Interview

Lodewijk Asscher werkte aan een nieuw verhaal voor zijn partij: ‘Ik heb veel geleerd van hoe het beter kan dan vroeger’

Lodewijk Asscher, partijleider van de PvdA, fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Schreef boek ‘Opstaan in het Lloyd Hotel’. Beeld Werry Crone

Het afgelopen jaar dacht PvdA-leider Lodewijk Asscher na over de oorzaken van het enorme zetelverlies in 2017. En hij werkte aan een nieuw verhaal voor zijn partij. 'De tijdgeest is aan het veranderen.'

Op de plek waarvandaan ooit duizenden landverhuizers de sprong naar een nieuw bestaan waagden, bezon Lodewijk Asscher zich het voorbije jaar op een nieuw verhaal voor de sociaal-democratie. In het Lloyd Hotel in Amsterdam-Oost, vlak bij zijn huis, sprak hij mensen over de vraag hoe de PvdA weer kon opstaan na de enorme dreun bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2017.

Het hotel zit midden in een verbouwing. De wanden zijn al afgewerkt met lichter hout en er staan nu comfortabele ronde leren banken. Toch ademt het nog de geschiedenis van de plek waar de emigranten een eeuw geleden vertrokken naar Noord-Amerika. In het Lloyd Hotel werden de papieren in orde gemaakt en vonden de eerste gezondheidsonderzoeken plaats. 'Het is een plek waar ik me thuis voel', schrijft Asscher in zijn vorige week verschenen boek 'Opstaan in het Lloyd Hotel'. '... De gasten van het hotel kwamen uit Oost-Europa, vooral joden die vluchtten voor vervolging en discriminatie. Samen met andere 'gelukszoekers' wachtten ze hier voor ze naar Amerika konden vertrekken. Een plek dus om te dromen over een toekomst die anders en beter zou zijn.'

Begrijpelijk dat Asscher, nu ook zijn partij opnieuw moet beginnen, graag geïnspireerd wordt door het Lloyd Hotel. Maar de landverhuizers waren ook echte individualisten, die hun lot in eigen hand namen en niet vertrouwden op sociaal-democratische waarden, zoals solidariteit.

Asscher moet lachen om die gedachte: "Ik begrijp wat u zegt, maar die analyse deugt niet helemaal. Natuurlijk, de beslissing om te vluchten is een individuele beslissing. Maar ze zochten naar nieuwe vormen van solidariteit, naar een nieuwe vorm van gemeenschap."

Beeld Werry Crone

Maar Asscher schrijft ook dat de gedachte aan een gemeenschap hem soms 'benauwt'. "Ik ben er zeer beducht voor dat de ruimte voor individuele keuzes wordt ingeperkt. Het meest extreme voorbeeld zijn voor mij Syriëgangers. Die door extremisten op uitsluitend één deel van hun identiteit worden aangesproken, naar een kalifaat trekken en overlijden. Hun ouders blijven met zo'n groot verdriet achter."

Een voorbeeld in het boek komt uit eigen ervaring. Bij een huwelijksceremonie hoorde de jonge Asscher een rabbijn zeggen dat hij blij was dat het geen gemengd huwelijk betrof. Want joden die kozen voor een gemengd huwelijk ondermijnden volgens de rabbijn het joodse geloof "en maken daarmee het werk van Hitler af".

Asscher: "Afschuwelijk! Daar zie je dat gemeenschapswaarde altijd samen moet gaan met respect voor het persoonlijke. Voor de sociaal-democratie is gemeenschap essentieel. Maar daar horen emancipatie en verheffing van de individuele mens nadrukkelijk bij."

Toch is identiteit hét onderwerp van de hedendaagse politiek, zie de opkomst van Wilders, Denk en Forum voor Democratie. In uw boek heeft u er relatief weinig aandacht voor.

"Ik denk niet dat we van die partijen één categorie moeten maken. Hun aantrekkingskracht wordt niet gevormd door hun nadruk op identiteit; mensen voelen zich door andere partijen niet gehoord. Mijn boek gaat wel degelijk over identiteit. Over jezelf kunnen zijn, je thuis voelen en eigen keuzes maken. Ik verzet me alleen nadrukkelijk tegen politiek waarin alles vanuit één deel van de identiteit wordt verklaard. Daarmee doen we mensen tekort."

U stelt de behoefte aan zekerheid centraal. Dat had Wilders ruim tien jaar geleden ook al door. Maar hij combineert dat met een antwoord op de groeiende onzekerheid of Nederland nog wel Nederland is.

"Mensen maken zich niet vandaag zorgen over een sociaaleconomisch onderwerp en morgen over iets rond identiteit. Je maakt je zorgen over de toekomst van je kinderen en of je nog een baan vindt. Zekerheid is een voorwaarde voor zinvol samenleven.

"De PvdA heeft in mijn analyse niet zozeer kiezers verloren omdat we te weinig spraken over onderwerp x of y, maar omdat we te weinig het wenkende perspectief lieten zien. Waarom grepen we zo hard in tijdens het tweede kabinet-Rutte? De maatregelen die we namen, daarvan ben ik nog steeds overtuigd, waren absoluut noodzakelijk. Maar we legden uit hoe de wereld werkt en niet waaróm dat allemaal gebeurde. Mensen willen tijdens de verbouwing niet alleen de spijkers en de hamers zien die je gebruikt. Ze willen een schets van hoe het eruit komt te zien en wat je daar vervolgens allemaal voor moois mee kunt."

Kon de PvdA dat in Rutte II niet of durfde de partij het niet?

"Kon, en durfde vaak ook niet. De marges waarbinnen we beleid maakten waren zo smal, dat we ons hebben laten intimideren. Na decennia economisch-liberale politiek zijn we blijven steken in het idee dat het nou eenmaal zo werkt. We hadden te weinig durf. Dan moet je niet verbaasd zijn als mensen zich verweesd beginnen te voelen. En op populisten gaan stemmen."

Is het niet tijdens de verbouwing al misgegaan, omdat het kabinet voornamelijk neoliberale maatregelen nam?

"Op een aantal punten hebben we ook tegen de stroom in gezwommen. Er zijn weer schoonmakers in dienst gekomen van de overheid, we hebben schijnconstructies (constructies die werkgevers gebruiken om minder te betalen dan het minimumloon of het cao-loon, red.) aangepakt, de topinkomens in de publieke sector aan banden gelegd. Dat neemt niet weg dat het onvoldoende een omvattend bezielend verhaal was. Soms zet je een stap terug en dan weer twee stappen vooruit. Dat hebben kiezers niet gevoeld.

"We hebben erg veel tegelijk gedaan. En als je nu naar het land kijkt: de zon schijnt, er is krapte op de arbeidsmarkt en een begrotingsoverschot van 10 miljard. Dan snap ik dat die gedachte opkomt. Maar ik probeer ook de beklemmende sfeer van 2012 te beschrijven. Van een extreem tekort en 700 werklozen erbij per dag. Bovendien had al tien jaar geen kabinet de rit meer uitgezeten. Dan is het makkelijk om nu terug te kijken en te zeggen: goh, dat was misschien niet allemaal nodig."

In zijn boek schrijft Asscher over gesprekken met Wim Kok. De voormalige PvdA-leider pleitte in de jaren tachtig nog voor het vasthouden aan de verzorgingsstaat, maar verliet dat standpunt tegen het einde van dat decennium. In 1995 hield Kok zijn bekende speech waarin hij ervoor pleitte de 'ideologische veren' af te schudden. Asscher ziet parallellen tussen de verkiezingsnederlaag in 2017, en die in 2002, na twee kabinetten-Kok.

Bent u niet te mild over het beleid van Kok? De publieke sector werd in die tijd geprivatiseerd. De PvdA deed enthousiast mee aan de neoliberale tijdgeest.

"Ik heb er met Wim Kok over gesproken. Heel open gesprekken, niet wetende dat hij snel zou overlijden. Maar vergeet ook hier de context niet. Toen Kok in 1989 aantrad in Lubbers II, had dat kabinet één doel: werk, werk en nog eens werk. Hij had de massawerkloosheid van begin jaren tachtig meegemaakt en wilde dat koste wat kost niet nog eens meemaken. Kok was daar succesvol in. Maar hij gaf zelf toe dat hij veel meer had moeten investeren in het verhaal voor na die ingrepen. Die ruimte liet hij onbenut.

"Die jaren is te weinig publiek gehouden, wat publiek behoort te zijn. Dat erken ik. Maar de tekenen nu zijn anders. De kracht van het neoliberale verhaal lijkt af te nemen. We krijgen de kans om de publieke zaak weer tot iets groots te maken. We kunnen laten zien dat ook andere waarden een rol spelen dan alleen de individuele of economische. We leven natuurlijk in een open economie, daar halen wij onze welvaart vandaan. Maar dat is niet allesbepalend. We moeten het radicale alternatief presenteren."

Asscher schrijft over de voorgenomen privatisering van Schiphol. Het besluit was al door de Tweede- en Eerste Kamer toen hij er als wethouder van Amsterdam - aandeelhouder van de luchthaven - voor ging liggen. "Die periode was een enorme leerschool, vanwege de argumentatie, de vanzelfsprekendheid, de arrogantie van het grootkapitaal. Er zaten bankiers bij mij op de bank die zeiden: "Dit kan niet meer gestopt worden, weet je wel hoeveel er al is geïnvesteerd? Wil je niet een carrière na de politiek?" De kúlverhalen. En dat was 2006 hè, ver na de jaren negentig. Toen was ik gekke Henkie omdat Amsterdam het blokkeerde, maar inmiddels is het helemaal omgekeerd. Ook in de top van het CDA is niemand meer te vinden die zal zeggen: laten we Schiphol privatiseren.

"De tijdgeest is aan het veranderen. En de PvdA wil traditioneel niet aan de zijlijn staan, maar probeert ook dingen te verwezenlijken. Dan ben je ook verantwoordelijk als dingen niet lukken. Dat verkies ik boven een commentaarpositie.

"Het land schiet er geen meter mee op als je geen verantwoordelijkheid meer neemt. Maar je kunt ook niet zeggen dat het sowieso goed is omdat er geregeerd moet worden. Juist als PvdA moet je je fouten erkennen en ervan leren. Dat is wat ik probeer met dit boek. Vervolgens kun je weer werken aan vertrouwen. Daarom is dit een interessante fase."

Dat leidt toch tot enig ongemak. U heeft dingen fout gedaan. Dat is een lastig gevecht om de gunst van de kiezer.

"De vraag die de kiezer stelt is: Aan wie geef ik het vertrouwen? Mensen die ongelooflijk hard werken, fouten maken, en daarvan leren? Of mensen die nooit een fout gemaakt hebben omdat ze nooit verantwoordelijkheid hebben genomen? Ik denk dat de politiek erbij gebaat is dat we ietsje opener, eerlijker en menselijker omgaan met dit soort kwesties."

In zijn boek haalt Asscher 'de Deventer overlevers' aan. Oude PvdA'ers uit Deventer die de partij al jaren de rug toegekeerd hadden. Teleurgesteld over de afbraak van de verzorgingsstaat.

"Zij waren bij de boekpresentatie, ze gaven mij een prachtig pakket met allerlei Paasdingen. Ze stemmen weer PvdA. Zij hebben gezien dat we geleerd hebben en dat wij voor ze in het strijdperk treden. En ze zijn allergisch voor de praatjes van mensen die zogenaamd nooit fouten maken. Hou toch op."

Als u straks weer gaat regeren, moet u weer water bij de wijn doen. Hoe voorkomt u dan nieuwe teleurstellingen bij de kiezer? Een voorbeeld: in Rotterdam zit de PvdA in een college met zes partijen. Maar juist uw partij wordt het nagedragen dat sociale woningen gesloopt worden.

"Dan moet de PvdA dus diezelfde periode nog projecten laten zien met betaalbare woningen van hoge kwaliteit. In Rotterdam hebben we vijf zetels, dan kun je moeilijk alle voor jou belangrijke posten en onderwerpen binnenhalen. Vanzelfsprekende grote partijen bestaan niet meer, ook de VVD begint dat te merken. Dus je zult moeten laten zien waar je naartoe wilt. En dat je door beleid een klein stukje die kant op gaat en dat als iedereen helpt, het heel mooi kan worden."

Daar heeft iemand wiens woning gesloopt wordt niet veel aan.

"Het klopt, in die buurt staat de PvdA met 1-0 achter. Maar je kunt laten zien dat je het met hart en ziel doet. En dat moet ik zeker doen, want lokale afdelingen hebben veel meer last van wat landelijk gebeurt dan andersom.

"Ik heb veel geleerd van hoe het beter kan dan vroeger. Laat zien dat wat je doet de moeite waard is voor iedereen. Als het me lukt om een goede pensioendeal te sluiten, dan kun je heel goed zien welk verschil je maakt. Dan kan ik weer terug naar die Deventer overlevers, en zeggen: 'Ik heb niet alles kunnen doen wat je wilt, maar je pensioenleeftijd is wel omlaaggegaan. En een paar miljoen mensen die in onzekerheid zaten worden meer niet gekort en we doen eindelijk iets voor mensen in zware beroepen.'

"Dat wil ik best uitleggen. Inclusief dat ik dan niet alles uit mijn verkiezingsprogramma heb gekregen."

Lodewijk Asscher (Amsterdam, 1974) was tussen 2006 en 2012 wethouder in Amsterdambelast met onder meer financiën, onderwijs en jeugdbeleid. In 2012 werd hij door PvdA-leider Diederik Samsom naar Den Haag gehaald om minister van sociale zaken en vicepremier te worden in het kabinet Rutte II.

Eind 2016 versloeg hij Samsom in een lijsttrekkersverkiezing, waarna de PvdA in 2017 de grootste verkiezingsnederlaag uit haar geschiedenis haalde. De partij ging van 38 naar 9 zetels. Nu is Asscher fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Vorige week verscheen zijn boek 'Opstaan in het Lloyd Hotel'.

Lees ook:

Een ‘bezielend verhaal’ ontbrak, analyseert Asscher de verkiezingsnederlaag van de PvdA in zijn boek

Lodewijk Asscher vindt dat de PvdA tijdens Rutte II in dezelfde valkuil gestapt is als Wim Kok in Paars II: er ontbrak een ‘bezielend verhaal van vooruitgang’. Na samenwerking met de VVD duikelde de PvdA onder leiding van Asscher in 2017 van 38 naar 9 zetels.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden