Les Parapluies de Cherbourg

In Maastricht zijn kerstmarkt en theater verbroederd. Voor een cultureel hoogstandje. Theaterkaartjes in het kerstpakket, een gezongen romance in het pluchen paleis, een glaasje glühwein op het plein.

’Ik verwed er een zak oliebollen om, dat u straks na afloop van de voorstelling met tranen van ontroering de schouwburg uitkomt en nog maar één wens hebt: in het reuzenrad stappen, die bovenaan laten stoppen om dan in de stilte hoog boven de stad te verzuchten: ’Dit is pas kerstmis’.”

Het verhaal van schouwburgdirecteur Guido Wevers bij de opening van de jaarlijkse kerstmarkt in Maastricht, Winterland, eindigt niet zomaar met zo’n enthousiasmerende prognose. Hij weet dat hij met de theaterversie van de geheel gezongen cultfilm ’Les Parapluies de Cherbourg’ een topper in huis heeft gehaald. ün het is voor het eerst in de negentien jaar van de kerstmarkt pal voor Theater op het Vrijthof, dat de organisatoren en de schouwburgleiding broederlijk samen op het podium staan.

Tot dan waren wegen en belangen strikt gescheiden. Op het Vrijthof vloeide het bier rijkelijk en oefenden tal van kraampjes en attracties hun verleidingskunsten uit op de meer dan een miljoen bezoekers. Op de kop van het plein stond de schouwburg vooral een hermetisch ’niets-mee-te-maken’ uit te stralen.

Voor Wevers, net een jaar geleden aangetreden, vormde de situatie juist een uitdaging. Met in het achterhoofd de vraag, hoe het je als schouwburg kan lukken een dynamiek in de stad aan te zwengelen zonder de artistieke kwaliteit van je product aan te tasten, bedacht hij dat een context er ook is om energie bij elkaar te krijgen. En stapte tot hun verrassing op Stichting Winterland af: „Jullie zijn dan vijf weken mijn buren. Daar wil ik iets mee doen.”

Inmiddels promoot Winterland de voorstelling met posters, package deals voor toeristen, cadeaupakketten aan sponsorbedrijven en betrokken gemeenteambtenaren met kaartjes voor ’Les Parapluies’ en bonnetjes voor een glaasje glühwein in café Winterland. Door een contact van de schouwburg met Trajekt, welzijnsinstelling in moeilijke buurten, krijgen ook mensen aldaar een kerstpakket met kaartjes voor de voorstelling. Waarmee aan de eis van de hoofdsponsor om maatschappelijke relevantie is voldaan, terwijl de ontvangers zich geweldig verheugen op de feestelijke ambiance van het ’pluchen paleis’.

Ger Tieleman, voorzitter Stichting Winterland, noemt het de beste, en goedkoopste, citymarketing die er is ­ ’want je koppelt alles aan elkaar’ ­ en Guido Wevers een godsgeschenk voor Maastricht. Wevers neemt het compliment met een korreltje zout ­ ’Het moet nog wel een traditie worden’ - maar is blij met de beslissing, dat op Winterland inmiddels geen bier meer geschonken wordt, wat een hoop gebral scheelt.

En de deuren van zijn schouwburg staan uitnodigend open. Zo uitnodigend, dat een onlangs uit de levende kerststal ontsnapte gans al aan de oversteek begon.

Binnen is, heel onnadrukkelijk, de sfeer van Winterland doorgetrokken tot een wat artistiekere variant. In de entree is de bookshop gehervest in een ’frietkot’, in de roodpluchen omloop kijk je tegen een sneeuwbevlokt landschap aan.

Er hangt werk van een al dertig jaar door sneeuw gefascineerde Vlaamse kunstenaar. Een installatie van de piepjonge kunstenares Tanja Ritterbex in het café beneden ­ met echt snoepgoed als spekjes en hartjes beplakte zuilen ­ is tevens een schalkse knipoog naar de sentimenten in ’Les Parapluies de Cherbourg’, waar het tenslotte allemaal om draait.

Deze volledig gezongen film uit 1964 over parapluverkoopstertje Geneviève, dat zwanger blijkt als haar geliefde Guy voor de oorlog in Algerije is opgeroepen, werd al snel tot het genre cultfilm gerekend. Om de ironische ondertoon, die het bitterzoet van twee gelieven die elkaar pas weerzien als beiden met een ander zijn getrouwd, naar een hoger plan trekt.

Om de razend knappe muziek van Michel Legrand en de sensibele (eerste) hoofdrol van Catherine Deneuve, die hen allebei wereldberoemd maakten.

Bij een doorloop in de repetitieruimte van Opera Zuid, in de voormalige Onze Lieve Vrouwe van Goede Raad-kerk, roept het kristalletje in de stem van hoofdrolvertolkster Machteld Vennevertloo associaties op met Deneuve. Zorgt Legrands themamelodie meteen voor een dansend schokje van herkenning, en een brok in de keel. En blijkt het bokkige gedrag van Guy na de oorlog opeens verbazend actueel.

Boeiend zijn de tegentonen waarmee Legrand het thema telkens een andere betekenis aan scènes laat geven. Al mag aan het arrangement niets worden veranderd, musicus Bart Rademakers vindt het fantastisch om juist de sterke kanten ­ de etherische liefde tegenover de daverende klap van de werkelijkheid ­ aan te scherpen.

Opmerkelijk is hoe toegankelijk de muziek klinkt, terwijl die welbeschouwd behoorlijk gecompliceerd is. Zangeres Myranda van Kralingen lette bij de casting op of en hoe de (geschoolde) stemmen met muziek en personages spoorden. Het moeilijke is, vindt Jean-Michel van Oosten (Guy), om zingen op spreken te laten lijken.

Voor Ryan van den Akker (moeder van Geneviève), die jarenlang in Van den Ende-musicals stond, is dit het meest bijzondere dat ze ooit heeft gedaan. Omdat het meer is dan het juiste stemmetje en het juiste gezichtje opzetten, omdat ze mag meedenken en -praten over de invulling van de rol.

De sfeer is inderdaad heel open en toegewijd, maar, vindt regisseur Ted Keijser, met nog iets te veel ruis en rotzooi eromheen. Terloops waarschuwt hij om geen bekertjes water zomaar tussen de rekwisieten te zetten, wat straks met de instrumenten van het orkest helemaal gevaarlijk kan worden.

’Les Parapluies’ is een rare combinatie van opera en musical die je, wil je een echt verhaal vertellen en ontroeren, bloedserieus moet nemen om niet in kitsch te verzeilen, meent Keijser. Tegelijk is de toneelenscenering, zonder afleidende landschaps- en straatbeelden, veel intenser dan de film.

Dat mede dankzij het sobere, fraai opengewerkte en in plateaux verdeelde decor, door ontwerper Herbert Janse licht spottend een noodoplossing genoemd. De dag voor de première speelt het Limburgs Symfonie Orkest in de schouwburg, en de ombouw zou zo tijdrovend zijn, dat Janse uitploos hoe hij die opstelling zou kunnen gebruiken en herplaceren. Wat dramaturgisch nog knap lastig was. Bij de doorloop liepen de scènes alvast moeiteloos in elkaar over.

Dat moet straks met een schurend liefdesverhaal in verrassend verstaanbare liedteksten, vurig strijkwerk van het LSO, de naam Cherbourg in kerstlichtjes, tientallen over elkaar heen buitelende paraplu’s en een ouderwets lang doordwarrelende sneeuwbui (waarvoor Janse onder andere de in ’Ajax’ door Toneelgroep Amsterdam/Theatercompagnie gebruikte sneeuw verzamelde) swingend muziektheater opleveren. Met een hartverscheurend únhappy end.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden