Leuk, zo'n bezetting, maar wat levert het op?

Bezetting van het Maagdenhuis, het bestuurspand van de UvA. Beeld anp
Bezetting van het Maagdenhuis, het bestuurspand van de UvA.Beeld anp

Na drie weken van bezettingen op de Universiteit van Amsterdam, beheerst het protest de Nederlandse universiteiten. Er is veel sympathie en begrip, maar de eisen van de studenten en hun docenten zijn moeilijk in te willigen. Wat is er bereikt?

Het duurde even voordat universiteitsbestuurders en politici precies begrepen wat de studenten wilden. Aanvankelijk werd de bezetting van het Bungehuis opgevat als een actie van romantische Don Quichots, meer uit op spanning dan op het aan de kaak stellen van reëele misstanden.

Maar inmiddels geeft de hele academische gemeenschap de studenten groot gelijk: van studenten die na een bindend studieadvies door hun studie gejaagd worden in overvolle collegezalen, tot studenten die graag 'kleine taal' Noors hadden gestudeerd. Van jonge wetenschappers die al meer dan tien jaar leven van korte contractjes en nooit vast aan de bak komen, tot succesvolle wetenschappers die de ene beurs na de andere binnenslepen maar meer betrokken willen worden bij het faculteitsbestuur.

Colleges van bestuur proberen de gulden middenweg te vinden tussen erkenning van de klachten en vooral persoonlijk niet in de beklaagdenbank belanden, zoals UvA- bestuursvoorzitter Louise Gunning overkwam.

Na drie weken lijkt het 'momentum' van de studenten tanende. Ze hebben hun eisen voor een klein deel binnengesleept. De vraag is of er nog veel méér in zit.

Voor de UvA is de nachtmerrie nog niet voorbij. Niet alleen is het Maagdenhuis nog steeds bezet, ook hebben zich 300 wetenschappers achter de studenten geschaard. Zij eisten gisteren het aftreden van het college van bestuur. Vertrekken Louise Gunning, rector magnificus Dymph van den Boom en vicevoorzitter Hans Amman niet, dan dreigen ze met nieuwe bezettingen.

Wat is er de afgelopen weken bereikt? We lopen vier dossiers langs: vaste contracten, inspraak, kleine studies en financiering.

Ook 's nachts wordt het Maagdenhuis bezet. Beeld anp
Ook 's nachts wordt het Maagdenhuis bezet.Beeld anp

Vaste contracten: Zwerftocht langs zo'n beetje alle universiteiten
Het is onrechtvaardig en schadelijk voor de wetenschap, dat jonge medewerkers aan de universiteit eindeloos werken op flexcontracten. De 300 wetenschappers van Rethink UvA vinden dat hier een einde aan moet komen.

Een prijsvraag gaf een mooi inzicht in de academische loopbaan. 'Wie is het langst in tijdelijke dienst van een Nederlandse universiteit?' Wat bleek: een 'academische zwerftocht' van 20 jaar is geen uitzondering. Gepromoveerde wetenschappers werken in dienst van allerlei universiteiten: tegelijkertijd of achtereenvolgens, maar zonder vast contract. Volgens vakbond Vawo is 40 procent van de gepromoveerde wetenschappers in tijdelijke dienst. Tel je er de promovendi en payrollers bij op, dan werkt aan de Nederlandse universiteiten 60 procent op basis van een flexcontract. Van alle vrouwelijke gepromoveerde wetenschappers was in 2012 53 procent in tijdelijke dienst, van de mannen was dat 34,7 procent. Alleen wie goed genoeg is om hoogleraar te worden, lijkt na een paar jaar een vast contract te krijgen. Die zijn er ook voor 'toppers' uit het buitenland.

De flexcontracten geven ook het statusverschil aan tussen 'onderzoek' en 'onderwijs'. Het is vooral onderwijzend personeel dat voor de duur van een semester wordt aangenomen. Zij komen nooit toe aan onderzoek, wat leidt tot een uitholling van hun kennis. Volgens universitaire medewerkers en studenten leiden de flexcontracten tot een verschraling van het wetenschappelijk klimaat. Rethink UvA eist dat het bestuur duidelijke en toegankelijke carrièrepaden schetst voor het personeel, en een rechtvaardige balans vindt tussen onderwijs en onderzoek.

De minister kan niet veel doen aan de flexcontracten. Bestuurders en vakbonden moeten er samen uitkomen. Volgens de koepel van universiteiten VSNU is in de cao afgesproken dat er vooral aandacht moet worden besteed aan alternatieve carrièremogelijkheden voor gepromoveerden.

null Beeld anp
Beeld anp

Inspraak: Meepraten is ook een kwestie van vertrouwen
Toegezegd: studenten krijgen een zetel in het college van bestuur en in de facultaire besturen van de UvA. Ze krijgen recht van advies, maar dat is niet bindend.

Die toezegging was niet genoeg voor de studenten om het Maagdenhuis te verlaten. "Het bestuur moet een gedetailleerd voorstel doen om de UvA te democratiseren en de vertrouwensrelatie met de academische gemeenschap te herstellen", aldus 300 medewerkers. Dit wantrouwen valt wel te begrijpen. In december 2013 had de centrale studentenraad het recht om een veto uit te spreken over de fusie van de bètafaculteit van de UvA met die van de Vrije Universiteit. Ze wezen de fusie af. Een domper voor bestuursvoorzitter Gunning, maar ze vond een uitweg: bèta-vakgroepen van docenten en studenten die zelf graag willen fuseren, kunnen dat een voor een doen. De studenten voelden zich in hun hemd gezet.

Met de toezegging van de adviesrol mogen studenten nog steeds niet écht meebesturen. Dat is niet voor niets. In de jaren negentig werd de macht van studenten ingeperkt omdat die leidde tot stroperig bestuur. Sinds studenten in de jaren zestig inspraak eisten, waren de verkiezingen voor de student-bestuurders nooit populair. De opkomst was in Nijmegen op een goed moment 2 procent. "Studenten richtten hun belangstelling al gauw op kruisraketten en andere grote problemen", lichtte universiteitshistoricus Jan Brabers deze week toe.

Minister Bussemaker heeft de rol van studenten al wel iets verruimd. In september komt er een wet die studenten meer inspraak geeft op hoofdlijnen van de begroting en op het profiel van bestuurders. De minister hoopt dat universiteiten de wet niet afwachten, maar die nu al uitvoeren. Wat schiet Gunning op met deze wet? De studenten en docenten willen serieus worden genomen door de bestuurders. Zo niet, dan moeten die volgens de bezetters aftreden.

Overleg tussen de studenten in Amsterdam. Beeld anp
Overleg tussen de studenten in Amsterdam.Beeld anp

(Kleine) talenstudies zijn voorlopig gered
Toegezegd: meer tijd en bescherming voor talenstudies. Het was de aanleiding voor de protesten aan de UvA: de aangekondigde hervorming van - vooral de kleine talenstudies van - de geesteswetenschappenfaculteit. Zeven miljoen euro zou de faculteit moeten bezuinigen om uit de financiële problemen te komen.

Die bezuinigingen staan inmiddels op pauze. Vorige week beloofde het UvA-bestuur dat er extra geld komt zodat de kleine talenopleidingen nog tot september 2018 in hun huidige vorm kunnen voortbestaan. Ook komt er extra budget om nieuwe opleidingen, zoals Russische taal en cultuur op poten te zetten.

Er waren plannen om opleidingen samen te voegen in brede bachelors (of een liberal arts model), en de kleine talen zouden veranderen in bijvakken. Gesprekken over hoe het precies verder gaat met de geesteswetenschappen aan de UvA, gaan in april verder.

Afgelopen week stuurde minister Bussemaker van onderwijs een brief naar de Tweede Kamer waarin ze aankondigt dat universiteiten en hogescholen niet zomaar meer een opleiding kunnen schrappen. Dat kan alleen na een 'transparant en zorgvuldig proces' waarbij collega-instellingen, maar ook studenten en docenten betrokken zijn. Dat geldt ook voor de geesteswetenschappenfaculteit van de UvA, schreef de minister expliciet.

Bovendien krijgen talenopleidingen extra bescherming. De vereniging van universiteiten VSNU gaat een minimumaanbod vaststellen van talen die op verschillende plaatsen worden aangeboden.

Het gaat in ieder geval om Nederlands, Engels, Frans, Duits, en de klassieke talen Grieks en Latijn. Ook garanderen ze dat op tenminste één locatie Chinees, Russisch, Spaans en Arabisch kan worden gestudeerd. Overigens mogen die talen ook binnen een bredere opleiding worden aangeboden, als studenten er maar een universitair eindniveau in halen.

Financiering: Rendementsdenken is 'fout', maar ook goed
Weg met het rendementsdenken aan de universiteit. Niet alleen studenten en docenten hebben er de mond van vol, ook universiteitsbestuurders beamen het. Maar er verandert voorlopig waarschijnlijk niets. Een grote stijging van het aantal studenten en een strak keurslijf van geldstromen zetten de universiteiten en de politiek klem.

De universiteit kan op drie manieren geld ophalen: via de overheid, via de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek, en via Europa en het bedrijfsleven. De ruimte voor universiteitsbesturen zit hem met name in die eerste geldstroom, waarmee ze zelf keuzes kunnen maken voor onderwijs en onderzoek. Maar door een stijging van het aantal studenten met 50 procent sinds 2000, is het bedrag per student een steeds dunner stroompje geworden.

Studenten voelen zich behandeld als producten die efficiënt moeten worden afgeleverd. De snelheid van studeren en het aantal afgestudeerden bepalen namelijk (gedeeltelijk) hoeveel geld een universiteit krijgt.

Hoe terecht is die kritiek? Universiteitsbestuurders zijn erg blij dat het aandeel studenten dat langer dan vier jaar over een driejarige opleiding doet, daalt (nu 36 procent). Dat is eerlijker naar belastingbetalers. Bovendien telt sinds 2011 het aantal diploma's nog maar voor 20 procent mee in de bekostiging, in plaats van voor de helft.

Na de fraude met diploma's op Hogeschool Inholland begreep de politiek dat onderwijsinstellingen wel eens verleid zouden kunnen worden om studenten te gemakkelijk te laten afstuderen. Universiteiten alleen laten betalen op basis van studentenaantallen zou ook een perverse prikkel met zich meebrengen: dan worden alleen nog maar populaire opleidingen aangeboden.

De enige echte kortetermijnverandering in de bekostiging zou kunnen ontstaan uit het extra geld dat vrijkomt met de afschaffing van de basisbeurs en de invoering van een leenstelsel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden