Lezen als de herinnering aan een droom

Beeld Colourbox

Het was een hele schok: van alle boeken die door schrijvers, recensenten, uitgevers en boekhandelaren in deze krant werden getipt als de beste van 2015 had ik er niet één gelezen. Geen goede beurt dus, voor deze veellezer. Mijn boekenwereld wordt klein - terwijl lezen juist wordt geacht je horizon te vergroten. Of wreekt zich de moeheid van de boekverslinder die door geen roman, essay of bundel meer wordt verrast?

Misschien - maar hoe weet je dat, wanneer je niet leest wat je volgens kenners zou móeten lezen? En hoe rijm je dat met die andere ontdekking van mensen met een lange leesgeschiedenis: dat je een boek vol bewondering aan het doorwerken bent en plots een aantekening ziet staan in je eigen handschrift? Ooit moet je het al eerder hebben gelezen, met dezelfde bewondering en begeestering - maar alles verdween in het zwarte gat van de vergetelheid.

Herinnering aan een droom
Eén voordeel heeft dat wel: zo kun je een boek twee maal voor de eerste keer ontdekken - strikt genomen een logische onmogelijkheid. Daarvoor hoeft het geheugenverlies niet eens totaal te zijn. Van talrijke boeken weet ik dat ik ze al eens onder ogen heb gehad en vaag staat hun inhoud me nog voor de geest. Maar bij herlezing ontdek ik pas weer hoe het allemaal in elkaar stak. Geen ontdekking maar herkenning - en toch weet ik op bijna geen enkele bladzijde meer wat de volgende zal brengen. Lezen wordt zoiets als de herinnering aan een droom.

Misschien is dat niet alleen een kwestie van aftakeling, zo houd ik mezelf soms troostend voor. In zekere zin komt de boekliefhebber daarmee pas in zijn element. Want zo wijd als de horizon door het lezen wordt, zo denkbeeldig wordt daarmee ook die werkelijkheid zelf. Boeken beschrijven niet dé wereld, maar scheppen een wereld. Soms lijkt die bedrieglijk op wat wij 'de realiteit' noemen, maar altijd verschuift daarin een accent of verschiet iets van kleur. Elk boek heeft zijn eigen wereld, en soms beginnen wij juist daarin pas zelf te bestaan.

Sprookjesachtige onwerkelijkheid
Sinds een paar maanden lees ik bij vlagen in de romancyclus The Alexandria Quartet van Lawrence Durrell. Ze dateren van zo'n halve eeuw terug, de schrijver is intussen zo goed als vergeten. En ze vertellen van een wereld die ook op haar beurt verdwenen is: het kosmopolitische Alexandrië waar de schrijver lang woonde. Daar moeten ooit oost en west, modern en oeroud zich vermengd hebben in een sprookjesachtige onwerkelijkheid die dromerig tot leven komt in Durrells smachtend vloeiende zinnen en het enigszins vermoeide Victoriaanse Engels dat in zijn schrijversgeneratie nog voortleefde.

In 'Justine', het eerste deel van de cyclus, wordt de realiteit nóg ongrijpbaarder, doordat de Durrell erin lange stukken citeert uit een ander boek: 'Moeurs' (Zeden) van de raadselachtige levensgenieter Jacob Arnauti. Daarin leest de hoofdpersoon, Durrells alter-ego, de levensgeschiedenis van zijn eigen geliefde terug. In deze in de jaren dertig in Parijs verschenen mémoires komt dwars door de fictie heen de werkelijkheid weer tot leven.

Verdwijntruc
Maar die echtheid bestaat alleen door een tweede verdwijntruc. 'Moeurs' is een van de honderden, zo niet duizenden niet-bestaande boeken die schrijvers in hun werk oproepen om werkelijkheid te scheppen via een dubbele onwerkelijkheid. Gevonden manuscripten, imaginaire naslagwerken, het ene resterende exemplaar van een roman: de literatuur zit er vol mee, van 'Don Quichot' tot 'De schaduw van de wind'. Op internet is er een lange lijst van te vinden.

Jorge Luis Borges, die 'het boek' tot zijn enige protagonist maakte en de bibliografische verhandeling tot zijn persoonlijke romangenre, was er een meester in. Nog altijd schijnen er mensen op zoek te zijn naar de Chinese Encyclopedie uit zijn verhaal 'De analytische taal van John Wilkins', waarin het dierenrijk verdeeld wordt in 'a) toebehorend aan de Keizer, b) gebalsemd, c) getemd, d) speenvarkens, e) zeemeerminnen...' enzovoort. Michel Foucault heeft het beroemd gemaakt in zijn (echte) boek 'De woorden en de dingen' - waarin taal en werkelijkheid op hun beurt elk een eigen leven beginnen te leiden.

Iedere lezer kent de spreekwoordelijke bedrieglijkheid van Borges' bibliografie. Maar zijn toverkunsten zijn onweerstaanbaar. Zelf ben ik jaren zoekende geweest naar de roman 'April march' (uit de bundel 'Ficciones') , waarin een gebeurtenis achterwaarts in de tijd wordt terugverteld, langs in alle mogelijke splitsingen die uiteindelijk allemaal tot dat ene voorval leiden. Maar dat boek bestaat al evenmin als zijn schrijver Herbert Quain, wiens naam me had kunnen waarschuwen. Vreemd genoeg komt het niet voor op de lijst van 'fantoomboeken' op internet.

Babylonische Bibliotheek
Langzamerhand lijkt mijn wereld te veranderen in de Babylonische Bibliotheek die door diezelfde Borges onsterfelijk is gemaakt. De bibliotheek waarin alle mogelijke en onmogelijke boeken ter wereld verzameld zijn, en waarin niemand die twee meer van elkaar weet te onderscheiden. Gelezen en ongelezen, herinnerde en vergeten, terecht misprezen en ten onrechte hernomen boeken: alles raakt verward in mijn werkelijkheid van 'woorden en dingen'.

Van de jaarlijke leeslijstjes heb ik niets meer gelezen; rond mijn leesfauteuil stapelen zich de boeken op die, beduimeld en vol uitroeptekens, nieuw lijken als nooit tevoren. De wereld wordt een woord, het boek een ding, en hardop lezend dwaal ik rond in mijn leesherinneringen, mijn eigen Babylonische bibliotheek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden