Lintjesregen

Sinds twee jaar hebben we een nieuw decoratiestelsel in dit land. De oude lintjesregen was 'uit de tijd'. Het systeem bevorderde bovendien het zitvlees, zo klonk het steeds weer (en dat was vaak, want al in 1984 bracht de commissie-Portheine het advies lintjes-nieuwe-stijl uit, dat pas in 1996 leidde tot een andere opzet). Wie lang op dezelfde plek bleef zitten, had veel meer kans op een lintje dan iemand met pensioenbreuken. Waarbij ambtenaren klaarblijkelijk het beste wisten hoe zitvastheid zo te organiseren dat het een lintje opleverde. De meeste onderscheidingen vielen in die hoek.

Lintjes, zo klonk in alle discussies, waren een relict uit de tijd, dat vooral maatschappelijke status de verdienstelijkheid van een burger bepaalde. Op zich een juiste waarneming, die bovendien duidelijk maakte, waarom 'zitvlees' loonde. In een samenleving die een hoge maatschappelijke positie als zodanig al als verdienstelijk beschouwt, is een periode van vijfentwintig jaar op dezelfde, hoge plek immers verdienstelijker dan één van vijf jaar.

Continuïteit, trouw in de plichtsbetrachting, ieder op zijn eigen positie en in overstemming met de daaraan verbonden status geëerd: van 'Leeuw' tot draagmedaille in brons. Het vallen van de lintjes gaf tot 1996 prachtig weer hoe er in de tijd waarin ze ingesteld werden (de 'Leeuw' dateert van 1814, 'Oranje Nassau' van 1892 en is door koningin-regentes Emma ingesteld om ook het gewone volk te kunnen onderscheiden) over maatschappelijke verdienstelijkheid werd gedacht. Verdienstelijkheid hing in de eerste plaats samen met wat iemand wás en vervolgens met wat iemand deed, of gedaan had.

Nu kun je, als je (terecht) constateert dat zo'n lintjessysteem zijn tijd gehad heeft, twee dingen doen. Net doen of je neus bloedt en gewoon doorgaan met die lintjes of de hele zaak afschaffen. Dat laatste zou mijn voorkeur hebben gehad, maar was duidelijk een paar bruggen te ver. Maar anderzijds, gewoon doorgaan wilde en kon men ook niet. Daarvoor is er in dit land een te sterk ontwikkeld gevoel dat de zaken moeten kloppen. Nederlanders zijn utilitaristen, nuttigheidsdenkers. Voor onderscheidingen betekent dat dat die niet 'zomaar' gegeven kunnen worden. Verdienstelijke mensen moeten in dit land in de allereerste plaats vooral nuttige mensen zijn.

Daarom moest de grondslag voor de lintjes veranderd worden: niet meer wat voor positie iemand bekleedt of bekleedt heeft, maar wat hij/zij gepresteerd heeft. Waarbij ons wantrouwen jegens verdienstelijkheid enkel en alleen op grond van beroep en daarmee samenhangende maatschappelijke status, zo groot is, dat we bij verdienstelijkheid vooral gingen letten op wat iemand als vrijwilliger, dat wil zeggen, onverplicht heeft gedaan. Met als uitzondering eenmalige uitzonderlijke prestaties als het halen van (para-)olympische medaille, het schrijven van een boek, of het zingen van een bijzonder populair lied.

Het gevolg van deze denktrant is dat de lijst geridderden van dit jaar een hoeveelheid ijver omvat, waaruit zonneklaar blijkt dat in dit land de vlijt als hoogste burgermansdeugd op het schild is geheven. Precies zoals dat past in een markt-georiënteerde prestatiemaatschappij met een kabinet dat als motto 'Werk, werk, werk' heeft gekozen. In dit land telt wat iemand doet, en wel met name onverplicht. Die laatste toevoeging moet erbij, want de eenvoudige plichtsbetrachting van vroeger, uitlopend in een met trots aanvaarde draagmedaille, is niet meer genoeg. Wie niet bereid is vrije tijd te offeren en huis en haard te verlaten om in buurt- of clubhuis blijk van maatschappelijke betrokkenheid te geven, kan het als eenvoudige burger wat lintjes betreft wel vergeten.

Een maatschappij, die maatschappelijke status of functie als zodanig als reden voor een onderscheiding afschaft, blijkt keer op keer slechts één alternatief als nieuwe norm voor verdienstelijkheid ter beschikking te hebben: inzet en prestatie. De oude Sovjet-staat kende in dat verband de 'Held van de arbeid'. Na het debuut van vorig jaar hebben wij sinds deze week onze tweede lichting 'Helden van de maatschappelijke inzet', steunpilaren van de prestatiemaatschappij. Geëerd, zoals vroeger de standenmaatschappij haar steunpilaren eerde.

Gelukkig is er continuïteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden