Review

Lenin en Paulus in de rol van buitenstaanders

Najaar 2000 was het televisieprogramma C'est mon choix in Frankrijk buitengewoon populair. Middelpunt was een man of vrouw, die een 'eigenaardige keuze' had gedaan. Extravaganties waren toegestaan. Prima zelfs. Maar het mochten geen keuzes zijn, die het publiek konden verontrusten. Dus wel de keus om nooit ondergoed te dragen, maar racisten waren a priori van deelname uitgesloten. Daar komt 'keuzevrijheid' in onze liberale samenlevingen dus op neer, aldus de Sloveense filosoof Slavoj Zizek. ,,We kunnen onze kleine keuzes blijven maken... op voorwaarde dat deze keuzes de maatschappelijke en ideologische balans niet duidelijk verstoren.'

Als opmaat tot een zoektocht naar 'vrijheid' citeert Zizek een brief van Lenin uit 1922 aan mensjewieken en sociaalrevolutionairen die hem geschreven hadden: ,,Staat u ons toe het nog eens te zeggen: de revolutie is te ver gegaan.' Lenin schreef terug: ,,Staat u ons toe u voor het vuurpeloton te zetten vanwege deze uitspraken.' Zizek distantieert zich van dat voornemen, maar pleit wel voor een 'terugkeer naar Lenin' om de huidige politiek van 'louter pragmatische interventies' te vervangen door een 'politiek van de Waarheid'. Overigens, opmerkelijk dit allemaal te lezen in een boek, dat geschreven werd ver voor de moord op Pim Fortuyn en diens kritiek op de politiek van de 'louter pragmatische interventies'.

Met zijn terugkeer naar Lenin doelt Zizek op het feit, dat Lenin alle opportunisme en compromissen radicaal uitbande. Lenin had nooit behoord tot de kring van intimi rond Marx. Hij had Marx noch Engels ooit ontmoet. Hij kwam uit het perifere Rusland en binnen Rusland stond hij met zijn Tataarse achtergrond aan de zijkant. Hij was een buitenstaander en juist daardoor kon hij Marx' oorspronkelijke leer in een andere context herschrijven. Op dezelfde wijze als de buitenstaander Paulus de oorspronkelijke leer van Jezus herschreef in de andere context van het heiden-christendom.

Het is geen toeval, aldus Zizek, dat Lenin en Paulus buitenstaanders waren. Buitenstaanders kunnen veel beter dan insiders gangbare paden verlaten, compromisloos afschrijven en een nieuwe werkelijkheid creëren.

Lenin speelde die rol in de Russische revolutie. Op kosmisch niveau, in het geheel van de menselijke geschiedenis, spelen, volgens Zizek, jodendom en christendom deze rol van buitenstaander. Het jodendom maakte zich als eerste los uit wat hij noemt 'de onderdompeling in de Kosmische Orde'. Volgens die 'Kosmische Orde' leven mensen naar morele wetten, waarvan het superego, het geweten, ze inprent, dat ze zich er nooit volmaakt aan kunnen houden. De Joodse wet heeft zo'n achterdeurtje niet. Er zijn alleen symbolische regels en als je je daaraan houdt, is het verder goed. Geen superego valt je verder lastig met schuldgevoel. Door deze wetsopvatting verstoren de Joden de 'normale' spanning tussen morele wetten en gewetens en zijn ze in de 'kosmische orde' buitenstaanders.

Ook Christus is zo'n buitenstaander. Maar in veel absolutere zin. Als Christus aan het kruis uitroept 'Mijn God, mijn God waarom hebt Gij mij verlaten?', is die totale verlatenheid van God 'het punt waarop Christus volledig mens wordt'. Èn het is het punt, waarop God de Vader Zelf stuit 'op de grenzen van zijn almacht'.

Aan het kruis onthult Christus niet alleen wie de mens is (de godverlatene), maar laat hij ook aan God zien wie Hij, God zelf, is door Hem te confronteren met Zijn 'fundamentele onvolmaaktheid' -God laat Zijn Zoon in de steek. Binnen deze horizon van goddelijke onvolmaaktheid ontstaat de christelijke naastenliefde. ,,Het uiteindelijk geheim van de christelijke naastenliefde zit hem misschien... in de liefdevolle gehechtheid aan de onvolmaaktheid van de Ander.'

In het christendom daarom geen verheffing tot God door spirituele reiniging en door het afwerpen van 'lage' zinnelijke kanten, zoals in het heidendom. ,,Wanneer ik als mens ervaar dat ik afgesneden ben van God, ben ik, op het moment van de diepste rampzaligheid, heel erg dicht bij God, omdat ik me bevind in de positie van de in de steek gelaten Christus.'

Zizek komt tenslotte terug op Lenins standpunt, dat een communistisch revolutionair geen morele regels erkent en alle vrijheden en rechten beoordeelt in het licht van wat ze bijdragen aan de strijd. Zizek noemt dat de revolutionaire variant van (naar Kierkegaard) 'de religieuze opschorting van de ethiek'.

Om te verduidelijken wat deze opschorting inhoudt, verwijst Zizek naar het slot van 'Brideshead Revisited' van Evelyn Waugh, waarin Julia besluit dat ze niet meer met haar minnaar Ryder wil trouwen, hoewel ze beiden net uit liefde voor elkaar van hun partner gescheiden zijn. Julia komt tot dat besluit vanwege een 'privé-overeenkomst' met God. Ze is promiscue en verdorven, maar misschien is er nog hoop voor haar als ze het allerbelangrijkste opoffert: haar liefde voor Ryder. De affaires die ze nog zal hebben, tellen niet. Ze zou pas verdoemd zijn als ze haar enige ware liefde zou bevoorrechten boven haar toewijding aan God. 'God' is in laatste instantie de benaming voor het zuiver negatieve gebaar van de zinloze opoffering. Waarin voor compromissen geen ruimte meer is.

Zizek wil via het christelijk concept van de 'zinloze opoffering', in het voetspoor van Lenin de lauwheid, de compromissen en het gebrek aan vrijheid van deze tijd te lijf te gaan. Zijn pleidooi is intrigerend, soms inspirerend, maar voor een boek voor leken helaas nogal ontsierd door ingewikkeld filosofisch jargon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden