Levensverhalen van vogels op het wad

vogeltrek | De Waddenzee is een kruispunt van trekroutes. Vijf wadvogels zijn jarenlang onderzocht, wat opmerkelijke nieuwe inzichten opleverde.

Welke invloed heeft de klimaatverandering op vogels? Op de kanoet bijvoorbeeld, de zo bekende strandloper van onze Waddenzee? Aan het antwoord, recent nog goed voor een publicatie in het prestigieuze wetenschappelijk tijdschrift Science, is jarenlang onderzoek vooraf gegaan. Het was één van de onderzoeksresultaten van Metawad, een uit het Waddenfonds betaald onderzoeksproject.

De conclusie: Het lichaam van kanoeten krimpt, zo blijkt bij één van de twee ondersoorten uit onze Waddenzee. De ene soort overwintert hier, voor de andere is de Waddenzee slechts een tussenhalte op de trek van en naar Afrika. Deze vogels broeden ver ten noorden van de poolcirkel op de toendra. Daar missen ze waarschijnlijk de explosie van insecten waar ze van leven, denken de onderzoekers. Door het warmere poolklimaat vindt die insectenpiek eerder plaats en worden de kanoeten te laat geboren. Ze eten minder en groeien minder. Mogelijk hebben ze ook een groot lichaam niet langer nodig om warm te blijven.

Deze kanoeten overwinteren in de Banc d'Arguin in West-Afrika, een andere waddenzee, waar de zandduinen van de Sahara de oceaan inwandelen. De kleinere kanoeten kampen op die Afrikaanse wadden met een probleem: ze kunnen niet langer diep genoeg in de modder wroeten om bij schelpdieren te komen. Nu wijken ze noodgedwongen uit naar het minder voedzame zeegras.

Het Metawadonderzoek, dat volgens een evaluatie van het Waddenfonds 'excellente resultaten' opleverde en meer dan honderd wetenschappelijke publicaties, is nu ontsloten voor een breed publiek. Dankzij het rijk geïllustreerde boek 'Knooppunt Waddenzee'. Dat wordt op 9 juni, aan de vooravond van het Oerol-festival op Terschelling gepresenteerd en bevat, naast de vijf jaar lang onderzochte wadvogels, ook portretten van hun onderzoekers.

Slechtvalken

Kanoeten eten schelpdieren, het liefst nonnetjes. Ze peuren die uit het wad. Maar, zo is in Knooppunt Waddenzee te lezen, de vogels zitten niet op de wadplaten met de meeste nonnetjes. Dat komt doordat die langs de kust van het vasteland liggen. En daar zijn meer slechtvalken. De kanoeten blijven uit de kust op wadplaten zonder zitplekken voor valken. Plaats daar een baken, een boei of een mosselzaadinvanginstallatie, en er gaat geheid een slechtvalk op zitten. Weg strandlopers.

De kanoet eet dus schelpdieren, maar rotganzen eten plantjes, rosse grutto's eten wormen, lepelaars visjes, drieteenstrandloper garnalen; deze vijf wadvogels gebruiken de Waddenzee elk op een andere manier. Het zijn allemaal trekvogels: ze verbinden de toendra's van Groenland, Lapland en Siberië met wadden in ver uit elkaar gelegen landen. Voor die vogels is de wereld veel groter dan de Europese Waddenzee, hun wereld is een metawad. Nederland heeft zich verplicht wadvogels te beschermen, en daarvoor moeten hun leefwijzen en problemen bekend worden. Met kleurringen en zendertjes gaan biologen hun gangen na.

Prachtig levensverhaal

"Wij onderzoekers zijn gefascineerd door die vogels en hun keuzen", vertelt Metawad-coördinator Theunis Piersma en co-auteur van Knooppunt Waddenzee. Piersma, hoogleraar trekvogelecologie aan de Universiteit van Groningen, onderzoekt al tientallen jaren wad- en weidevogels. "Maar het maatschappelijk belang van ons werk gaat verder dan nieuwsgierigheid en de drang tot ontdekken. Zonder onderzoek en kennis is bescherming van vogels en hun leefgebied onmogelijk. Bovendien zit er achter elke vogel een prachtig levensverhaal dat verteld moet worden. Niet alleen aan vakmensen, maar ook aan het grote publiek."

Zo ontdekten Piersma en zijn collega's recent dat rotganzen minder zout eten dan altijd is gedacht. Ze grazen weliswaar op de zoute wadplaten en kwelders, maar eten vooral de relatief zoete plantjes. Rotganzen broeden in Siberië en overwinteren bij ons. "Ze grazen met vloed op de kwelder en bij eb op het wad", vertelt Piersma. "Een groeiend deel verkiest echter de polder waar altijd kort, vers gras te vinden is. Ze hoeven de getijden niet meer te volgen en blijken warempel een dag-nacht-ritme te hebben aangeleerd."

Zo is er over elk van de vijf vogels veel te vertellen. Lepelaars overwinteren in Mauritanië en in Spanje. Vooral op de terugreis uit Afrika sterven veel lepelaars. De Spaanse overwinteraars hebben grotere overlevingskansen. Ze broeden op de Waddeneilanden, waar hun aantal na een flinke toename nu stabiel is. De lepelaars blijken op het wad veel minder garnalen te vangen dan tot voor kort werd gedacht; ze eten liever jonge scholletjes. Het aanbod jonge schol blijkt het lepaaraantal zelfs te reguleren. Als er meer schol was, dan zou het stagnerende aantal lepelaars weer kunnen groeien.

Drieteenstrandlopers eten juist meer garnalen dan gedacht. Zij blijken bovendien verrassend ruimdenkend in hun partnerkeuze. Ze zijn extreem trouw aan broed- en overwinteringslocaties, maar wisselen onbekommerd van geliefde. Er zijn mannen met meerdere vrouwen en vrouwen met meerdere mannen.

Overleven

Grutto's zijn populaire weidevogels, hun arctische neven zijn veel minder bekend. "Deze rosse grutto's moeten in de Waddenzee in korte tijd zoveel wormen eten, dat ze in één ruk de toendra kunnen halen om te broeden", vertelt Piersma. "Dat luistert nauw. Een paar verstoringen in de polders waar ze tijdens hoogwater naartoe vluchten heeft al effect op hun lichaamsgewicht als ze vertrekken. Hoe lichter ze dan zijn, hoe kleiner de kans dat ze de lange trek naar Siberië overleven."

De rosse grutto's die in onze Waddenzee opvetten, zijn 's winters in Mauritanië. Andere overwinteren in Oman en Australië. Op al die plekken zijn ze gezenderd. Via de satelliet zijn ze te volgen op hun reis. "Ze zijn allemaal naar ruwweg hetzelfde gebied in Noord-Siberië onderweg", zegt Piersma, "waar ze elkaar misschien tegenkomen." Of dat gebeurt, wordt 9 juni bekendgemaakt op Oerol.

undefined

Voorstellingen over vogelsoorten voorafgaand aan Oerol

Behalve met het boek 'Knooppunt Waddenzee' willen trekvogelecoloog Theunis Piersma en collega's met openluchttheater over 'hun' wadvogels vertellen. Op 8 en 9 juni vindt daarom het tweedaagse theaterprogramma Bird Sense of Place plaats, in samenwerking met artiesten. Elk van de vijf wadvogels krijgt een show. Zo komt er een voorstelling op het strand van Midsland over drieteenstrandlopers. "Daar voel je je als mens klein in een onafzienbare weidsheid", zegt Piersma, "net als die kleine drieteentjes in hun metawereld die zich uitstrekt van Noord-Groenland tot Zuid-Afrika." En Flang Cupido, de kok van B&B De Postoari, zal gerechten bereiden van kwelderplanten uit het rotgansmenu.

Drieteenstrandlopers dribbelen aan de waterlijn met de golfjes mee en beeldend kunstenaar Bruno Doedens maakte ballen die dat prachtig nadoen. Hij stopte kleine, drijvende ballen in grote, halfopen ballen die niet drijven maar wel wind vangen. Zo dribbelen ze precies zo heen en weer als de strandlopers.

Piersma zelf verzorgt de afsluitende voorstelling Tracks, met geluidskunstenaar Sytze Pruiksma en regisseur Jos Thie.

http://oerol.nl/sense-of-place/seminar-2016/

undefined

Knooppunt Waddenzee

'Knooppunt Waddenzee', Rob Buiter, Laura Govers, Theunis Piersma en Metawad-team. Uitgave Bornmeer, 144 blz., euro9,50.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden