'Liever dan een goede gelovige ben ik een goed mens'

Hülya Cigdem belandde in 1991 als importbruid inTilburg, dromend van een carrière in de journalistiek. Volgende week verschijnt haar tweede roman.

Les 1

Ouders weten het niet beter (al denken ze van wel)

"Wietteelt onder Turken in Tilburg en omgeving komt geregeld voor en velen leggen de schuld daarvoor bij de overheid. Dat merkte ik toen ik eens met een groep Turkse vrouwen een discussie had over de hoogte van de uitkeringen: die vonden ze te laag en ze verdedigden mensen die uit 'financiële nood' wiet gaan telen om in de crisis hun hoofd boven water te houden. Ik was verbolgen over hun visie en ben er fel tegenin gegaan. Het gesprek inspireerde me wel tot het schrijven van 'De val van Mehmet': een roman die op feiten is gebaseerd.

Hoewel ik al een tijd rondliep met het verhaal, heeft het lang geduurd voordat ik op gang kwam want ik had aanvankelijk weinig sympathie voor mijn hoofdpersoon Mehmet. Hij is streng gelovig, een salafist, iemand die in mijn ogen geen fouten hoorde te maken. Ik ergerde me aan zijn starheid totdat ik me realiseerde dat ik hem te zwart-wit afschilderde. Ik zocht naar nuance en heb hem een aantal eigenschappen van mijn vader gegeven - eerlijkheid, trots en betrouwbaarheid - waardoor ik Mehmet meer ging waarderen. Hij heeft mij uiteindelijk zelfs milder gestemd jegens mijn ouders, door hem ben ik hun motieven beter gaan begrijpen. Wat ik vroeger zag als bemoeizucht zie ik nu als een poging ons te beschermen. Hun opvoeding was rechtlijnig, maar ze deden alles met de beste bedoelingen en in de veronderstelling dat ze beter wisten wat goed voor ons was dan wij. Ik nam me voor het later heel anders te doen, maar de verwijten die ik destijds mijn moeder maakte heb ik ook teruggekregen van mijn dochter."

Les 2

Zorg dat je met het hoofd rechtop over straat kan

"Mehmet woont met zijn gezin in Tilburg maar hij is gevormd door het traditionele Turkse plattelandsbestaan dat door geloof en regels wordt gedicteerd. Hoewel ik in Turkije in steden heb gewoond, ben ook ik opgegroeid in een conservatief milieu waar de normen en waarden stoelden op geloof, cultuur en traditie. Het belangrijkste voor mij was dat ik zou trouwen met een man die goed voor mij zou zorgen en dat ik een zorgzame huisvrouw en schoondochter zou zijn. Intussen droomde ik van een carrière in de journalistiek. Ik volgde het nieuws, las graag kranten. De nieuwslezeressen op televisie bewonderde ik om hun sterke uitstraling, maar mijn grootste voorbeeld was de moeder van een klasgenote, ze was rechter. Haar dochter werd veel vrijer opgevoed dan ik, zij kon gewoon jongens mee naar huis nemen, bij ons werd dat niet getolereerd. Ik mocht als een van de weinigen zelfs niet mee toen onze klas ter afsluiting van de middelbare school ging zwemmen, maar dat heb ik stiekem toch gedaan. Wat vriendjes betreft hield ik me aan mijn vaders gebod: houd onze naam hoog en zorg ervoor dat je niet met gebogen hoofd over straat hoeft te lopen. Ik wilde dat hij trots op me was en dus hield ik jongens op afstand. Vriendjes, dacht ik, komen later wel: als ik me aan de regels houd mag ik naar de universiteit en kan ik een onafhankelijk leven leiden zoals sommige meisjes uit Mersin die elders studeerden en op een campus woonden. Maar zo ging het niet.

Op mijn vijftiende ben ik getrouwd en in Nederland terechtgekomen. Een jaar later had ik een dochter. Dat heb ik beschreven in mijn debuutroman 'De importbruid'. Ik ben uitgehuwelijkt, maar naar mijn idee had ik zelf gekozen voor Ahmet. Ik kende hem van jongs af aan, mijn vader en zijn ouders komen uit hetzelfde dorp, maar Ahmet woonde vanaf zijn vijfde in Nederland. Toen hij 19 was wilden zijn ouders dat hij ging trouwen. Omdat ik 13 was vonden mijn ouders me te jong voor een verloving.

Maar ik zei tegen mijn vader dat ik Ahmet wilde. Trouwen zag ik als een ontsnappingsmogelijkheid uit mijn ouderlijk huis want studeren mocht ik niet: daar werd een meisje veel te vrij van in de ogen van mijn familie.

Dat was zuur, maar eenmaal getrouwd was ik opgetogen omdat ik het idee had dat ik eindelijk meetelde. Ik kreeg bovendien een slaapkamer die ik niet hoefde te delen met mijn zussen en, het grootste geluk, een eigen kaptafel!"

Les 3

Neem zelf initiatief

"Wij trokken in bij mijn schoonfamilie in Tilburg. Heimwee had ik niet, maar mijn nieuwe leven was niet wat ik me ervan had voorgesteld. Ik voelde mij belemmerd in mijn vrijheid door mijn schoonmoeder. Ik moest haar helpen in het huishouden. Toen ik op een gegeven moment kon gaan werken in een naaiatelier, droeg ik het geld dat ik verdiende aan haar af.

In het naaiatelier werden we uitgebuit. Ik wilde daar weg en hoopte op een dag zo goed Nederlands te spreken dat ik achter de lopende band zou kunnen staan. Ik realiseerde me dat ik zelf initiatief moest nemen om de taal te leren en minder afhankelijk van anderen te zijn. Toch verbaast het me achteraf dat ik het heb gedurfd één avond per week naar Nederlandse les te gaan. Mijn schoonmoeder vond het geld- en tijdverlies, maar mijn man stond achter mij. Jaren later, ik was 26, heeft Ahmet mij ook aangemoedigd in Tilburg een deeltijdopleiding journalistiek te gaan doen. Toen ik voor het eerst over contaminatie, pleonasme en tautologie hoorde werd ik zo onzeker dat ik niet eens een mailtje naar mijn docent durfde te schrijven. Maar tot mijn verrassing was ik later één van de zeventien leerlingen die het eerste jaar hadden gehaald. Dat gaf me het gevoel dat ik de hele wereld aankon."

Les 4

Blaas niet te hoog van de toren

"Ik ben stage gaan lopen bij de NRC. Ik verwachtte dat de redacteuren daar uitsluitend voor het nieuws leefden en alleen oog hadden voor hun werk, maar ze gingen gewoon om drie uur hun kinderen van school halen. Dat vond ik ontnuchterend en teleurstellend. Ik was zo bezeten van het nieuws dat ik bij wijze van spreken op de redactie had willen slapen.

Mijn moeder verweet me dat ik te weinig tijd en aandacht had voor mijn gezin. Ze had gelijk. Naast mijn studie en het werk had ik het uitgaansleven ontdekt. Ik wilde niet langer alles samen doen met Ahmet. Ik was 27 en eindelijk ging ik puberen! Ik ben altijd opstandig geweest, maar voor het eerst durfde ik me te uiten. Het ergerde me dat Ahmet zich een beetje gedroeg als mijn vader, net als eerder bij mijn schoonmoeder voelde ik me een kind dat toestemming moest vragen als ik de deur uitging. Ik sloeg daarin door: melden waar je heen gaat als je samenwoont is iets anders dan verantwoording afleggen. Het liep zo hoog op dat hij voorstelde om te scheiden. Uiteindelijk heeft ons huwelijk het gelukkig overleefd: ik zou Ahmet voor geen goud willen missen.

Toen ik later bij de NTR in Hilversum werkte, had ik een kamer in Amsterdam. In mijn studietijd had ik zo'n kamer fantastisch gevonden, maar inmiddels had ik helemaal geen behoefte meer aan feesten, ik miste mijn gezin. Ik realiseerde me dat ik net zo was geworden als de journalisten in wie ik zo teleurgesteld was geweest. Blaas dus nooit hoog van de toren!"

Les 5

Geef je kind de kans het anders te doen

"In 2011 ben ik gestopt bij de omroep omdat een fulltimebaan niet te combineren bleek met het schrijven van een boek. Pas toen ik me terugtrok achter de pc had ik tijd om te werken aan 'De val van Mehmet'. Ik ging er in op, er waren dagen dat hier de rolluiken niet opengingen, sommige buren dachten na anderhalf jaar dat ik nog in Hilversum werkte. Het was een intensieve periode, ook omdat we voor het eerst flinke aanvaringen hadden met Reyhan, onze dochter, over haar voortijdig beëindigde studie. Wij vonden dat ze moest doorbijten en tenminste haar propedeuse moest halen, zij vond ons te bemoeizuchtig, we lieten haar geen ruimte eigen keuzes te maken. Achteraf denk ik dat we te weinig oog hadden voor haar behoeftes, geef je kind de kans het anders te doen dan jij!

Door de conflicten met Reyhan en het boek ben ik dingen gaan nuanceren. Ik kreeg meer begrip voor de principes van mijn ouders. Tijdens de ruzies met Reyhan wees uitgerekend mijn moeder er steeds op dat ze nog jong is en ik me niet van haar moest vervreemden.

Vroeger dacht ik: ik leef zoals ik wil. Het stoorde me dat sommige vrienden van mijn schoonvader onze leefstijl en denkwijze afkeurden. Net als Mehmet lieten zij zich door het geloof voorschrijven hoe te leven, dat wilde ik niet. Liever dan een goede gelovige ben ik een goed mens. Toch ben ik nu milder. Laatst bij de voorbereiding van een bruiloft vroeg mijn vriendin of ik het bismillah wilde zeggen, een spreuk die begint met: In de naam van Allah ... Een paar jaar terug had ik dat geweigerd, nu zei ik: goed, als het jou gelukkig maakt."

Les 6

Door te botsen weet je waar je staat

"Toen ik destijds 'De importbruid' schreef worstelde ik met de vraag wat mijn vader ervan zou vinden. Mijn moeder, voor wie ik stukken had vertaald, vond dat ik hen als barbaren afschilderde, maar ik had niet de intentie om haar of mijn schoonmoeder te kijk te zetten. Ik wilde vertellen hoe ik naar de Turkse samenleving kijk. Ik had het boek niet in het Turks kunnen schrijven: in het Nederlands kan ik me vrijer uitdrukken, hier heb ik leren discussiëren en argumenteren. In het Turks ben ik niet gewend hardop te zeggen wat ik vind, dat klinkt te hard.

Er is veel veranderd sinds ik in 1991 naar Nederland kwam. Inmiddels daalt het aantal importhuwelijken. De strengere eisen van de overheid die sinds 2004 gelden spelen daarbij zeker een rol, maar in de landen van herkomst staan ze ook niet stil. Overigens is niet zozeer de streek bepalend hoe behoudend en conservatief je wordt opgevoed, zelfs voor kinderen uit hetzelfde gezin kan dat enorm verschillen: anders dan ik mocht mijn jongste zusje wel naar de universiteit. Ze is pas afgestudeerd als advocate en haar verloofde heeft ze zelf gekozen.

Als oudste van vijf kinderen heb ik mijn vrijheid meer moeten bevechten dan de anderen. Maar het kan geen kwaad af en toe te botsen, dan weet je waar je staat."

Hülya Cigdem

Hülya Cigdem (1975) verhuisde op haar tiende van haar geboortestad Ankara naar Mersin, een liberale stad aan de zuidkust van Turkije. Na de driejarige middelbare school trouwde ze op haar vijftiende en trok ze in bij haar Turkse schoonfamilie in Nederland. Na diverse cursussen Nederlands in een buurthuis en via volwasseneneducatie begon ze aan een deeltijdopleiding aan de Fontys Hogeschool voor de journalistiek in Tilburg waar ze in 2008 afstudeerde. Ze werkte als administratief medewerkster en als freelance journalist voor onder andere nrc.next, het Brabants Dagblad en Nieuwe Revu. In 2008 verscheen haar autobiografische debuut 'De importbruid' waarvan inmiddels ruim twaalfduizend exemplaren zijn verkocht. Tot 2011 was ze redacteur bij het NTS-radioprogramma 'Dichtbij Nederland'. Op 15 mei verschijnt bij De Arbeiderspers haar tweede roman 'De val van Mehmet'. Hülya Cigdem is getrouwd en heeft met haar man één (volwassen) dochter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden