LETLAND - Riga wil weer 'Parijs van het noorden' worden

De 'beau monde' van Riga liet zich tussen de twee wereldoorlogen kleden door gerenommeerde ontwerpers. Zij hielp de hoofdstad van de Baltische republiek Letland toen aan de bijnaam 'Parijs van het noorden'. Dat hield op toen de Sovjets de Baltische staten na de Tweede Wereldoorlog annexeerden. Nu, vijf jaar na de herwonnen onafhankelijkheid wil Riga die reputatie graag terug. Maar voorlopig kan alleen de mafia de chique creaties betalen.

De eerste mannequin verschijnt op de catwalk in een satijnen japon met een ronde hals en een zoom boven de knie. Eenvoudig, maar elegant. Alleen jammer van de zwarte pumps eronder. Die kunnen echt niet bij het oudroze.

Het volgende model draagt een satijnen kostuum in zeeblauw. Zelfverzekerd kijkt ze naar het publiek terwijl ze een draai maakt op haar hooggehakte pumps. Alweer zwart. De combinatie is zo lelijk, dat je bij elk model eerst naar beneden kijkt en dan pas omhoog. Zwart, zwart, zwart. Het lijkt wel of de schoenen de hele show niet uitgaan.

“Klopt”, zegt Asnate Smeltere, ontwerpster en eigenaresse van de kledingzaak, met het schaamrood op de kaken. Ze had de modellen van tevoren gevraagd of ze bijpassende schoenen wilden meenemen, want zelf had ze daar geen geld meer voor. “Vijf minuten voor de show merkte ik pas dat iedereen maar één paar bij zich had. Ik geef toe dat dat niet professioneel overkomt.”

Het voorval is typerend voor de situatie waarin de Letse modewereld zich bevindt. Sinds het land zich vijf jaar geleden heeft ontworsteld aan de Russische bezetting, wil hoofdstad Riga zijn reputatie als het Parijs van het noorden graag terug. Maar dat gaat niet zo snel, want de kledingindustrie heeft vijftig jaar stilgestaan, terwijl de rest van Europa op een holletje is doorgegaan.

De beruchte terlenka broeken kwamen bijvoorbeeld uit Letland. De Russen waren er gek op tot ze de westerse mode ontdekten. Weg afzetmarkt. Zelfs Letse ontwerpers halen hun materialen nog liever uit het buitenland. De enige die de textiel uit het communistische tijdperk prijst, is een Britse zakenman. Maar hij komt dan ook een partij schooluniformen ophalen.

In het oude gedeelte van Riga zijn de voetgangers verbazingwekkend elegant gekleed. Vrouwen van alle leeftijden lopen op hooggehakte laarzen over het slechte wegdek. Ze dragen jassen, shawls en baretten in met zorg gekozen kleurencombinaties. Hun kapsels zien er gebeeldhouwd uit. “De Letten hebben altijd veel aandacht aan hun uiterijk besteed”, bevestigt Una Meistare, mode-verslaggeefster van Santa, het damesblad met de hoogste oplage in de middelste Baltische staat. “Zelfs onder het Sovjet-bewind zagen vrouwen er flatteus uit. Er was toen een staatsonderneming, het 'Riga Fashion House', die elk jaar een zomer- en een wintercollectie uitbracht. Zonder ook maar enige informatie over mode-ontwikkelingen in het westen wist het bedrijf toch een aardige prestatie te leveren. Mede dankzij het Riga Fashion House bleven de Letten modebewust.”

Voor de vrouwen die de creaties niet konden betalen, was er de Burda. Als ze tenminste hun contacten hadden, want het Duitse blad voor de zelfmaakmode lag nergens in de winkel. Vooral op het platteland gingen gesmokkelde exemplaren van hand tot hand. Het gevolg was wel dat het halve dorp hetzelfde droeg.

In de provincie worden de patronen in vrouwenbladen nog steeds uitgeraderd, maar in Riga hebben vrouwen daar geen tijd meer voor. Als ze weinig geld hebben maar toch eigentijds gekleed willen gaan, moeten ze in de rij voor westerse merken in de uitverkoop. Schrikken ze niet van Parijse prijzen, dan kunnen ze naar de Brivibas iela, de chicste winkelstraat van Riga.

Pierre Cardin, Ted Lapidus, Armani, Benetton en Hugo Boss; stuk voor stuk hebben ze er luxueus ingerichte zaken. Franse parfums, Italiaanse schoenen en Amerikaanse sportkleren zijn te vinden in aparte afdelingen. De keus is groot, maar nog steeds komen er buitenlandse winkels bij. Geen wonder dat die hoge prijzen vragen. Uit angst voor een verliespost in het noorden laten de leveranciers uit Parijs ze opdraaien voor de vervoers- en douanekosten, die in de Baltische staten extreem hoog zijn. Daar komt de reclame nog eens bovenop. Voor de kledingzaken is dat des te wranger omdat ze nog oude collecties krijgen ook. Blijkbaar wordt Letland in de modewereld nog steeds gezien als een ontwikkelingsland.

Voor Letse kledingontwerpers zijn al die buitenlandse zaken een gruwel. Logisch, want ze moeten het van dezelfde klanten hebben. Die groep is klein in een stad met slechts 800 000 inwoners, die gemiddeld 250 gulden per maand verdienen. De meesten verdienen weliswaar zwart bij, maar niet voor een Chanel-pakje van 1 299 gulden.

Die prijs kan alleen de mafia zich veroorloven in Riga. Die is overduidelijk in de stad aanwezig - de mannen die met hun grote BMW's door de modderige kuilen scheuren, de vrouwen die in veel te strakke en opzichtige kleding in de bar van Hotel Latvija zitten. Volgens een verkoopster zijn de mafia-dames makkelijk te herkennen aan hun arrogantie en voorkeur voor dure merknamen: 'Kunnen ze lekker mee pronken'.

Verder moeten de kledingzaken het hebben van de Letse zakenvrouw, een ander type klant die juist kiest voor klassiek. Dan zijn er nog de Europeanen en Amerikanen die in groten getale op de voormalige Sovjet-republiek afkomen om tankstations te bouwen en drugs te bestrijden. Zij kleden zich graag exclusief of apart.

Ontwerper Bruno Birmanis ziet zijn toekomst somber in. “Waarom zouden mensen een onbekende Bruno Birmanis kopen in plaats van een beroemde Christian Dior?” Dat klinkt wel erg bescheiden voor iemand die in 1992 verantwoordelijk was voor de officiële kostuums waarin het nationale Olympische team zich presenteerde in Albertville en Barcelona. Maar de boodschap is duidelijk.

“Wij hadden het beter tijdens het Sovjet-regime”, vervolgt Birmanis. “Soms moesten we wel wat schipperen, maar het lukte altijd om toch onze eigen gang gaan. Op dit moment lijkt de modewereld in Riga meer op een verkeersopstopping.”

De ontwerper doelt op de problemen na de bankcrisis van precies een jaar geleden. Daardoor heeft hij zelf geen geld meer om de 'Untamed Fashion Assembly', een jaarlijks festijn met modeshows van meer dan honderd jonge ontwerpers uit de Baltische staten, Rusland en Europa, te organiseren. Birmanis zegt dat hij twee miljoen dollar heeft verloren toen de Letse Nationale Bank, de hoofdsponsor, failliet ging. Volgens welingelichte bronnen was zijn eigen rol echter ook niet helemaal zuiver.

De 32-jarige ontwerper voert druk overleg met de top van de Haute Couture in Parijs en Moskou. Hij wil opnieuw een festival in Riga organiseren, want de stad ligt geografisch gunstig en bovendien is de organisatie er twee keer zo goedkoop als in Moskou. Het enige obstakel is de financiering.

“Na iedere 'Untamed Fashion Assembly' kreeg ik bedankbriefjes van de minister-president omdat ik Letland zo'n goede naam had bezorgd. Maar financiële steun, ho maar. Ik ben daar erg teleurgesteld over. Net als Frankrijk (waar de haute couture dit jaar ruim anderhalf miljoen gulden kreeg van het ministerie van economische zaken, JD) zou Letland zijn mode moeten steunen.”

Journaliste Una Meistare is het daar niet mee eens. De regering heeft zoveel problemen dat de kledingindustrie maar even moet wachten, vindt zij. Tot die tijd promoot zij de Letse ontwerpen op haar eigen manier: voordat zij de shows in Parijs gaat bekijken, vraagt ze een bevriende ontwerpster iets geks voor haar te maken. Handig, want zo was zij deze lente meteen te vinden, tussen de duizenden bezoekers van de prêt-à-porter-shows in het Louvre. Ze droeg een tomaatrood pak waar haar oranje haar vrolijk bij afstak. “Iedereen vroeg waar ik het kostuum vandaan had.”

Letse modellen voor een koopje Modellen uit Letland hebben de toekomst. Natalija Meisane, de blonde, superslanke directeur van modellenbureau Natalie in Riga, weet het uit eigen ervaring. Haar zoon lag nog in de wieg toe zij op haar twintigste met poseren begon. Binnen de kortste keren had ze opdrachten in de hele wereld.

Vorig jaar liep ze haar laatste modeshow bij de Franse ontwerper Pierre Cardin. Ze was inmiddels 27 en wilde zich geheel wijden aan het trainen van nieuwe meisjes. Die doen nu al vanaf hun vijftiende mee aan de proefshows die Natalie maandelijks organiseert. Ze stuurt haar pupillen ook meteen op Engelse les, want zonder talenkennis redden die het nooit in de harde modewereld.

Uit haar bestand putten Letse kledingontwerpers, modehuizen en advertentiemakers (vooral voor Volvo en BMW). Die markt is te klein om snel geld te maken. Dus heeft Natalie begin dit jaar een contract getekend met het Parijse bureau Elite, dat ook het Nederlandse topmodel Karen Mulder onder zijn hoede heeft.

De meisjes worden niet meteen in het diepe gegooid; ze kunnen ervaring opdoen bij een Oostenrijkse afdeling voordat ze klaar zijn voor de cover van de Vogue en de lenteshow van Valentino. Het bureau heeft Meisane tevens toestemming gegeven om een 'Elite Model Look Contest' te organiseren in Riga. In september mag de winnares voor het eerst de Baltische staten vertegenwoordigen tijdens de finale in Monte Carlo.

“De modewereld zoekt steeds naar nieuwe gezichten. Die hebben onze meisjes, al is moeilijk te zeggen wat hen zo anders dan anders maakt. Sommigen zijn half Russisch, anderen half Pools of Duits. Dat gemengde bloed geeft hen waarschijnlijk iets exotisch.”

De Letse modellen moeten concurreren met al even geliefde Russische collega's. “Maar wij hebben het voordeel dat wij geografisch dichter bij het westen liggen”, zegt Meisane. Met tegenzin geeft ze haar tarieven prijs. Natalie betaalt een beginnend model 10 Lat (85 gulden) voor een modeshow en een ervaren kracht vijf keer zoveel. Een debutant in Parijs krijgt 1 500 gulden per show; Naomi Campbell komt voor minder dan een ton haar bed niet uit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden