De Megastad

Lekker slapen in de herrie

Mensen in Shanghai slapen aan de waterkant voor verkoeling. Beeld AFP

Het is een Chinese eigenschap waarop ik altijd wat jaloers ben geweest, des te meer nu ik deze week met een stevige jetlag kamp: het vermogen om altijd en overal te kunnen slapen, zelfs in de meest onrustige omstandigheden. Lawaai, fel licht, een keiharde ondergrond – een slaperige Chinees laat zich er niet door tegenhouden. Wat er ook gebeurt, een beetje Chinees maft er gewoon doorheen.

Afgelopen week mocht ik dat Chinese slaaptalent weer in al zijn glorie aanschouwen, toen ik na mijn vakantie vanuit Brussel terugvloog naar Peking. Terwijl ik tien uur lang tevergeefs schaapjes telde, waren de Chinese passagiers rond me allemaal in een diepe­­ rust verzonken. Alsof zij niet in een krap vliegtuigstoeltje zaten, maar languit achteroverlagen in een donzig kingsize bed.

Vliegtuigdutje 

Zo’n vliegtuigdutje is naar Chinese normen niets bijzonders, je ziet in China veel extremere slaapsituaties. Ronkende bouwvakkers op een veldbed naast hun werf, waar dag en nacht wordt doorgewerkt. Straatverkopers die een tukje doen in de grasberm, vlak naast het razende verkeer. Of koeriers die languit op hun brommer een uiltje knappen, hoofd op de kofferbak, voeten op het stuur.

Als westerling in China ben ik het ondertussen gewend om de enige wakende te zijn te midden van vredige slapers. Tijdens lange busritten zijn de meeste medepassagiers na vijf minuten al aan het knikkebollen, terwijl mijn eigen vermoeide lichaam zich weigert over te geven. In slaapzalen kan ik urenlang wakker liggen van een lichtje of geluidje – ondanks blinddoek en oordoppen – terwijl mijn Chinese kamergenoten al lang in dromenland zijn.

Dieptepunt was een hotelovernachting in de noordelijke provincie Heilongjiang, waar ik met een Chinese vriendin een ‘kang’ deelde: een bed met verwarming eronder. Dat ding werd zo heet dat het leek alsof we in een sauna lagen, en bovendien kon de lamp boven het bed niet uit. Terwijl ik de hele nacht aan verwarmingsknoppen en lampen draaide, mafte de vriendin rustig door.

Gordijnen

Ik vermoed dat het met opvoeding en slaapgewoontes heeft te maken. Terwijl ik in mijn jeugd een eigen slaapkamer had, met verduisterende gordijnen en afgeschermd voor omgevingsgeluid, deelden veel Chinezen van mijn generatie hun kamer met een broer of zus (in gebieden waar geen een-kindpolitiek gold) of met hun grootouders. Zo leerden ze zich niets aan te trekken van wat nachtelijk rumoer.

Aan Chinese universiteiten wonen studenten met zes of acht op een kamer, en in fabrieken slapen de werknemers vaak op zaal. Dat wordt door veel Chinezen niet als vervelend ervaren, integendeel. Toen ik als uitwisselingsstudent op een Chinese campus een eenpersoonskamer had – een voorrecht waar ik hard voor had gelobbyd – vonden mijn Chinese medestudenten dat maar zielig.

Ook in het openbaar een hazeslaapje doen, te midden van de drukte, krijgen Chinezen van jongs af aangeleerd. Op de lagere school doen Chinese kinderen elke dag een middagdutje, zittend aan hun lessenaar. En als volwassene is het volkomen normaal om in een koffietent of eethuis even het hoofd neer te leggen en de ogen te sluiten.

Ik kijk er met afgunst naar, maar hoe vermoeid ik ook ben, het lukt me gewoon niet als een Chinees te slapen. Doe mij nog maar een sterke koffie, en dan hopen­­ dat ik snel weer in het Chinese­­ bioritme zit.

De Megastad

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden