Licht

Er gebeurde van alles tijdens de Nacht van de Filosofie. Er werd genetwerkt in de gangen, gerookt en gedronken in de bars, gedebatteerd en later gedanst in de zalen en zelfs heel ingetogen voorgelezen uit favoriete filosofen. Vele filosofen van allerlei formaat uit binnen- en buitenland struinden door de gangen, evenals schrijvers, schrijfsters, politici, oud- politici, management-adviseurs, inkoopleiders, critici, röntgenologen, priesters, dichters, vrijdenkers, karma-freaks, vrijwilligers terminale thuiszorg, voetbalfanaten, wiskundigen, journalisten, psychiaters, studenten, politicologen, stukjesschrijvers, onheilsprofeten, levenskunstenaars en Joyce-vertalers.

Het was een bonte warreling waarbinnen het moeilijk zou zijn enige ordening aan te brengen. Er werd gesproken en gestreden over orde, chaos, wedergeboorte, het waarom van het leven op aarde (,,het is slechts een beschimmelde bal en niemand weet waar die infectie vandaan komt''), het al dan niet aan de gang zijn van de Derde Wereldoorlog, de valse (?) veronderstelling van een Islamitische Verlichting, het misleidende optimisme van ,,onze eigen Verlichting'', de napoleontische fantasie van Bush als Moderniteits-brenger en de vraag in welke zin er ooit Vooruitgang kan zijn in de Kunst.

Verder werd de geschiedenis van de twintigste eeuw voor een keer ontdaan van al die rot-oorlogen en gepresenteerd als de Tijd waarin het gen, het quantum en het onderbewustzijn werden ontdekt. Foucault en Chomsky waren op video te zien in een fascinerende confrontatie, indertijd door Fons Elders geregeld en nu weer eens door hem becommentarieerd. Twee linkse denkers die het ten diepste oneens zijn: Chomsky ietwat platonisch op zoek naar Rechtvaardigheid, Foucault met beide benen op de grond de onthutsende natuurkunde van de Macht presenterend.

Daarnaast legde Agnes Heller de merkwaardige omstandigheid uit dat Georg Lukacs geen colleges over Marx gaf, terwijl daaronder Joep Dohmen een keihard gesprek voerde met de Duitse levenskunstkenner Wilhelm Schmid. Dohmen sprak over de innerlijke tegenstrijdigheid van een boek over levenskunst: die levenskunstig zijn hebben het niet nodig, en de sukkels die levenskunstenaar willen worden zal het via zo'n boek niet lukken. De arme Schmid probeerde vergeefs uit deze houdgreep weg te spartelen.

Verder waren aan de orde: de herhaalbaarheid van de evolutie (wat is de kans dat een knikker twee keer precies dezelfde route zal volgen bij het omlaagstuiteren langs 50 miljard treden?), Kants voorwoord tot Der Kritik der reinen Vernunft (in 36 minuten werden de 12 categorieën in redelijk ongehavende staat te voorschijn geredeneerd door René Gude), de bijzondere vloek van een perfect geheugen (de nachtmerrie van de man die álles onthoudt, door Wittgenstein aangewend als filosofisch gedachte-experiment, door Marcel Möring op bruikbaarheid bekeken voor de schrijver van een roman), de oorsprong van onze normen & waarden (Artis!, werd er geroepen), de mogelijkheid altruïsme van egoïsme te onderscheiden (eigenbelang speelt allerlei rollen, het liefst die van belangeloosheid), de onfrisse beschuldigingen aan het adres van de gestorven Michel Foucault (als de waarheid slechts een constructie is waarin zich de huidige machtsverhoudingen wensen uit te drukken, wat vond je dan van het aidsvirus, dat toch maar mooi dodelijk bleek, ook als je je buiten die constructies meent te bevinden), de mogelijkheid jezelf te kennen (to fall in love with oneself may be the start of a lifelong affair, zei Oscar Wilde, maar er is niemand die we zo gemakkelijk en zo onophoudelijk belazeren als onszelf over onszelf, zei LaRochefoucauld).

In een debat met Safranski en Mulisch vroeg Erno Eskens aan beide heren: schuilt het Boze ook in u? Terwijl Safranski's echtgenote in de zaal nadrukkelijk 'Ja' zat te knikken, zei Mulisch al even nadrukkelijk Nee! Waarop zowel Wilde als LaRochefoucauld weer eens wat makkelijker gingen liggen in hun graf.

Ter afsluiting was er een sessie donderjagen in de vorm van stand-up philosophy, een concept door Huib Schwab bedacht en hier uit zeer losse pols voor het eerst vormgegeven. Het idee was (misschien) dat er een ideale tennismatch zou ontstaan tussen de filosoof met de microfoon en de zaal met de levensvragen waarbij de bal in prachtige rallies heen en weer zou vliegen. Of misschien was het idee dat er uit alle chaos en rumoer een waarheid omhoog zou komen wieken waarna allen verlicht en ontladen huiswaarts konden keren.

Maar het werd dus donderjagen en iedereen had er plezier in. Tenminste. Halverwege de sessie deed zich plotseling een gevoelig moment voor, dat deels in het tumult verloren ging. Een meisje vroeg hoe zij zekerheid kon verkrijgen over de mogelijkheid van een leven na de dood. Het cynische antwoord was: ga naar de reïncarnatie-therapeut, wel je eigen pistool meenemen, en je komt er gauw genoeg achter. Huib Schwab vroeg nu aan het meisje: waarom wil je daar zo graag zeker over zijn? Nu raakte zij geëmotioneerd en zich daar half voor verontschuldigend zei ze: ,,Ik heb kortgeleden ... hoewel het daar nu niet om gaat ... maar, ik vind het zo vreselijk dat sommige mensen sterven terwijl ze bezig waren met iets belangrijks of iets moois, en ik zou het zo'n troost vinden als ik wist dat ze dat na hun dood toch op de een of andere manier zouden kunnen afmaken''.

Daar sta je dan met je grove ongein over een pistool. Hier stoot je je hoofd, of je hart liever, aan een durf ik het te zeggen, zekere armoede in de filosofie: zij geeft wel licht, maar geen warmte.

En een mens leeft niet bij licht alleen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden