Lichte stijging uitkeringen door koppeling van lonen

Wettelijk minimum(jeugd)loon

Vanaf 23 jaar geldt in '98 het volgende (bruto) minimumloon (tussen haakjes de bedragen voor 1996): per maandper weekper dag ¿ 2 276,30 (¿ 2 220,40) ¿ 525,30 (512,40) ¿ 105,06 (102,48)

Het bruto minimumloon voor jongeren is een percentage van het minimumloon voor mensen vanaf 23 jaar. Per 1 januari gelden de volgende bedragen: Leeftijd percentage Per maand Per week 22 85¿ 1934,90 (1887,30) ¿ 446,50 (435,50) 21 72,5 ¿ 1650,30 (1609,80) ¿ 380,80 (371,50) 20 61,5 ¿ 1399,90 (1365,50) ¿ 323,10 (315,10) 19 52,5 ¿ 1195,10 (1165,70) ¿ 275,80 (269,00) 18 45,5 ¿ 1035,70 (1010,30) ¿ 239,00 (233,10) 17 39,5 ¿ 899,10 (877,10) ¿ 207,50 (202,40) 16 34,5 ¿ 785,30 (766,00) ¿ 181,20 (176,80) 15 30¿ 682,90 (666,10) ¿ 157,60 (153,70)

Hoe dit netto uitpakt is afhankelijk van de sociale premies in die bedrijfstak.

Bijstandsuitkeringen per 1 januari 1998

Op grond van de koppeling tussen het minimumloon en de bijstandsuitkeringen gaan ook die uitkeringen omhoog. De netto-uitkering voor een echtpaar (of samenwonenden) stijgt per 1 januari met 35,96 gulden per maand netto. In de bijstandswet gelden drie categoriën. In welke categorie men valt en daarmee de hoogte van de uitkering, hangt af van de leefstituatie. Voor echtparen en samenwonenden geldt een uitkering gelijk aan honderd procent van het minimumloon, voor allenstaande ouders zeventig procent en voor alleenstaanden vijftig procent. Kan een alleenstaande ouders of een alleenstaande de woonkosten niet met een ander delen, dan gelden toeslagen tot maximaal twintig procent van het minimumloon.

Normbedragen Algemene Bijstandswet voor mensen van 21 jaar en ouder: per maand vakantie- totaal uitkering per maand Echtparen of ongehuwd ¿ 1929,64¿ 103,70¿ 2033,34 samenwonenden Alleenstaande ouders ¿ 1350,75¿ 72,59 ¿ 1423,34 Alleenstaanden ¿ 964,82¿ 51,85 ¿ 1016,67

Maximale toeslag van twintig procent:

per maand vakantie- totaal uitkering per maand Alleenstaande ouders en alleenstaanden ¿ 385,93¿ 20,74 ¿ 406,67

Voor bijstandsgerechtigden jonger dan 21 jaar gelden lagere normbedragen. Hun uitkering is afgeleid van de kinderbijslag:

per maand vakantie- totaal uitkering per maand Echtparen, beide partners jonger dan 21 jaar ¿ 666,79 ¿ 35,83 ¿ 702,62 Echtparen, een partner jonger dan 21 jaar¿ 1298,21 ¿ 69,77 ¿ 1367,98 Alleenstaanden ¿ 333,39 ¿ 17,92 ¿ 351,31

Hebben jongeren kinderen dan gelden hogere bedragen: per maand vakantie-totaal uitkeringper maand Echtparen, beide partners jonger dan 21 jaar ¿ 1052,72 ¿ 56,57 ¿ 1109,29 Echtparen, één partner jonger dan 21 jaar ¿ 1684,14 ¿ 90,51 ¿ 1774,65 Alleenstaande ouders ¿ 719,32 ¿ 38,66 ¿ 757,98

Eigen vermogen

In de bijstand geldt een zogenoemde vermogenstoets: het gespaarde geld wordt van de te ontvangen uitkering afgetrokken. Daarbij geldt wel een vrijstelling. Het vrij te laten vermogen is in 1998 ¿ 19400,- voor gezinnen en ¿ 9700,- voor alleenstaanden. Heeft iemand een eigen huis dan geldt nog eens een extra vrijlating van ¿ 15000,- en de helft van het meerdere. De totale vermogensvrijlating is begrensd tot ¿ 79400,- voor gezinnen en ¿ 69700,- voor alleenstaanden.

AOW

Net als de bijstand is de AOW gerelateerd aan het minimumloon. De verhoging lijdt er toe dat bijvoorbeeld dat een echtpaar, waarvan beide partners ouder zijn dan 65 jaar, er netto per maand 56 gulden op vooruit gaan. Een alleenstaande AOW'er gaat er 58 gulden op vooruit.

In de normen voor de AOW verandert niets. De AOW is geïndividualiseerd: iedereen krijgt vijftig procent van het minimumloon. Een echtpaar, waarvan de partners allebei AOW-gerechtigd zijn, ontvangt daardoor een volledig minimumloon. Alleenstaanden krijgern op hun basisuitkering van vijftig procent een toeslag van twintig procent. Een AOW'er met een partner jonger dan 65 krijgt vijftig procent en een toeslag van, afhankelijk van het inkomen van de partner, maximaal nog eens vijftig procent.

De onderstaande (bruto-)bedragen gelden voor AOW'ers zonder aanvullend pensioen en met een ziekenfondsverzekering. Per maand Vakantie-uitkering. per maand Gehuwden ¿ 1123,27 f 65,19 Geh. met max. toeslag¿ 2246,54 ¿ 130,38 Ongehuwden ¿ 1638,56 ¿ 91,26 Maximale toeslag¿ 1123,27

Netto AOW-uitkering voor gehuwden (twee maal vijftig procent) 1/10/1997 1/1/1998 verschil per maand ¿ 1945,68 ¿ 2001,92¿ 56,24 vakantietoeslag ¿ 104,40 ¿ 104,50¿ 0,10 Totaal ¿ 2050,08 ¿ 2106,42¿ 56,34

Netto AOW voor alleenstaanden 1/10/1997 1/1/1998 verschil per maand ¿ 1364,29 ¿ 1422,61¿ 58,32 vakantietoeslag f 73,07 ¿ 73,15¿ 0,08 Totaal ¿ 1437,36 ¿ 1495,76¿ 58,40

ANW

De uitkering voor weduwen en weduwnaars is maximaal 70 van het minimumloon. Nabestaanden die kinderen onder de 18 jaar verzorgen, krijgen (afhankelijk van het eigen inkomen) een toeslag van twintig procent van het minimumloon.

Nabestaanden met kinderen die een een uitkering hebben op basis van de (oude) Algemene weduwen- en wezenwet ontvangen een uitkering van honderd procent van het minimumloon van het (netto-)niveau op 1 maart 1996 (¿1839,70). Deze uitkering blijft bevroren tot het niveau van de nieuwe uitkeringen op de grond van de ANW bereikt is. De ANW is inkomensafhankelijk. Inkomen uit andere uitkeringen wordt er geheel van afgetrokken. Van inkomen uit arbeid blijft een deel buiten beschouwing. De Tweede Kamer heeft overigens besloten hierbij een aantal verzachtingen in te voeren. Ze zijn echter nog in behandeling bij de Eerste Kamer, zodat in de loop van '98 veranderingen in de ANW verwacht mogen worden.

Brutovakantie- uitkering per maand per maand Nabestaanden met kind tot 18 jaar die voor 1-7-1996 AWW-uitkering hadden¿ 2258,79 ¿ 159,31 Nabestaandenuitkering ¿ 1772,84 ¿ 114,91 Halfwezenuitkering ¿ 390,85 ¿ 32,83 Wezen (tot 10 jr.) ¿ 567,31 ¿ 36,77 Wezen (10-16 jr.) ¿ 850,96 ¿ 55,16 Wezen (21-27 jr.) ¿ 1134,62 ¿ 73,54

Kinderbijslag

De hoogte van de kinderbijslag varieert met de leeftijd van het kind,. Bovendien wordt de kinderbijslag twee keer jaar aan de prijsontwikkeling aangepast. Het basisbedrag per kind is per 1 januari 1998 ¿449,51. Voor kinderen die na 1 januari 1995 geboren zijn, is het kinderbijslagbedrag alleen afhankelijk van de leeftijd. Voor oudere kinderen is ook het aantal kinderen in een gezin bepalend. Voor kinderen geboren tussen 2 oktober 1994 en 1 januari 1995 bestaat er een overgangsregeling. De onderstaande bedragen gelden per kind per kwartaal.

I. Kinderen geboren voor 2 oktober 1994: t/m 5 jaar 6 t/m 11 12 t/m 17 en 18 t/mjaar 24 jaar* Gezinnen met: 1 kind ¿ 314,66 ¿ 449,51 ¿ 584,36 2 kinderen¿ 361,32 ¿ 516,17 ¿ 671,02 3 kinderen¿ 376,87 ¿ 538,38 ¿ 699,89 4 kinderen¿ 409,60 ¿ 585,14 ¿ 760,68 5 kinderen¿ 429,23 ¿ 613,19 ¿ 797,15 6 kinderen¿ 442,32 ¿ 631,89 ¿ 821,46

*) Zodra een kind 6, 12 of 18 jaar wordt, is tabel II van toepassing.

II. Kinderen die zijn geboren tussen 1 oktober 1994 en 1 januari 1995 en kinderen die na 1 oktober 1994 6, 12 of 18 jaar zijn geworden:

t/m 5 jaar 6 t/m 1112 t/m 17 en 18 t/m jaar 24 jaar* Gezinnen met: 1 kind ¿ 314,66¿ 382,08¿ 449,51 2 kinderen¿ 361,32¿ 438,74¿ 516,17 3 kinderen¿ 376,87¿ 457,62¿ 538,38 4 kinderen¿ 409,60¿ 497,37¿ 585,14 5 kinderen¿ 429,23¿ 521,21¿ 613,19 6 kinderen¿ 442,32¿ 537,11¿ 631,89

*) In beginsel bestaat er voor kinderen vanaf 18 jaar geen kinderbijslag meer. Voor een overgangscategorie van studerende kinderen bestaat nog recht zolang de studie duurt, mits over het vierde kwartaal 1995 voor hen kinderbijslagrecht bestond.

III. Voor kinderen geboren op of na 1 januari 1995:

0-6 jaar314,66 6-12 jaar 382,08 12-18 jaar 449,51

Sociale premies

Door de Pemba-operatie verandert er per 1 januari nogal wat in de wijze waarop premies voor de sociale verzekeringen worden geheven. Tot nu toe betaalden werknemers de WAO-premie. Die wordt nu overgenomen door de werkgever en valt uiteen in een basisdeel, voor alle bedrijven gelijk, en een deel dat afhankelijk is van het aantal arbeidsongeschikten dat een bedrijf uitstoot. Ter compensatie is de overhevelingstoeslag die een werkgever een werknemer betaald (omdat de laatste sinds een aantal jaren zelf de AWBZ-premie opberengt) fors verlaagd: van 9,90 procent naar 1,70 procent. Ook de verdeling van de lasten voor werkloosheid (wachtgeld- en WW-premie) tussen werkgever en werknemer is grondig gewijzigd. Grosso modo betaalt nu ieder de helft. Bovendien bestaat er vanaf 1 januari '98 een aparte WAO-verzekering voor zelfstandigen (de WAZ), in plaats v an de geschrapte AAW.

Sociale premies per 1 januari 1988 (met, voorzover van toepassing, tussen haakjes de percentages van vorig jaar)

werkgever werknemer totaal AOW 1) -,- (-,-) 16,50 (15,40) 16,50 (15,40) ANW 1) -,- (-,-)1,40 (1,65) (1,40) (1,65) AWBZ 1) -,- (-,-)9,60 (8,85) 9,60 (8,85) WAO (basispremie) 7,55 (-,-)-,- (8,45) 7,55 (8,45) WAO (gem. per bedrijf) 0,30 (-,-)-,- (-,-)0,30 (-,-) WAZ 7,90 (-,-)-,- (-,-)7,90 (-,-) Wachtgeld (gem.) 2,20 (0,50) -,- (0,50) 2,20 (1,00) WW 4,15 (5,05) 6,45 (2,20) 10,60 (7,25) Ziekenfonds 2)5,60 (5,55) 1,20 (1,35) 6,80 (6,90) Vorstverlet 0,15 (0,15) -,- (-,-)0,15 (0,15) VUT (gem.) 1,50 (1,90) 0,80 (0,95) 2,30 (2,85)

1) Voor de volksverzekeringen geldt een premievrije voet van ¿ 8617,- per jaar en een maximaal premie-inkomen van ¿ 47184 - per jaar. 2) De loongrens bedraagt ¿ 62220,- voor mensen jonger dan 65 jaar en ¿ 39.550,- voor 65-plussers. Verder is een nominale premie ZFW verschuldigd. De hoogte hiervan wordt door de zieken¿ondsen zelfstandig vastgesteld. De gemiddelde nominale premie ZFW bedraagt ¿ 216,- per jaar per volwassene. Voor meeverzekerde kinderen is geen premie verschuldigd. Daarbij is een eigen bijdrage per verstrekking (huisartsenbezoek uitgezonderd) ingevoerd tot een maximum van ¿ 200,- per jaar en ¿ 100,- voor mensen met een minimumuitkering. Voor chronisch zieken is een specifieke compensatie ingevoerd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden