LEX VAN DELDEN: 'IN LONDEN SPEEL IK VOOR MIJN LEVEN'

Ruim vijftien jaar is de acteur Lex van Delden Nederlander tussen de Britten. "Schaamte, verlegenheid, pijnlijk getroffen zijn... wij kennen die gevoelens niet, omdat we ons er meteen uitpraten: 'Ja, maar dat bedoelde ik niet zo. . .', tetteren we dan. Een Engelsman wordt koel, puur uit zelfbescherming."

"Wacht bij de deur even op me" , zegt Lex van Delden als we op het punt staan te vertrekken naar Heathrow. "Ik wil m'n vriend nog even gedag zeggen. Hij raakt embarrassed als ik hem zoen in het bijzijn van anderen."

Twee minuten later komt hij naar beneden rennen met fladderende jas en een hoed op het hoofd. Hij trekt de deur dicht en loopt naar de bushalte aan de overkant van de drukke Kentish Town Road. Na bijna elke stap draait hij zich om, enthousiast zwaaiend naar zijn vriend voor het raam. "Ons afscheid is altijd wat sentimenteel" , verontschuldigt hij zich. "Die gewoonte heb ik weer ingebracht."

Embarrassment - het woord was een paar uur eerder al gevallen. Van Delden had het genoemd als voorbeeld van een typisch Britse eigenschap die hij als Hollander nooit zou kunnen overnemen. Al woont hij zo'n vijftien jaar in Londen, de innerlijke paniek, verhuld in uiterlijke kilte, blijft hem vreemd.

"Het woord kan schaamte betekenen, maar ook verlegenheid of pijnlijk getroffen worden. Wij kennen die gevoelens niet, omdat we ons ergens meteen uitpraten: 'Ja, maar dat bedoelde ik niet zo. . .', tetteren we dan. Een Engelsman wordt koel, puur uit zelfbescherming."

Vooral na onverhoedse uitspraken over seks, geloof of politiek kan een dodelijke stilte vallen, weet Van Delden. Het gezelschap is geschokt en zal dat laten weten ook. Maar niet door de veroorzaker van al dat embarrassment eens flink op zijn nummer te zetten. Echte Britten laten degene die hen heeft gekwetst in zijn eer. Van Delden: "Eigenlijk hebben ze alleen maar medelijden met zo iemand."

De Nederlandse acteur is niet de enige die het gevoel van gene typisch Brits vindt. Vlak voor onze ontmoeting in zijn Londense appartement had hij een artikel uit de Evening Standard gestuurd met de kop: 'Embarrassment, why it's the great British virtue' (Waarom de Britse schaamte een grote deugd is). De schrijver poneert daarin de stelling dat ex-premier Margaret Thatcher een van de weinige Britten is die zich niet gauw in verlegenheid laten brengen. Misschien was ze daarom wel zo populair.

Van Delden is het eens met de schrijver, met de kanttekening dat er ook nog hooligans zijn; relschoppers die niet de minste last hebben van gene. "Ze kennen dat woord niet eens. En toch zijn zij ook typisch Brits. Waarschijnlijk zijn de hooligans de uitzondering die de regel bevestigt."

Het schaamtegevoel dat de meerderheid van de bevolking wel van huis heeft meegekregen geeft toneel volgens Van Delden een enorme kracht. Acteurs storten hun hart niet uit, ze houden zich in. Zelfs als ze een persoon moeten spelen wiens leven gebaseerd is op een leugen. Op het moment van die ontdekking zal een Britse acteur niet in huilen uitbarsten, maar kiezen voor verinnerlijkte verbazing. "Artistiek gezien is die oplossing veel zinvoller, want zij dwingt het publiek tot rationalisatie. Tranen wekken alleen maar medeleven op."

Van Delden weet dat hij zich op dat punt moet hoeden. Hij heeft de pech dat hij zich soms juist wel laat meeslepen door zijn gevoel. Zijn intuitieve neiging tot sentimentaliteit is de Engelsen weer vreemd. "Ik heb tenminste nog nooit een Britse Tante Leen smartlappen zien zingen op tv."

Roerend in een mok met een portret van Ruud Gullit zegt hij: "Als een regisseur kritiek heeft, weet ik bijna altijd dat ik op dat punt in de fout ben gegaan. Sentimentaliteit is een compensatie voor wezenlijk gevoel. Smakeloos. Daarom probeer ik zoveel mogelijk kunst in me op te nemen. Ik wil begrijpen waarom Mozart beter is dan Salieri en waarom zelfs een rottig stoeltje van Vincent aangrijpend kan zijn; zo probeer ik mijn artistieke smaak te ontwikkelen."

Voordat Lex van Delden in 1976 het Kanaal overstak, had hij grote rollen in tv-series naar de boeken van Louis Couperus. Hij stond op het toneel met Bob de Lange en Ank van der Moer en deed mee aan speelfilms zoals 'Een soldaat van Oranje' en 'Een brug te ver'.

"De opnames van die Amerikaans/Britse produktie waren zo leuk en professioneel, dat ik dacht: zo moet het. De acteurs werden behandeld met respect, de manier om hen goede prestaties te laten leveren. Zo behandelden ze elkaar ook. Niemand leek last te hebben van die vreselijke 'jaloezie de metier'. Tot mijn verbazing hoorde ik: 'Heb je wel eens met die-en-die gewerkt? Die is fan-tas-tisch.' Zoiets zeggen Nederlandse acteurs zelden Het mag on-Hollands zijn, maar Van Delden steekt zijn bewondering voor Britse topacteurs niet onder stoelen of banken. Zo zag hij laatst Gwen FfrangconDavies op tv, bijna blind, maar actief tot haar dood (vorige maand). Als legendarische Julia-vertolkster moest ze commentaar leveren op jonge actrices die allemaal een stuk speelden uit 'Romeo en Julia'. "Op een gegeven moment kon ze zich niet meer inhouden. Ze ging voor de camera staan en deed een stukje voor. Op slag veranderde ze van een honderdjarige vrouw met dikke brilleglazen in een hartstochelijk meisje van zestien. Magisch was dat."

De allergrootste is in zijn ogen Judi Dench, door hem beschreven als een beetje plompe dame, niet meer zo jong, niet mooi en niet elegant. Toch speelt zij rustig Cleopatra, Mutter Courage, een volkswijf of een lady uit de upper-upper-class. "Als Dame Judi goed is, is zij ver-plet-te-rend goed."

Naar Londen dus. Daar zou een vrouw die had gecast voor 'Een brug te ver' hem aan rollen helpen. Een aantrekkelijk aanbod, niet omdat hij zo nodig weg moest, maar omdat hij een nieuwe uitdaging zocht. "In Nederland kwam ik meteen in de hoofdrollen terecht. Ik heb daardoor een deel van mijn ontwikkeling overslagen: het gestaag groeien in het vak. Daar ben ik hier pas aan toegekomen." De eerste tegenslag kwam snel: de vrouw van het castingbureau overleed kort na zijn overstap.

Tegenvallers zijn onvermijdelijk in een land waar het grote toneel bijna onbereikbaar is voor buitenlanders. Er zijn niet alleen 46 000 concurrenten, de taal is ook een probleem. Hoe goed Van Delden het Engels ook spreekt, een accent zal hij altijd blijven houden. Dus valt hij automatisch af voor een aantal rollen.

"Als Brit zou ik een intellectueel Oxford-type zijn geweest, waar ze er hier al veel van hebben. Als Nederlander maak ik dus weinig kans. Een regisseur kiest liever voor the real thing, zelfs al leer ik mijn accent af. Ik kan dus maar beter uitbuiten dat ik anders ben. Vorig jaar heb ik bij voorbeeld een Duitse spion gespeeld in een bekroonde drama-produktie van de BBC, 'The Fall out guy'. Zulke rollen neem ik met plezier aan, al vind ik dat de Britten wel wat ruimer mogen denken. In het echte leven komen de vreemdste types voor, waarom op tv en op toneel dan niet?"

De eerste rol waarin hij geen buitenlander hoefde te spelen, kreeg hij vorig jaar aangeboden. Van Delden was in alle staten van geluk toen hij hoorde over de plannen: in het Old Vic Theatre zou de ene avond 'Midzomernachtsdroom' van William Shakespeare en de andere avond 'Het park' van Botho Straus worden gespeeld. Een interessant project, want het laatste stuk was geinspireerd door het eerste. Nog nooit had een Brits theatergezelschap deze combinatie aangedurfd.

"We waren al lang en breed aan het repeteren, toen we bij elkaar werden geroepen. De producent had zich teruggetrokken, kregen we te horen. We stonden dus op straat. Een klein douceurtje konden we krijgen, verder niets. We hebben nog geprobeerd om toch door te gaan, maar dat lukte niet. Dertig mensen zonder werk; een ramp was 't."

Zo'n debacle zou in het goedgesubsidieerde Nederlandse theater ondenkbaar zijn, maar in Groot-Brittannie kijkt niemand er vreemd van op. Acteurs kiezen daar voor een onzeker bestaan. Nuchter zegt Van Delden: "Je staat echt voor je leven te spelen. Maar dat is niet ongezond voor een acteur. Het dwingt je tot grote inzet."

Zekerheid is zelfs bij gezelschappen als The Royal Shakespeare Company en The National Theatre niet te krijgen. Elke toneelspeler tekent een contract van een half jaar, hoe beroemd ook. "Ook acteurs van naam werken zich het leplazerus. Met een beetje geluk heeft iemand eerst een hoofdrol in 'Richard III', dan in 'Richard II', maar daarna is het op. Dan moet hij uitwijken naar de film of lesgeven op de toneelschool."

Passie voor het vak is het credo in de Britse toneelwereld. Er wordt keihard, maar met liefde gewerkt om de zalen vol te krijgen. Twee voorstellingen van 'King Lear' op een dag zijn bijna ondenkbaar in Nederland, maar in GrootBrittannie kan ook na de lunch al gehuiverd worden. Een noodgreep om de kassa te laten rinkelen, want al krijgen de twee topgezelschappen meer geld van de overheid - de kunstsubsidies stijgen dit jaar met veertien procent -, zij komen nog vele miljoenen tekort.

"In de pluche stoelen zitten vooral toeristen die geen woord Engels verstaan" , mopperde een Brits theaterblad kort geleden. Van Delden maakt zich daar niet druk om. "Natuurlijk zijn die teksten moeilijk te volgen. Ik besefte na ettelijke jaren ook pas voor het eerst dat ik alles had begrepen. Maar The Royal Shakespeare Company is wel het vlaggeschip van de Britse toneelkunst. Als het publiek dit waardeert, zal het ook openstaan voor ander moois."

Van Delden geeft zichzelf weinig kans op een grote rol bij het vlaggeschip. Daarvoor is de selectie toch nog te behoudend. Maar een musical op West End moet er wel inzitten. Tenslotte heeft hij ruim twintig jaar acteerervaring en een geschoolde tenorstem. Misschien staat er binnenkort iets te gebeuren, maar hij wil er niet te vroeg over uitweiden - dat heeft de ervaring hem wel geleerd.

Van Deldens vriend komt de zitkamer in en stelt zich voor. "Slap handje, he" , zegt de acteur die toekijkt op de bank. "Wij zijn stevige Hollandse handdrukken gewend, bij binnenkomst en bij het weggaan. De Britten schudden een keer handen en dan is het afgelopen. Zoenen geven ze ook niet gauw; die vorm van manierisme past niet bij ze. Ze zijn sowieso niet aanrakerig, zelfs een goedmoedige stomp gaat hun al te ver."

Tijd voor de lunch. Twee muffins met een cup of tea. De tijd ontbreekt om een sandwich te maken, met avocado en gebakken bacon bijvoorbeeld, of met kalkoen, mayonaise en kaas. "De meest wonderlijke combinaties liggen hier in de winkels. De broodjes zijn tegenwoordig vaak afkomstig uit Italie en Frankrijk, maar het beleg is typisch Engels."

Soms mist hij de vele vlees- en kaassoorten die Nederland kent. In GrootBrittannie is de keus veel beperkter; bovendien smaken fricandeau, ham en roastbeef er anders. Maar een Hollandse haring mist Lex van Delden nog het meest. Watertandend praat hij over deze delicatesse, de haute cuisine waardig.

"De Engelsen geven niet zo om de geneugten die het leven aantrekkelijk maken. Een flatje als dit zou voor Nederlandse begrippen aan de basisbehoeften voldoen. De Britten vinden het al bijna luxueus. Als je bij hen thuiskomt, zou je het er bijna armoedig vinden. Tenzij je de hoogste stand bezoekt."

Als Van Delden een uitnodiging voor het eten krijgt, weet hij inmiddels dat hij niet tot twee uur 's nachts moet blijven hangen. Hij wordt rond zeven uur verwacht en staat om half elf weer buiten de deur. Wel zo handig, vindt hij, want een deel van de avond is dan nog vrij. "De Hollandse gezelligheid is veel tijdrovender."

Van lekker eten blijft hij wel houden, dus reist hij soms de hele stad door om iets bijzonders te bemachtigen. Het verbaast hem nog steeds dat een zwezerik vaak niet te krijgen is, terwijl hij maar een kunsthandel hoeft in te lopen voor een Renoir - voorlopig nog buiten zijn financieel bereik, haast hij zich te zeggen. Wat kunst en antiek betreft is Londen een wereldcentrum dat de vergelijking met New York gemakkelijk kan doorstaan. Maar op culinair gebied blijven de Britten ver achter.

Al rukken de continentale invloeden de laatste jaren op. Waar eerst buurtkroegen stonden, duiken nu wijn- en espresso-bars op. De champagneflessen staan klaar bij artistiekerige feestjes. En in de vitrines van de thee-salons draaien niet alleen scons, maar ook mokkapunten rond. Alleen de Hollandse slagroomtaart ontbreekt nog.

Van Delden: "Ik concludeer hieruit dat de Britten veel opener staan voor het continent dan Thatcher ooit is geweest. Zij voelt zich sterk bedreigd door Europa, zonder te peilen hoe de rest van haar land daarover denkt. Die gaat er op vakantie, geniet van het lekkere eten en drinken en denkt: dat willen wij ook!"

We zitten inmiddels in het vliegtuig naar Nederland, waar Van Delden een aantal zaken moet regelen. Hoog in de wolken krijgen we het over de vereniging van Europa waar Groot-Brittannie zich nog steeds niet graag aan overgeeft. Angst en trots spelen daarbij een rol, denkt Van Delden. Angst om te worden opgeslokt, trots op de wereldmacht die het ooit is geweest.

"De vereniging van Europa is onvermijdelijk, want in deze wereld is het niet verstandig om geisoleerd te blijven. Maar ik begrijp de argwaan, vooral ten opzichte van Frankrijk en Duitsland. Groot-Brittannie heeft z'n lesje geleerd van de beide wereldoorlogen. Het land heeft Europa beschermd, maar het heeft nooit een wederopbouw mogen meemaken. Het voelt zich in de steek gelaten door de anderen, omdat het economisch nog steeds niet hersteld is.

Lex Van Delden kan zich dus wel voorstellen dat het land z'n bedenkingen heeft tegen de vereniging van Europa en zich er niet zo 'enthousiast-naief' in stort als Nederland. Maar als GrootBrittannie er eenmaal achter staat, staat het er ook honderd procent achter, voorspelt hij.

Terwijl we landen, zingt hij een kinderliedje dat hij op de kleuterschool heeft geleerd: 'Engeland is gesloten, de sleutel is gebroken. . .' Hij stopt abrupt en zegt dan theatraal: "Maar Engeland is heus wel bereid om die sleutel te zoeken."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden