Licht en kleur keren terug in Nicolaaskerk

Wie met de trein naar de hoofdstad reist, kan het nauwelijks over het hoofd zien: een beetje naar links overheerst het markante, sombere profiel van de Nicolaaskerk het stadsbeeld. Binnen voltrekt zich onder de handen van de restauratoren een kleine metamorfose.

Madelon Kielich

'Iedereen vond de Nicolaaskerk altijd vies. Het gebouw nodigde niet uit om naar binnen te gaan. Ik woon al jaren in Amsterdam, maar ik wist ook niets van dit schitterende interieur.'

Aan het woord is Wil Werkhoven, restaurator. Samen met haar collega Rob Bremer werkt ze al anderhalf jaar aan de restauratie van de schilderingen van Jan Dunselman in de Sint Nicolaaskerk aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam. Op dit moment is de doopkapel aan de beurt.

Alleen van dichtbij is te zien dat de gouden achtergrond van de voorstelling op het gewelf niet uit mozaïeksteentjes bestaat, maar met bladgoud is verguld. De afbeelding van de doop in de Jordaan is ernstig aangetast. Door een verstopte goot is jarenlang regenwater in het gewelf gedrongen.

Rob Bremer: ,,Dunselman werkte voor deze kapel op zeildoek. Zo kon hij de hele voorstelling in zijn atelier schilderen. Daarna werd het doek op de muur aangebracht. Door de lekkage was het zeildoek helemaal gedeformeerd tot een maanlandschap en in die toestand versteend. We hebben de schildering in z'n geheel gedemonteerd en aan de achterkant behandeld. Nu het geconserveerde doek is teruggeplaatst kunnen we de beschadigingen restaureren.''

Jan Dunselman (1863-1931) was een bevlogen kerkschilder die zijn medegelovigen met zijn kunst wilde 'opwekken tot overweging'. Als eerste winnaar van de Prix de Rome had hij in Italië en Spanje gestudeerd, waar hij grote bewondering had opgevat voor Giotto en Fra Angelico. In 1901 was hij mede-oprichter van de katholieke kunstkring 'de Violier', een groep kunstenaars die zich afzette tegen de heersende navolging van de gotiek.

In veertig jaar tijd beschilderde hij het hele interieur van de Nicolaaskerk. Het was een prestigieuze opdracht: het katholieke kerkbestuur had deze kerk in 1887 als nieuwe hoofdkerk van Amsterdam laten bouwen door de architect A.C. Bleijs. Het neobarokke gebouw met de grote koepel en twee monumentale torens viel op in het stadsbeeld: de meeste van de kerken die in deze tijd van katholieke emancipatie verrezen, waren gebouwd in de stijl van de neogotiek.

'De kathedraal' aan het IJ was de opvolger van de te kleine schuilkerk 'Ons' Lieve Heer op Solder' en was bedoeld om te imponeren. Een welgestelde parochiaan, Geertuida Schmitz, stelde een deel van haar vermogen ter beschikking voor de uitvoering van een ambitieus decoratieprogramma.

Tot voor kort maakte de Nicolaaskerk niet alleen van buiten een sombere indruk, ook binnen heerste er duisternis. Bij de provisorische restauratie eind jaren zestig waren de vensters van de glazen binnenkoepel verwijderd en de ramen dicht gemaakt. Nu de blauwe glasvensters zijn teruggeplaatst blijkt het interieur verrassend licht en kleurrijk.

De schilderingen komen eindelijk weer tot hun recht. Statige figuren van engelen en evangelisten tegen een gouden achtergrond sieren de koepel en de apsis, als mozaïeken in een Byzantijnse kerk. In het schip zijn veertien kruiswegstaties afgebeeld en op de muren werkte Dunselman in de verhalende stijl van Giotto. Hij schilderde er een uitgebreide cyclus van het leven van Nicolaas die uniek is voor Nederland. Andere grote onderwerpen zijn de geschiedenis van het Mirakel van Amsterdam en het verhaal van de Martelaren van Gorkum. Ook de niet-figuratieve schilderingen in de kerk zijn van Dunselmans hand en de meeste gebrandschilderde ramen zijn naar zijn ontwerp uitgevoerd.

Door vuil, kaarsroet, temperatuurwisselingen en lekkages hebben de schilderingen erg veel te lijden gehad. Bij hun herstel is gekozen voor de terughoudende behandeling van de moderne restauratie-ethiek. Het uitgangspunt is dat alle ingrepen ongedaan gemaakt moeten kunnen worden.

Dunselman stelt de restauratoren steeds weer voor verrassingen. Rob Bremer: ,,Hij gebruikte telkens een andere ondergrond waardoor we voortdurend van scenario moesten veranderen. De mirakelprocessie bijvoorbeeld dachten we als doek af te kunnen nemen, maar die bleek direct op de muur te zijn geschilderd.''

Wil Werkhoven: ,,Het is knap hoe hij het uiterlijk van een fresco weet te bereiken. De kruiswegstaties schilderde hij bijvoorbeeld op linoleum, toen een nieuw materiaal. Hij schilderde op de achterkant om het gewenste matte effect te verkrijgen.'' Het herstel van deze kruiswegstaties wordt een van de laatste en moeilijkste onderdelen van de restauratie. Er zijn grote scheuren in de schilderingen ontstaan doordat het linoleum is losgeraakt van het raamwerk.

Vaak moest er onder barre omstandigheden gewerkt worden, zoals de afgelopen winter tijdens de restauratie van de schilderingen in de koepel. Deze waren zo ernstig door vocht aangetast dat de schilfers erbij hingen. Werkhoven: ,,We hebben een paar maanden helemaal bovenin gewerkt, terwijl er nog geen glas in de koepel zat. Het was erg koud en het werk viel tegen. Sommige bladders hadden een krul gemaakt van 180 graden.''

Met welk een precisie Dunselman schilderde bleek pas op de steiger. Werkhoven: ,,We hadden onze offerte op onderzoek met verrekijkers gebaseerd. Van beneden is niet te zien hoe de engelen in de koepel tot in de kleinste details zijn uitgewerkt. Dat geldt zelfs voor de wolken waarop ze staan. Bovendien bleken alle aureolen en edelstenen ook nog geprofileerd te zijn. De taillebanden zijn opgehoogd met vergulde kartonnen vierkantjes als mozaïeksteentjes. We hebben duizenden nieuwe kartonnetjes geknipt en beplakt met bladgoud.'' Oorspronkelijk lagen er meer dan lOO lampen in de kroonlijst van de koepel die al het goud en de gekleurde steentjes deden schitteren.

Door Dunselmans grote aandacht voor bijzonderheden als kostuums en attributen heeft men zijn schilderingen wel vergeleken met schoolplaten. Bremer en Werkhoven kenschetsen zijn werk vooral als bijzonder vakkundig. ,,Hij was erg goed in handen en koppen. We kwamen steeds bekenden tegen: vaak verwerkte hij zijn buren en familieleden in de grote scènes. Van sommige gezichten straalt de devotie af. Die mensen hebben nog nooit een zonde begaan, die komen zo in de hemel.''

De restauratoren hebben naar hun schatting nog een jaar nodig voor het interieur van de Nicolaaskerk in oude luister is hersteld. Hun werk maakt deel uit van een allesomvattend restauratieproject: bouwkundig zal de kerk waarschijnlijk in september al worden opgeleverd.

De Nicolaaskerk wordt nog wekelijks voor de eredienst gebruikt. De toevoeging van een eigentijds kunstwerk leek de Stichting Restauratie Sint Nicolaas op zijn plaats. Kort geleden werden daarom acht nieuwe glas in lood ramen van Jan Dibbets in het schip geplaatst. Dunselman en Dibbets blijken prachtig samen te gaan.

Ter gelegenheid van de restauratie heeft het Amsterdams Historisch Museum een tentoonstelling gewijd aan de bouwgeschiedenis van de Nicolaaskerk en de schilderingen van Jan Dunselman. Deze tentoonstelling duurt nog t/m 13 juni.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden