Liever beukenhaag dan coniferen

Drentse tuinen vol Japanse sier-kers, Italiaanse coniferen en Amerikaanse eiken: daar krijgt Hans Elerie kippenvel van. Hij is directeur van de Vereniging Brede Overleggroep Kleine Dorpen in Drenthe (BOKD) die in actie is gekomen tegen het toenemend aantal exotische gewassen dat de Drentse tuinen siert.

BIJDRAGE: ANITA LOWENHARDT; HANS DE PRETER

Of liever ontsiert, want nu Nederlanders jaarlijks vele guldens steken in hun tuinen en deze omtoveren tot exotische paradijzen, blijft er van de regionale tuincultuur haast niets meer over. In heel Nederland rukt de tuincentrumcultuur op. In Drenthe dreigt daarbij het specifieke Drentse esdorpenlandschap verloren te gaan, zo meent de vereniging van de Drentse kleine dorpen.

Een namaak waterput met een glimmende zinken emmer eraan op een plek waar nooit een put stond, bielzen overwoekerd met onbekende plantensoorten: de BOKD en de stichting Landschapsbeheer Drenthe moeten daar niets van hebben. Beide instellingen zijn een offensief begonnen tegen de 'teloorgang van het Drentse boerenerf'.

Ze werpen een nieuw boek in de strijd om Drentse tuinliefhebbers van informatie te voorzien en op ideeën te brengen voor een meer authentieke invulling van hun tuin. In augustus komt het uit.

“Ook in het tuinieren is sprake van modetrends. Daarbij worden oude, regionale culturen bij de inrichting van tuin of erf verdrongen. Dat vinden wij jammer”, zegt Elerie. En vandaar het boek. “Het is niet zo, dat wij ervoor pleiten om mensen te verplichten bij de inrichting van hun tuin rekening te houden met de regionale cultuur. Integendeel, van dwang op dat gebied moeten we echt helemaal niets hebben. Maar dat hoeft ook niet, want er is wel degelijk een groeiende belangstelling voor specifiek Drentse tuinen, alleen ontbreekt tot nu toe overzichtelijke informatie”, zegt Elerie.

Ouderwetse Drentse tuinen staan volgens de Vereniging Kleine Dorpen beslist niet volgepropt met opmerkelijke of fraai bloeiende planten. Ze horen tamelijk kaal te zijn, omdat de grond in Drenthe nu eenmaal arm is. Bovendien hoort er een scheiding te zijn tussen een gedeelte van de boerin, en het deel van de boer.

In het eerste deel van het Drentse boerenerf staan tuinplanten uit oma's tijd, terwijl in het deel van de boer struiken staan als meidoorn of bomen als eiken, berken, de geoorde wilg of wat els.

“Op zich is een conifeer best praktisch. En ik wil niemand het plezier van zo'n boom onthouden. Maar wij geven tips om andere bomen te planten, die hetzelfde effect bereiken, namelijk een snelle afscheiding. Daarvoor zou je bijvoorbeeld heel goed een taxus kunnen nemen. Of een goede beukenhaag”, zegt Elerie.

Behalve dat beide instellingen een boek hebben geschreven, hebben ze ook een speciale cursus op poten gezet. De toenemende belangstelling voor informatie over regionale tuinen past volgens hem in een 'nieuw regionaal elan', waarin ook meer belangstelling is voor regionale landschappen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden