Liesbeth Coltof: 'Fascinatie voor kinderlijke observaties'

De 'Huisbewaarder' gaat morgen in Amsterdam in de Brakke Grond in première.

ANITA TWAALFHOVEN

Als ik Liesbeth Coltof spreek zijn de eerste try-outs net achter de rug: “Veel mensen vinden het een bijzondere voorstelling en de kinderen kijken met een gespannen concentratie. Maar de discussie over de vraag: 'is Pinter eigenlijk wel voor kinderen?', is in volle gang. Ook voor onszelf.” Pinter's 'Huisbewaarder' laat een wat absurdistisch getinte, psychologische machtsstrijd zien tussen drie mannen.

Coltof: “Waar ik in het begin op gevallen ben was de taal, die vaak uiterst humoristisch is. Daardoor kreeg ik de associatie met clowns, elkaar pesten en aftroeven. Wie is er hier de baas? Het is mijn stellige overtuiging dat kinderen daar ook mee te maken hebben, met macht en overleven. Het stuk biedt dan ook allerlei aanknopingspunten voor kinderen. Stel je maar voor, je hebt een vriendje en er komt een nieuw kind bij. Je neemt iemand op in je midden die jou vervolgens weg duwt, want drie is teveel. Dat thema is gebleven, maar de clowns zijn verdwenen. Gaandeweg ontdekten we een andere laag in de tekst: Pinter's absurditeit. Het is voor kinderen heel herkenbaar dat dingen gek en onlogisch kunnen zijn. Maar de absurditeit die Pinter gebruikt heeft op het eerste gezicht weinig met kinderen te maken. De personages bij Pinter draaien rond in cirkels, zonder contact te hebben met elkaar of zichzelf. Pinter is uitzichtloos. We zitten nog midden in een zoektocht: Hoe blijf je trouw aan Pinter en vertaal je het toch naar kinderen?”

Essentie

“Bij het bewerken van een tekst zoek ik naar de essentie van waar de tekst over gaat. Hierbij gaat het er niet om wat ik kinderen wil vertellen. Ik zoek naar het kinderlijk perspectief. Bij 'Romeo en Julia' vroeg ik mij af: 'hoe is het als je veel van elkaar houdt, maar je hebt van je ouders geleerd dat je elkaar moet haten?' De haat van de ouders zit ook in de kinderen. Daarom heb ik twee acteurs alle rollen laten spelen. Ze spelen het liefdespaar, maar ook alle rollen die die liefde onmogelijk maken.”

In 'Een kleine Romeo en Julia' roepen de kinderen elkaar toe: 'Mijn vader zegt dat alle Capulets randdebielen zijn die uit hun mond stinken. Mijn vader zegt dat alle Montagues kinderlokkers zijn'. Liesbeth Coltof: “Ik wilde heel erg graag een tekst van Shakespeare doen, maar ik was altijd een beetje bang voor Shakespeare. Hij heeft zoveel gedaan en zo goed gedaan. Zijn teksten zijn zo rijk, laten zo veel kanten en lagen zien. Het duurde dan ook een paar jaar voor ik daar aan durfde te beginnen. Maar toen dacht ik ook: alles wat ik kan gebruiken wil ik er in! Film, poppen - en dan ook alle soorten poppen - maskers, hoedjes. Als je goed met Shakespeare bezig bent, blijkt dat ook de acteurs een enorme vrijheid en ruimte te geven. Peter (van Heeringen) en Tessa (du Mee) hebben veel kanten laten zien, ook een clowneske kant. Het werd een feestje om te doen.”

In afwisselend vertelde en gespeelde scènes, prachtige beelden uit een oude Romeo-en-Julia-film en scènes met marionetten en stokpoppetjes, ontrolde zich het verhaal van een intensieve eerste liefde, die in de versie van Liesbeth Coltof ook voor jonge kinderen zeer herkenbaar werd.

De kleutervoorstelling 'Stil, de trommelaar' was de tweede bewerking in de klassieken-trilogie, naar 'Moeder Courage' van Brecht. Coltof en schrijver Roel Adam brachten het omvangrijke stuk terug tot een overzichtelijke cast: een op geld beluste koopvrouw, haar zwijgende kind 'Stil' en een hongerige soldaat, die op de vlucht is voor de oorlog.

Coltof: “In bijna alle klassieke stukken komt een kind voor, al is het soms maar een heel kleine rol. Bij 'Moeder Courage' was het heel fascinerend om het stuk te lezen alsof Katrien, de doofstomme dochter van Courage, de hoofdfiguur was en door haar ogen naar het stuk te kijken. Katrien staat voor het kinderlijke bewustzijn. Het kinderlijke kan niet praten, is stom. Katrien droomde de hele tijd van een man en een kind en dat de oorlog voorbij zou zijn.”

“Ik was gefascineerd door Katrien, meer dan door Courage zelf. Het kind observeert en ziet alles. In het stuk wilden we iets laten zien van die observaties en zo ontstond het idee voor iemand die niet praat maar alles schildert. De eerste keer dat Stil in het stuk schildert, wordt heel langzaam aan duidelijk dat die schildering een huis wordt. De kleuters zijn dan ademloos, vinden het prachtig. Een zwakzinnig meisje in het publiek was tijdens een van de voorstellingen de eerste die het door had: 'Kijk mama wit, kijk mama rood. Een huis, wat een mooi huis!', riep ze. Zij pikte de gevoelslading meteen op. Dat gevoel, 'ik wil ook een huis', is recht in het hart van waar het stuk over gaat. Die invalshoek is mij bijgebleven van een reis door Kroatië.”

Vluchtelingen

Huis aan de Amstel nam een kleine twee jaar geleden deel aan een internationale voorstelling, waarmee vijf Europese gezelschappen langs de vluchtelingenkampen in Kroatië trokken. “De grootste wens van al die kinderen daar was om weer een huis te hebben. Een plek om thuis te horen en te blijven, waar je de straat kent en de bakker en waar je gedag wordt gezegd. Wat me ook pijnlijk trof bij die kinderen, was dat ze hun vriendjes terug wilden. Aan de ene kant dachten ze: 'Ik vind die persoon leuk'. Aan de andere kant liet de haat van de ouders hen ook niet onberoerd.” Een gegeven dat zij verwerkte in 'Een kleine Romeo en Julia'.

Coltof: “In een serie van drie klassiekers, beleef je het hele scala van wat je tegen kunt komen bij het bewerken van klassieke teksten. Bij zowel 'Romeo en Julia' als 'Moeder Courage' wist ik zeker dat het een stuk voor kinderen was. Maar in Pinter zit iets dat moeilijk te vertalen is naar kinderen en misschien alleen geldt voor volwassenen. Je kunt Pinter niet helemaal naar je hand zetten. Het is een spannende tekst voor kinderen, maar tegelijkertijd ook niet. Vaak werk je in jeugdtheatervoorstellingen naar een soort katharsis of einde toe. Pinter biedt geen katharsis, alles blijft zich eindeloos herhalen. Kinderen kennen dat ook wel, dat je maar doorgaat met ruziën met je broertje of zusje. Maar het is een heel gevecht om dat op de juiste manier te vertalen naar kinderen.”

“Tijdens de pre-pubertijd krijgen kinderen wel eens dit soort vragen, over de zin en de zinloosheid van de dingen. De dochter van een kennis zei eens: 'Mama, ik ga elke dag naar school en dan kom ik weer thuis. En dan ga ik huiswerk maken. En dan gaan we gezellig eten. En dan ga ik slapen. En de volgende dag doen we dat weer. En dan denk ik weleens: Is dat nou alles?' Misschien gaat het stuk er uiteindelijk over dat je nooit weet wat in het hoofd van een ander omgaat en dat je met die basale onzekerheid moet leren leven.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden