Liefde voor het leven

Drie jaar na de dood van beeldend kunstenaar Constant staat voor Trudy Nieuwenhuys elke dag nog in het teken van haar man. Zij schreef er een boek over.

Aan de muur hangt een aquarel van Tikus, de hond van beeldend kunstenaar Constant. Vier dagen na het overlijden van zijn baas, op 1 augustus 2005, ging ook hij dood. Constant en Tikus werden samen begraven. Het portret van de hond heeft ze tijdelijk in haar kantoor gehangen om een lege plek op te vullen, vertelt Constants weduwe, de kunsthistoricus Trudy Nieuwenhuys-van der Horst. De aquarel vervangt een schilderij dat Constant van haar maakte. „Ik hang zelf een paar maanden in het museum.”

Ruim drie jaar na zijn dood wijdt het Stedelijk Museum Schiedam een grote tentoonstelling aan het werk van Constant (A. Nieuwenhuys, 1920-2005), waarbij de nadruk ligt op de jaren 1969-2005. In die periode koos de kunstenaar met volle overtuiging voor het colorisme en experimenteerde hij naar hartelust met kleur, ruimte en licht. Centraal op de expositie staan de 52 werken uit de nalatenschap die Constants weduwe in langdurig bruikleen heeft geschonken aan het Schiedamse museum. Ze komen rechtstreeks uit het atelier aan de Derde Wittenburgerdwarsstraat in Amsterdam, waar Constant vanaf 1964 werkte. Een aantal ervan was nooit eerder te zien. Het lijvige en rijk geïllustreerde boek dat ter gelegenheid van deze tentoonstelling verscheen, ’Constant. De late periode. Tegen de stroom in naar essentie. Une peinture nouvelle’ is geschreven en samengesteld door Trudy Nieuwenhuys-van der Horst (66).

Voor de echtgenote, die na eerdere voltooide studies sociologie en psychologie vorig jaar afstudeerde als kunsthistoricus, staat elke dag nog in het teken van Constant, ’de grote liefde van mijn leven’. Ze leerden elkaar kennen in 1986, toen ze op de kunstbeurs Rai de aquarel ’Les belles fesses’ (De mooie billen) van hem had gekocht. Al jaren bewonderde ze het werk van deze kunstenaar, in die tijd vooral zijn aquarellen. „Ik verzamelde al langer kunst, maar toen ik het me kon permitteren om wat prijziger werk te kopen, wilde ik beslist iets van Constant. De aquarel kostte me 12.200 gulden, maar ik kreeg 300 gulden korting vanwege een toenmalige kunstaankoopregeling.” Later hoorde ze dat Constant bij de galeriehouder had geïnformeerd wie de aquarel had gekocht. Hij vermoedde ’een vies oud mannetje’. Nee, had de galeriehouder gezegd: Een charmante jonge dame. Zijn reactie: „Dan is ze zeker lesbisch.” Nieuwenhuys: „Ik zag iets heel anders in die aquarel, ik zag er een man en vrouw in.”

Er volgde een ontmoeting en een tijdje later werden ze een paar. In 1997 ’verleidde’ de kunstenaar haar zelfs tot een huwelijk, hoewel ze zich als feministe en bewust ongehuwde moeder van een dochter had voorgenomen nooit te trouwen. „Ik heb ingestemd op voorwaarde dat ik zelfstandig en onafhankelijk zou blijven. Dat ben ik mijn hele leven al. Ik heb mijn eigen huis aangehouden en had in die tijd ook nog mijn eigen organisatieadviesbureau.”

Sinds hun eerste ontmoeting beheerst Constant haar leven. Door hem ging ze kunstgeschiedenis studeren. Haar eindscriptie wijdde ze aan zijn werk. Die scriptie heeft ze nu verwerkt tot een boek over zijn late periode 1969-2005. Ze beschrijft en verklaart zijn schilderijen om tot de conclusie te komen dat Constant – toch vooral bekend als mede-oprichter van de Cobrabeweging en van zijn ontwerpen en ideeën voor New Babylon: een denkbeeldige stad in een veronderstelde samenleving waar de de nomadische, creatieve en spelende mens centraal staat – vanaf 1969 opnieuw een volgende artistieke fase inging.

In de jaren zeventig, toen de schilderkunst min of meer dood werd verklaard en figuratief schilderen al helemaal niet kon, ging Constant schilderen. Eerst schilderde hij nog in de stijl van New Babylon labyrintische ruimtes, opgebouwd uit lijnen, rasters en gekleurde vlakken. Midden jaren zeventig verdwenen de kleurvlakken en bouwde hij zijn schilderijen op direct vanuit kleuren. Daarmee heeft hij volgens zijn echtgenote een belangrijke bijdrage geleverd aan het colorisme na Cézanne. „Hij ging ook in zijn late periode, zoals hij zijn hele leven heeft gedaan, dwars tegen de heersende stromingen in. Dat was de rode draad in zijn leven en werk: altijd tegen de stroom in en wars van modes. En daarbij was hij ook nog eens zeer bewogen met alles wat er in de wereld gebeurde.”

l’Art pour l’art lag niet in zijn aard, van kunst om de kunst zonder enige bijbedoeling moest hij niets hebben, vertelt Nieuwenhuys. Bij het schilderen reageerde hij heel direct op gebeurtenissen op het wereldtoneel. Zo maakte hij het schilderij ’L’exécution’ naar aanleiding van de moord op de Ikon-journalist Koos Koster en drie Nederlandse collega’s, die in 1982 in een hinderlaag van het Salvadoraanse leger liepen. Een ander voorbeeld van zijn maatschappelijke betrokkenheid is ’L’insurrection’ (1985), dat een universele verbeelding is van welke opstand waar dan ook ter wereld. ’Les Expulsés’ (1999), in de ogen van zijn echtgenote een van zijn beste schilderijen, ontstond naar aanleiding van de gebeurtenissen in Kosovo, maar het overstijgt dat. Ook dit is een universeel schilderij dat gaat over het lot van mensen waar ook ter wereld die te lijden hebben onder oorlogen en verdreven worden van huis en haard.

Het lijkt een hachelijke onderneming om een boek te schrijven over de schilderkunst van je geliefde. Kun je dan wel genoeg afstand nemen? Dat is een vraag die haar vaak is gesteld en veel mensen, onder wie de stiefzoon van Constant, hebben het haar ook afgeraden, zegt Nieuwenhuys. Toch heeft ze doorgezet. Wel heeft ze zich van meet af aan laten begeleiden door een team van kritische meelezers. Dat neemt echter niet weg dat het boek toch ook leest als een ode aan Constant, bijvoorbeeld in de passages waar ze hem vergelijkt met Cézanne en hem op één lijn stelt met deze kunstenaar. „Cézanne was een groot colorist, maar Constant doet wat betreft de intensiteit van zijn kleuren niet voor hem onder. Toch vind ik Constant als kunstenaar boeiender, omdat hij vanuit zijn verzetshouding zijn werk ook nog zo’n sterke lading heeft meegegeven.”

Maar deze loftuitingen zijn niet ingegeven door blinde liefde en bewondering voor haar overleden man, benadrukt ze. „In het boek heb ik alles beargumenteerd. Ik vond dat ik alles moest expliciteren en extra onderbouwen en dat heb ik ook gedaan, nog veel meer dan wanneer het over een afstandelijk onderwerp was gegaan.”

De vraag rijst hoe ze dit boek heeft kunnen maken terwijl ze nog midden in het rouwproces zat. „Het schrijven is louterend geweest. Het voelde ook meer als een samenwerking met Constant. Ik denk dat hij met zijn scherpe en altijd kritische geest, ook tevreden zou zijn geweest.”

Het komende jaar neemt ze rust, ook om weer te kunnen reizen. En daarna wacht het volgende grote project: de oeuvrecatalogus over Constant.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden