Opinie

Lucht als zuurstof voor de fantasie

Met een toneelstuk over drie verpleegsters die hun patiënten blijmoedig uit hun verveling of anderszins lijden verlossen, kun je grofweg twee kanten op. Of je dompelt het onder in dodelijke ernst, of je toonzet het als macabere klucht. Opmerkelijk genoeg deed regisseur Antoine Uitdehaag met zijn enscenering van 'De dochters van King Kong' bij het Nationale Toneel geen van beide.

Waarom koos hij eigenlijk dit toneelstuk van de Duitse dramaschrijfster Theresia Walser? Om onnaspeurlijke redenen werd 'King Kongs Töchter' bij de première in Duitsland vier jaar geleden tot Toneelstuk van het Jaar uitgeroepen. Van het Jaar Nul, zullen ze daar bedoelen, want het is een toneelstuk dat je al weer vergeet terwijl je het ziet. ,,In een roman'', zei toneelschrijfster Walser (1967) in NRC/Handelsblad, ,,moet je de ruimte tussen de zinnen met beschrijvingen vullen. In een dialoog voor het toneel zit tussen de zinnen altijd lucht. En lucht is zuurstof voor de fantasie.''

Dat is kras en kloek gezegd, maar dat zo grootse begrip fantasie is in haar stuk juist oorverdovend afwezig. Ik heb in 'De dochters van King Kong' alleen maar lucht gehoord. De duchtig wodka en wijn innemende en seksueel gemankeerde verpleegsters van Catherine ten Bruggencate, Antoinette Jelgersma en Marie-Louise

Stheins zijn eensgezind in hun streven: ,,Het leven mag dan treurig zijn, van de dood kun je iets feestelijks maken.'' Zij beschouwen zichzelf als 'stewardessen voor de laatste reis', en houden de knoet er in het verzorgingstehuis stevig onder. Regisseur Uitdehaag laat ze als drie commentariërende muppets in de zijloge van schouwburg ook even hun te verlossen 'klanten' gadeslaan. ,,De hoogste tijd dat de zon hier eens onder gaat.''

De bewoners van het tehuis sukkelen en scharrelen maar wat op de achtergrond, en zijn aanmerkelijk geloofwaardiger dan de drie jonge actrices met hun maffe verpleegsterspruiken op. De patiënten weten ook veel zinniger dingen te zeggen (,,Niemand kan van mij verlangen dat ik 79 ben.'') dan de kakelende verpleegsters (,,Waren dat haar laatste woorden? Dat klinkt als een vogel die een baby nadoet.'').

De geluidsjongens van het Paleis van Boem componeerden heldere verzorgingstehuismuziek en het uitgekaderde decor van Tom Schenk (waarin de verpleegsters als inzetje gedrieën smoezen en complotteren) oogt sober en schoon, maar die kunnen een al in het eerste kwartier doorgezwikte 'Dochters van King Kong' niet schragen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden