Lijf verzet zich tegen afvallen

Foto: anp

Waarom wordt de een dik, en de ander niet? En hoe raak je overtollig vet kwijt? Voor heel dikke mensen heeft Jaap Seidell niet zo'n vrolijke boodschap: met een gezonde leefstijl is 10 procent afvallen zo'n beetje het hoogst haalbare.

Dertig jaar geleden, in een zaaltje in Cambridge, stond voedingsonderzoeker Jaap Seidell voor het eerst oog in oog met mensen die leden aan ernstig overgewicht. De geneeskunde had deze personen niets te bieden, constateerde hij. Nu, drie decennia en vele onderzoekssubsidies verder, bekent hij dat er in feite weinig is veranderd. Seidell vreest zelfs dat, als hij nogmaals in datzelfde Britse zaaltje zou moeten verschijnen, de aanwezigen hem 'snel de deur uit zouden schoppen'.

Het is een opmerkelijke ontboezeming uit de mond van iemand die geldt als 's lands grootste autoriteit op het gebied van overgewicht. Seidell doet de uitspraak in zijn boek 'Tegenwicht'. In dit informatieve, actuele en heldere werk legt hij uit waarom obesitas nog altijd zo'n duivels lastige kwestie is. "Concreet zijn we in al die decennia weinig opgeschoten omdat we te veel gefocust waren op het beschrijven van het probleem", licht de hoogleraar voeding en gezondheid aan de Vrije Universiteit in Amsterdam toe. "We waren niet gericht op het vinden van een oplossing. Daar kijken we pas de laatste jaren naar."

Veel patiënten met overgewicht zijn inmiddels teleurgesteld over de beschikbare mogelijkheden. Wonderdiëten werken niet, hebben ze ervaren. Pillen geven vooral bijwerkingen en nauwelijks een gunstig effect. En ondertussen wordt de wens om af te slanken alleen maar sterker. "Buitenstaanders denken vaak dat te zware mensen dom en lui zijn, en dat ze geen wilskracht hebben", zegt VU-psychologe Jutka Halberstadt, die aan het boek heeft meegeschreven. "Maar dat klopt niet. Te zware mensen willen niets liever dan afvallen. Het kan zelfs een obsessie worden."

In wetenschappelijke enquêtes geven mensen met ernstig overgewicht aan dat ze pas gelukkig zouden worden als ze 30 tot 40 procent van hun gewicht verliezen. Maar die wens is volstrekt onrealistisch, leggen de auteurs uit. Praktisch gezien heeft een vrouw van 1.75 meter ernstig overgewicht vanaf 92 kilo; voor een man van 1.85 meter geldt dit vanaf 103 kilo. Als zulke veel te zware mensen erin slagen hun leefstijl drastisch en blijvend te verbeteren, door gezonder te eten en meer te bewegen, dan is een gewichtsverlies van 10 procent voor de meesten het hoogst haalbare. De vrouw eindigt dan op 83 kilo, de man op 93 kilo.

De betrokkenen zelf vinden zo'n beperkt resultaat vaak nauwelijks de moeite waard. Veel artsen en andere verzorgers zien er evenmin heil in. Een grote vergissing, benadrukt Seidell. Want mensen met ernstig overgewicht die 10 procent afvallen, boeken flinke gezondheidswinst. Om te beginnen halveren ze de kans op suikerziekte - een ellendige en dure aandoening. Ze krijgen 's nachts minder last van een stokkende ademhaling, zodat ze beter slapen en overdag minder moe zijn. En ze hebben minder artrose en lage-rugklachten. "Zo'n vrouw van 92 kilo verliest misschien maar 10 procent van haar totale lichaamsgewicht, maar daarmee is ze wel 60 procent van haar overgewicht kwijt", rekent Seidell voor. "Dit betekent dat ze ruim de helft van de medische risico's achter zich laat, dus dat is helemaal niet zo'n slecht resultaat."

Meer dan 10 procent afvallen kán wel: met een maagoperatie. Er bestaan diverse varianten. Sommige dwingen de patiënt om minder te eten, andere zorgen ervoor dat het lichaam minder voeding opneemt. Maar de nadelen zijn aanzienlijk, benadrukt Seidell. Zo treden er veel complicaties op, zowel tijdens als na de ingreep. En mensen bij wie een maagband is geplaatst, zijn daarna levenslang veroordeeld tot een extreem dieet. Een fabrikant van maagbanden raadt geopereerden zelfs aan om alleen nog te eten van een klein ontbijtbordje, liefst met een theelepeltje of kinderbestek, anders kunnen ze ziek worden. Dat is nogal drastisch, stelt de hoogleraar. Hij vindt daarom dat een operatie pas als laatste optie aan bod moet komen, ná langdurige en intensieve pogingen om de leefstijl te verbeteren.

De wetenschap mag dan nog geen eenvoudig antwoord op obesitas hebben gevonden, de afgelopen jaren is de kennis wel flink toegenomen. Seidell: "Dertig jaar geleden zeiden we nog tegen veel te zware mensen: 'Je moet gewoon wat minder eten. Hier heb je een voedingstabel met calorieën. Als je je daaraan houdt, komt het vanzelf goed'."

Inmiddels is gebleken dat het veel complexer ligt. Het lichaam verzet zich heftig tegen gewichtsverlies. En wie pech heeft, is als baby in de baarmoeder geprogrammeerd om extra veel energie uit voedsel op te nemen. Bovendien hebben wetenschappers ontdekt dat eten verslavend kan zijn. Alleen de aanblik van een chocoladereep wekt bij sommigen al extreme hunkering op. In het brein treedt dan dezelfde chemische explosie op als bij drugs- of alcoholverslaafden. "Misschien kun je te dikke mensen daarom behandelen met cognitieve gedragstherapie", oppert Seidell. "Dat gebeurt al bij alcohol- of drugsverslaafden."

De hoogleraar is als student ooit 15 kilo afgevallen, puur om te ervaren hoe dat voelde. Het werd de naarste periode uit zijn leven. Zo'n ellendig gevoel tijdens het afvallen blijkt iets specifiek menselijks. Vogels hoor je niet piepen als ze in een koude winternacht 10 procent van hun gewicht verliezen. En ijsbeervrouwtjes kunnen drie maanden vasten en tegelijk twee jongen zogen, dit alles zonder een spoor van chagrijn. Maar bij de mens gaat de geringste lijnpoging al gepaard met moeheid, depressieve klachten en irritatie. Daarom houdt bijna niemand een dieet vol.

Voeg daar nog bij dat er een belangrijke genetische aanleg blijkt te bestaan waardoor sommige mensen van nature weinig bewegen en extra snel zwichten voor de verleiding van voedsel. Tel er ook bij op dat de moderne leefomgeving ons zoveel mogelijk prikkelt tot consumptie en zo weinig mogelijk tot beweging. En je begrijpt waarom vet, als het eenmaal op de heupen en de buik zit, zich heel lastig laat bestrijden.

Daarom zet de wetenschap tegenwoordig vooral in op preventie. Wereldwijd lopen er veelomvattende onderzoeksprogramma's waarin complete woonomgevingen op de schop gaan: meer speeltoestellen in plaats van parkeervakken, meer fietspaden, een ban op frisdrankautomaten in schoolkantines, gratis sportactiviteiten, anders ingerichte supermarkten waarbij gezonde producten meer voor het grijpen liggen dan ongezonde, enzovoort. En deze aanpak, uit Frankrijk overgewaaid, werkt. De jeugd blijft er zichtbaar slanker onder.

Ook voor thuis hebben de wetenschappers een paar tips. Zo blijkt de goedbedoelde mededeling 'Eet je bord leeg!' op lange termijn niet altijd goed uit te pakken. "Met zo'n opdracht dwing je kinderen voorbij te gaan aan hun honger- en verzadigingsgevoel", zegt psychologe Halberstadt. "Je kunt ze beter zelfcontrole aanleren. Daar hoort ook bij dat je het goede voorbeeld geeft. Ga dus niet elke verjaardag naar de McDonald's, want dan breng je impliciet de boodschap over dat fastfood een beloning is. Als je kinderen al op jonge leeftijd gezond gedrag aanleert, geef je ze daarmee een cadeau voor de rest van hun leven."


Kwestie van gedrag

Mensen worden dik als ze meer eten dan hun lichaam aan energie verbruikt. Overgewicht is daarom vooral een kwestie van gedrag. Zulk gedrag is zelfs overdraagbaar van mens op dier, bleek onlangs uit onderzoek dat aan de VU is gedaan. Dikke honden bleken opvallend vaak een dik baasje te hebben. Logisch, want als het baasje geen zin heeft om te wandelen, zit ook de hond zit stil. Bij katten ligt het anders. Die zijn vaak toch slank, ook al is hun baasje dik. Katten zorgen er immers zelf wel voor dat ze fysiek aan hun trekken komen.

Lichaamsvet vloeit dus voort uit gedrag. Maar achter dat gedrag gaat wel degelijk ook een aanzienlijke genetische aanleg schuil. Wetenschappers schatten dat 25 à 40 procent van de variatie in lichaamsgewicht erfelijk is. Dat is goed te zien bij kinderen die heel jong worden geadopteerd. Zij lijken qua gewicht later meer op hun biologische ouders dan op hun adoptieouders. Dat kan het gevolg zijn van allerlei geërfde biologische instellingen. Neemt hun lichaam bijvoorbeeld veel of weinig energie uit voeding op? Hebben ze meer de neiging om te bewegen of om stil te zitten? Zitten ze snel vol of juist niet? En zwichten ze vaak voor de verleiding van voedsel? Zulke gedragingen hebben kennelijk een sterke aangeboren basis, waardoor het voor de een veel moeilijker is om dun te blijven dan voor de ander.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden