Interview

Lieuwe Westra kan niet weer beginnen: Op gewicht kom ik niet meer. Dit was het

Beeld Olaf Kraak

Deze week verscheen 'Het beest', de biografie van oud-wielrenner Lieuwe Westra. Over zijn depressies. Niet, zegt hij, over doping. 'De meeste wielrenners kennen fiets en koffer. Ik wist wat ze missen.'

In een hotelkamer in het Spaanse Calpe ligt op 7 januari 2017 een telefoon in de hoek. Doelloos. Weggesmeten door de eigenaar, die even daarvoor een bericht op Facebook heeft geplaatst. 'Vandaag heb ik besloten om te stoppen met koersen.'

De schrijver van dat bericht is wielrenner Lieuwe Westra. Een nuchtere Fries van dan 34 jaar oud. Meervoudig Nederlands kampioen tijdrijden, de nummer twee van de voorjaarskoers Parijs-Nice van 2012, een belangrijke helper van Vincenzo Nibali tijdens zijn winst in de Tour van 2012.

Maar het gaat niet goed met Westra. Hij is net voor de tweede keer 'helemaal gecrasht'. Hij zit in een diepe depressie, maar is toch gestopt met medicijnen om te proberen op gewicht te komen. Topsportgewicht dan, 66 kilo.

Alleen, hij kan niet zonder pillen. Zijn ziekte heeft de overhand genomen. Westra wil niet meer fietsen. Zelfs zijn moeder, die altijd op hem heeft ingepraat over hoe mooi zijn leven als topsporter is en dat hij altijd moet blijven fietsen, weet dat het deze keer klaar is. Kom maar naar huis jongen, zegt ze. Anderen halen dat bericht niet veel later weg. Er worden namen in genoemd van mensen met wie Westra een zakelijk conflict heeft. Niet heel handig. Zelf voelde Westra dat niet zo. "Ik was al zo ver weg, was er niet mee bezig."

Nu is het ruim anderhalf jaar later. In Tijnje, het Friese dorp waar hij de dagen voor de boekpresentatie verblijft, doet Westra in wielerkleding de deur open. Deze ochtend staat een klein rondje op het programma en Westra is er klaar voor. Zijn wielershirt is iets te strak. "Er zijn wel wat kilootjes bijgekomen."

'Het komt vaak voor'

Tijdens de Amstel Gold Race, vorige maand, waren in Maastricht zijn oude en nieuwe leven samen gekomen. Toen hij 's ochtends op het terras zat, kwam de Astana-bus voorrijden. Astana, de laatste ploeg waar Westra voor reed. De ploeg die hem 600.000 euro betaalde, maar waar niets meer van over is. De ploeg waar alleen de helm nog aan herinnert.

Topsporters en depressies, het komt vaak voor, beweert Westra al fietsend. Hij wil vertellen hoe dat is, wat een topsportleven inhoudt. Daarom ook zijn boek.

Zo eens in de maand heeft hij een slechte dag. Dan doet hij een dag niks. Vroeg naar bed. Precies hetzelfde maakte hij dagenlang mee in Monaco, waar hij woonde toen hij profrenner was. Hij beeldt met handgebaren uit hoe groot zijn kamer was. Hij meet een klein hoekje af. "Dat was het wel. Een klein kamertje, met een opklapbed en een televisie. De eerste keer klap je dat bed nog dicht, maar na twee keer niet meer."

Urenlang zag hij in die kamer het plafond. De fiets stond in de hoek. De zin om te trainen ontbrak. Vlak na het winnen van de Driedaagse de Panne Koksijde stortte hij in. Hij werd ziek, depressief. Het was een combinatie. Alleen in Monaco, zakelijke conflicten, het kwam allemaal tegelijk.

Hij moest blijven fietsen, dat was zijn werk. Maar het lukte niet. Hij ging als 'toerist' mee naar wedstrijden met Astana, waar hij door de taalbarrière nooit echt kon aarden. "Waar ze normaal nog met handen en voeten probeerden te praten, wisten ze nu al: Lieuwe stapt toch af. En dat was zo. Na dertig kilometer stapte ik de bus in. Het ging niet, zei ik dan."

Comeback

Twee keer bedacht hij een comeback. Ging hij naar Spanje, weg uit het 'gekmakende Monaco'. Zijn broer vloog over om hem te begeleiden, bezorgd dat Westra zichzelf wat zou aandoen "Nu zie ik dat hij zich zorgen maakte. Toen niet. Toen was ik al te veel met mezelf bezig". Om te proberen terug te komen stopte hij in één keer met de antidepressiva. Het gevolg: hij vloog tegen muren op. "Stoppen is echt levensgevaarlijk."

Gewicht, het was het belangrijkste meetmiddel dat Westra had. Was hij 66 kilo, dan kon hij met de besten mee. Zo was hij toch tweede geworden in de belangrijke voorjaarskoers Parijs-Nice? De winter daarvoor had hij rigoureus zijn eetschema omgegooid. 's Ochtends alleen koffie en een vitamineshake. Dan fietsen.

Bij honderd kilometer naar het tankstation voor een paar slokken drinken. Er werd de hele dag niet gegeten. "Het kwam voor dat ik de rekken van die pomp moest vastgrijpen. Dan werd ik niet goed van het temperatuurverschil tussen buiten en binnen. Maar dat kwam natuurlijk omdat ik helemaal leeg was."

Op die manier was hij goed geworden. Maar van de pillen kwam hij aan, hoeveel hij ook trainde. Dan had hij weer het gevoel dat het niet lukte, en dat maakte depressief. Een cirkel waar hij niet uit kwam. "Anders kon ik het sturen en nu stuurden de pillen mijn gewicht. En dat kan ik niet aan."

Ergens in hem knaagde ook dat hij het leven had gezien. Hij was tussen zijn zestiende en 21ste stratenmaker geweest, de pauzes gevuld met sigaretten. Alcohol, drugs: hij was het in die tijd gewoon. "De meeste wielrenners kennen fiets en koffer. Ik wist wat ze missen."

Niet dat hij die tijd miste, maar hij was anders dan andere wielrenners. Iedereen in het peloton is een beetje gek, zegt hij. Misschien is hij wel gekker dan anderen. Maar hij had wel gezien wat er buiten het sportleven was. "Ik heb er alles voor gedaan. Ook om terug te komen. Want zo was ik wel. Als ik iets doe, dan wel volledig."

Een andere levensles uit die tijd: je kunt altijd weer beginnen.

Hij alleen niet meer.

Hij kan het een plek geven, nu. Het is klaar. Hij is gelaten. "Op gewicht kom ik niet meer. Dit was het." Of hij er vrede mee heeft? "Ja, inmiddels wel. Ik ben blij dat ik dit vertel. Dit gebeurt niet alleen bij mij."

Er komt een viaduct aan. Eenmaal bovenop zegt Westra: "Maar dat fietsen hè, dat is toch echt het mooiste wat er is."

'Ik heb de regel niet overtreden'

Op een terras in Heerenveen is Lieuwe Westra stellig: nee, dit boek gaat niet over doping. Wel over cortisonen, andere hevige pijnstillers en astmamiddelen. Die waren niet verboden als een dokter een medisch attest had aangevraagd. De kniepijn die Westra een deel van zijn carrière 'voelde', was verzonnen. "Ik was bij Parijs-Nice op en top. Een beetje cortisonen erbij, en dan vlieg je." Is het doping? Nee, niet met attest, en dus is en was er volgens Westra niets verkeerds aan. Net zomin als aan de pufjes die hij nam om de luchtwegen te verwijderen. Froome nam meer dan de toegestane hoeveelheid, Westra niet. "Dus mocht het." De ethische discussie is ongelooflijk moeilijk, beaamt Westra, die de afgelopen tijd wielrenners over zich heen kreeg die hem verweten ook schone renners zwart te maken. "Als het mag, mag het. Ik heb de regel niet overtreden. Ze moeten het spul verbieden, dan wordt het veel duidelijker."

Lees ook: Het verhaal van Lieuwe Westra draait niet om doping, maar om depressie

In haar column legde Marijn de Vries deze week uit waarom zij niet meedoet aan de hetze tegen Lieuwe Westra vanwege zijn cortisonengebruik. “Het ergert me dat er geen aandacht is voor waar Lieuwes verhaal in mijn ogen om draait: depressie.” 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden