Leven met God op Schiermonnikoog

Nu hun klooster in Diepenveen veel te groot geworden is, zoeken de broeders van abdij Sion een nieuwe woonplaats. Hun vizier is gericht op Schiermonnikoog.

Cisterciënzers zijn verknocht aan hun grond. Zij volgen wat geschreven staat in Psalm 142 vers 6: 'Mijn plek gronds zijt Gij.' Maar de cisterciënzer monniken van abdij Sion in Diepenveen, bij Deventer, willen weg. De broeders hebben hun oog laten vallen op Schiermonnikoog. Onlangs huurden ze een vakantiehuis op het eiland om sfeer te proeven en mogelijke locaties te bekijken.

"Er is nog niks besloten", zegt abt Alberic van Sion gereserveerd. Maar de broeders zijn het er volgens hem wel over eens dat ze hun abdij in Diepenveen, die vanaf 1890 in etappes gebouwd werd, willen verlaten. Een klein jaar geleden kregen de stemgerechtigde broeders, verenigd in het conventueel kapittel, de vraag voorgelegd: Stemt u in met het verhuizen van de abdij naar een andere, nog nader te bepalen plek? De uitslag was een duidelijk ja.

Abt Alberic: "Het hoogste orgaan van onze orde, het generaal kapittel, bemoedigt ons in onze zoektocht." En, zegt hij: "Schiermonnikoog heeft de beste kwaliteiten."

Op het hoogtepunt woonden en werkten er wel zestig tot tachtig monniken op abdij Sion, Cisterciënzers van de Strikte Observantie, beter bekend als trappisten. Maar vergrijzing en ontkerkelijking eisten hun tol. "Toen ik hier kwam was het complex eigenlijk al te groot", zegt abt Alberic (58). Hij trad dertig jaar geleden in. "Als hier nu tien jonge mannen van dertig zouden intreden zouden ze opgescheept worden met een complex dat niet energiezuinig is, dat onbetaalbaar is. Er is hier eigenlijk geen duurzame toekomst mogelijk. Ik kan nieuwe kandidaten niks bieden."

Volgens zaakwaarnemer Peter Thissen van de monniken uit Diepenveen kwam de zaak in een stroomversnelling toen hij twee jaar geleden de ecologische voetafdruk van de negen overgebleven mannen berekende. Thissen vergeleek hun gasgebruik en ruimtegebruik met dat van drie mensen in een woning van 115 vierkante meter. "De monniken gebruiken vijf keer zoveel ruimte per persoon en ook vijf keer zoveel gas." Volgens Thissen ging een golf van afschuw door de groep toen ze met de uitkomst geconfronteerd werd. "De broeders schrokken heel erg. Omdat ze juist staan voor soberheid en zorg voor natuur en milieu. Ze zetten de verwarming niet hoog, maar dragen een dikke pij met van alles eronder."

Diverse opties passeerden de revue. De trappisten zouden zich kunnen terugtrekken in een vleugel van de abdij en de rest door derden laten gebruiken. Maar dat zou in de ogen van de monniken neerkomen op wegkwijnen in een hoekje. Op hun website schrijven ze: "We willen onze roeping volop blijven beleven. Vandaar dat we de overbodige ballast van dit gebouwencomplex achter willen laten."

Vernieuwing

De mannen van Sion willen hun vertrek aangrijpen voor het vernieuwen van spiritualiteit. Hoe dat 'cisterciënzerschap nieuwe stijl' eruit zal zien is nog niet duidelijk, en zal zeker nog moeten worden besproken met het generaal kapittel en met de Heilige Stoel in Rome. Maar in Sion verheugen ze zich op vernieuwing met hopelijk meer roepingen tot gevolg.

Nu is het moment, zegt broeder Alberic. "Toen ik hier kwam, was het echt een bejaardenbastion. Veel broeders van boven de tachtig. Ik heb ze allemaal naar het graf mogen brengen. Nu zijn we overgebleven met een stel dat ook niet meer zo jong is, maar we zijn jong genoeg om in beweging te komen en nog iets nieuws te starten." De jongste monnik in Diepenveen is 50, de oudste 76. Die laatste gaat waarschijnlijk niet mee naar Schier. Hij kiest voor verhuizen naar een bestaande abdij, omdat hij zijn broeders niet in de weg wil zitten bij hun avontuur.

Nu wereldwijd het aantal monniken drastisch terugloopt, vindt Alberic het een uitdagende gedachte om iets nieuws te ontwikkelen. De cisterciënzer orde is wel vaker uit de as herrezen: "Wij zijn in 1098 begonnen met een grote groep, maar een jaar later waren er nog maar acht broeders over. Toch bestaan we negen eeuwen later nog steeds en we zijn nog altijd met duizenden."

Volgens Alberic begon hijzelf over Schiermonnikoog als woonplaats. Om de rust en de stilte van het eiland, én om de sporen die de trappisten er al achterlieten (zie kader).

Dit voorjaar willen de monniken zich al vestigen op het Waddeneiland, in een tijdelijk onderkomen. De abdij in Diepenveen gaat in de verkoop en op Schiermonnikoog willen de cisterciënzers dan iets nieuws en permanents bouwen. Vooruitlopend daarop worden in Diepenveen al een poosje geen nieuwe roepingen meer toegelaten. Ook het gastenverblijf, dat jaarlijks duizenden stiltezoekers trok, is dicht.

Natuurgebied

Cisterciënzers van de Strikte Observantie bidden zeven keer per etmaal en leven in afzondering en stilte. Een plekje in de duinen dus? Dat mag niet zomaar, zegt burgemeester Sjon Stellinga van Schiermonnikoog. "Hoe lief de monniken ons ook zijn, ze moeten zich wel aan de regels houden die bijvoorbeeld voortvloeien uit het feit dat het eiland Nationaal Park is." Maar, belooft Stellinga, hij zal zich maximaal inzetten voor de bijzondere nieuwkomers.

Hij heeft al met ze gesproken en gehoord dat ze niet zo'n omvangrijk gastenverblijf als in Diepenveen willen, al was dat altijd een mooie bron van inkomsten. "Ze willen geen oneerlijke concurrentie vormen voor de overnachtingsmogelijkheden die we zelf al hebben", zegt Stellinga.

"Ja, gastvrijheid hoort erbij", zegt abt Alberic. "Maar de manier waarop, daar moeten we nog naar kijken. Het moet een manier zijn die ons past, die voor ons behapbaar is en die voor het eiland goed is." Met arbeid is het net zo. In Diepenveen werkten sommige monniken op een boerderij of in de boekbinderij. Wat ze op Schier gaan doen staat nog te bezien: "Het moet iets zijn wat iets bijdraagt, iets uitdraagt. Iets dat goed is voor de omgeving, voor onszelf, voor de kerk, voor de wereld."

Eén ding staat vast voor de monniken: "Wat we vooral willen is weer monnik zijn. Ontdaan van ballast leven met God en omwille van God. Onze hele zoektocht is begonnen met één vraag: waarom zijn we hier eigenlijk?"

Cisterciënzer monniken van de abdij Sion op weg naar de boot die hen naar Schiermonnikoog zal brengen.

Schiere monniken gaven eiland DNA

Geen betere plek voor spiritualiteit dan Schiermonnikoog, vindt burgemeester Sjon Stellinga. "Hoeveel bezinningsweekenden en teamtrainingen vinden hier niet plaats, met het geluid van de branding op de achtergrond?"

En dan is er natuurlijk nog de geschiedenis. In de Middeleeuwen was Schiermonnikoog een uithof van het cisterciënzerklooster Claercamp in Rinsumageest bij Dokkum. De monniken van dat klooster droegen grijze pijen. Zo ontstond de naam Schiermonnikoog, want 'schier' betekent grijs, en 'oog' is etymologisch hetzelfde als 'ei' in eiland.

In 1580 werd Friesland protestants en vertrokken de monniken, ook van Schier. Stellinga: "Maar we zijn ze niet vergeten. Tot op de dag van vandaag bepaalt het DNA van de cisterciënzers het ritme op het eiland." Een veerboot heet De Monnik, de voetbalverenigingen en een bungalowpark heten naar monniken en er staat een standbeeld van een monnik bij het gemeentehuis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden