Liedjes uit een verloren tijd

(\N) Beeld
(\N)

Ate Doornbosch (82) gaf oude volksliedjes nieuw leven op de radio. De bundeling van zijn levenswerk ervaar je als een muzikale tijdmachine.

Ze heetten Bontje Dalman-Douma uit Buitenpost, Gertruda Dings-Verschaeren uit Helden en Thijs Pals van Terschelling. Hun liedjes werden ter plekke vastgelegd door Ate Doornbosch (82), die ze tussen 1957 en 1993 in zijn wekelijkse radioprogramma ’Onder de groene linde’ uitzond: 5000 in totaal, goed voor 1437 afleveringen. Dankzij de samenwerking tussen het Meertens Instituut en platenmaatschappij Music & Words, die hiermee haar zilveren jubileum viert, is het verdwijnend cultuurgoed dat Doornbosch voor ondergang behoedde, nu gebundeld in een monumentale box.

Thuis in Schiedam, slechts onderbroken door de pendule, vertelt Doornbosch hoe zijn interesse ontstond: „Ik groeide op in Nuis, een dorpje bij Groningen. Ik heb het van mijn vader, die vaak spontaan een lied aanhief.”

Doornbosch is geweldig blij met de uitgave van zijn levenswerk, dat ooit bij de Vara begon: „Ik hield me eerst bezig met amateur-muziekbeoefening, koren, blaasorkesten en mondharmonica’s.” Zijn vader kwam met de suggestie de nog levende volksliedcultuur vast te leggen maar: „De Vara verbood ongeschoolde stemmen als zijnde te volks, zodat alles keurig moest worden nagezongen. Dat vond ik te braaf.” Na aandringen mocht hij voortaan de authentieke opnames uitzenden. Daarmee was ook het eerste interactieve radioprogramma geboren dankzij de vele brieven die binnenkwamen. „Daar zaten hele kwaaie tussen in de trant van ’dit zijn muzikale uitbraaksels van het laagste allooi’. Gelijkertijd vond ik hiermee mijn informanten. Uit hun brieven bleek of het om oude liederen ging.”

Hij kreeg „een Vara-auto met Vara-chauffeur, die sjouwde mijn bandrecorder, een ouderwetse Revox van veertig kilo”. Later werd het „een Nagra van twaalf kilo en reed ik zelf”.

Vanaf 1968 zond de NRU (voorloper van de NPS) ’Onder de groene linde’ uit. „Opeens kreeg ik veel brieven uit het katholieke zuiden, waar men tot dan toe wegens de verzuiling niet naar de rooie Vara mocht luisteren.” Zodoende boorde Doornbosch nieuwe schatten en inzichten aan, want hoe ’Nederlands’ was het repertoire dat hij verzamelde? „Ik durf gerust te stellen dat van de liederen waarmee ik me heb bezighouden, driekwart uit het buitenland komt.”

Niet alleen uit het oosten via Duitsland, ook via het zuiden met schaapherders die uit Noord-Limburg naar West-Vlaanderen en Noord-Frankrijk trokken.”

Er bestond nóg een route waarlangs liederen heen en weer reisden: „Dat was de Keulse kar, een diligence die van Keulen via Breda naar Antwerpen liep. Je vindt in Brabant nog enkele cafés die ’de Keulse kar’ heten, daar werden de paarden gewisseld.”

Met de teloorgang van allerlei beroepen, verdween ook de functie van de bijbehorende liederen: „Ze waren er om het ritme van de arbeid te ondersteunen bij het hijsen van de zeilen, het turfsteken of bij het wieden. Maar ook omdat opzichters er baat bij hadden. ’Wanneer je zingt, kun je immers niet eten’, zo vertelde een bessenplukster.”

Een andere oorzaak: „Vroeger zong je met het gezin, dat gebeurde altijd in de schemering. Dan was het te donker om te werken en te vroeg om de lamp op te steken, dat kostte tenslotte olie. De komst van het elektrisch licht heeft daar een eind aan gemaakt.”

Paradoxaal genoeg kwam met de radio, het medium waarvan Doornbosch zich bediende, een einde aan de gezongen arbeidsvitaminen van weleer. „Dat was ook zo. Ik moet denken aan dat lied van Herman van Veen, ’Hilversum 3’, waarin hij zingt over een schilder die zingt op de steiger. In plaats daarvan hebben ze nu zo’n herriebak bij zich.”

Wanneer ik opper dat de Nederlandstalige pop wellicht de plaats van de oude ballades heeft overgenomen, zegt Doornbosch glimlachend: „Ik luister daar met plezier naar, Blüf en zo. Het zou best kunnen dat ze een leegte opvullen. Daar moeten anderen zich nog maar eens mee bezighouden.”

Volkskundige Ate Doornbosch. (FOTO WERRY CRONE, TROUW) Beeld
Volkskundige Ate Doornbosch. (FOTO WERRY CRONE, TROUW)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden