht over het onderzoek naar Lucia, meldden collega's dat ze 'vaak bij de medicijnkast' en 'eng mager' was.

Het klinkt nu allemaal ongelofelijk en onwaarschijnlijk, maar van verdacht werd ze schuldig. De ziekenhuisdirecteur berekende op basis van 'statistiek van de koude grond', zoals hijzelf zei, dat Lucia 'extreem onwaarschijnlijk vaak' bij sterfgevallen en reanimaties was betrokken en bracht dat naar buiten. (Statistici kwamen na Lucia's veroordeling uit op een kans van 1 op 9, respectievelijk 1 op 44 dat ze toevallig bij zo veel sterfgevallen in de buurt kon zijn.)

De volgende bouwstenen: zeer discutabel bewijs voor babymoord - een stof die in het bloed van een baby was gevonden - werd door alle rechters geaccepteerd. Natuurlijke sterfgevallen werden met terugwerkende kracht herdoopt tot 'verdacht' en vervolgens met een zeer discutabele theoretische onderbouwing in Lucia's schoenen geschoven.

Het fascinerendste, en griezeligste, is dat op geen enkel moment mensen moedwillig bezig zijn geweest Lucia aan het kruis te nagelen. Rechters, aanklagers en vaak bevriende getuigen-deskundigen vertrouwden elkaar en vielen elkaar niet af. Iedereen dacht dat wat hij of de ander deed, goed was. Er zijn veel fouten gemaakt, maar niet echt schuldigen aan te wijzen. Het kwaad ontstond tussen de personen in.

In een film moet tegenover je protagonist natuurlijk wel een antagonist zetten, maar ik ga niet verklappen hoe we dat hebben gedaan."

Was het niet heel lastig om Lucia's lange strijd te comprimeren tot een filmscenario?

"Ik ben sinds 2010 af en aan bezig geweest met deze film, heb elke moord waarvan Lucia werd beschuldigd (het waren er 17) uitgeplozen, me verdiept in alles wat met de zaak te maken had op juridisch, medisch, wetenschappelijk gebied én dan was er die verantwoordelijkheid die ik voelde naar alle betrokkenen. Ik wist veel te veel en regisseuse Paula van der Oest, die meelas, had daar ook last van.

Dus op het laatst hebben we er een andere scenarist bijgehaald, Tijs van Marle, die niet gehinderd door kennis van zaken de structuur omgooide, scènes uit oude versies terughaalde en zaken schrapte, bijvoorbeeld Metta de Noo, die nog een klein rolletje had. Dat bracht het filmische en emotionele terug, waarnaar we zochten. Van Marle gebruikte ook dingen waarvan wij dachten dat die bij Lucia te gevoelig lagen. Scènes waarin ze prostituee was, mochten er gewoon in."

Wat is voor jou de boodschap van deze film?

"Wij denken dat we intelligente wezens zijn die op een doordachte manier zaken met elkaar verbinden. Maar in feite is er weinig verschil tussen de middeleeuwse heksenjachten en de klopjacht op Lucia, die ook als een heks werd neergezet.

Instinct drijft ons. We zoeken zondebokken, omdat we dat zelf niet willen worden. In het ziekenhuis waar Lucia werkte, waren verpleegsters door bezuinigingsdruk bang voor hun hachje en ontstond een sfeer waarin plaats was voor geroddel. Als mensen gestigmatiseerd zijn als 'anders' en ze zijn kwetsbaar, zoals Lucia, dan worden ze prooi. Dan vallen we erop aan als piranha's."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden