Lekker geuren

mag het weer thuis, naar aalbessen- schuimtaart en groene zeep. Huishouden, hoe ging dat ook weer?

Zo erg is het niet meer, dat ik mijn ramen lap met olijfolie. Mijn oma bedoelde azijn, maar dat was ik vergeten. Met Sinterklaas kreeg ik ooit een theedoek met heel veel bonte kleuren zodat ik (volgens het gedicht) ook de restanten ketchup van de borden kon vegen zonder dat het opviel. En nog steeds kom ik hardnekkig klem te zitten tussen de poten van de strijkplank als ik die in- of uitklap.

Ik ben niet de enige huishoudelijke kruk. Van mannen bestond al jaren de beeldvorming dat ze niet veel feeling hadden met het huishouden, maar vrouwen blijken er ook niet veel meer van te bakken. Alle hoop in veel moderne huishoudens is dus gevestigd op een goede werkster, die derhalve ook schaars goed wordt. Aangezien we ook minder te besteden hebben, nemen we steeds vaker zelf de dweil weer ter hand. Trendwatchers zeggen het al langer: Mensen kruipen terug in hun huizen. Ze kiezen voor veiligheid, voor ganzenbord aan de eettafel, voor breien, knutselen, desnoods voor het verzamelen van postzegels. Ambachtelijk schoonmaken past mooi in het rijtje. Het is waarschijnlijk ook niet toevallig dat er in deze tijd verschillende boeken over traditioneel koken en schoonmaken het licht vinden. De tijd lijkt rijp voor een nieuw schoonmaakethos.

Het is de schuld van het feminisme dat we niets meer kunnen, zegt Sanderijn Cels, schrijfster van het boek 'De keukenprinses'. Het feminisme had het, volgens haar, rechtstreeks gemunt op het huisvrouwenbestaan en op de daarbij behorende bijbel, het kookboek. Vrouwen die 'bevrijd' wilden worden, zworen als eerste dat bestaan af. Enkele 'dissidenten' wilden én werken én blijven koken. Maar dat was tot mislukken gedoemd, zegt Cels, bekend van het boek 'Grrls!': 'Van werken krijgt een vrouw stress en als ze dan nog een soufflé wil bakken, zakt die natuurlijk in: van spanningen slaat baksel nu eenmaal neer.'

De beroemde Britse televisie-kok Nigella Lawson schrijft in haar boek 'Hoe word ik een goddelijke huisvrouw': 'Er zijn ook momenten dat we ons geen postmoderne, postfeministische, overspannen vrouw willen voelen, maar dat we een goddelijke huisvrouw willen zijn, die nootmuskaatgeuren van de in de oven bakkende pasteien meevoert in haar lome elegantie'.

Het lijkt of het dédain waarmee we lange tijd over het schoonmaken hebben gesproken op z'n retour is. Huiselijk en huishoudelijk zijn mag weer. Dus leren we uit haar boek hoe we aalbessenschuimtaart, bananenbrood, chocoladecake en bosbessenmuffins bakken.

Blijft het praktische probleem; waar halen we de tijd vandaan? Schrijfsters Claudette Halkes en Annemarieke Piers zijn in dat gat gesprongen. Met het hip vormgegeven boek 'Schoon! Het grote schoonmaakboek voor mannen én vrouwen' doen zij recht aan onze hang naar degelijke ambachtelijkheid én aan ons tijdgebrek.

Zo leren ze hoe we de wc in 1 minuut en 20 seconden, de woonkamer in 45 minuten en de keuken in 5 minuten en 47 seconden schoon krijgen. Tips van grootmoeder worden van stal gehaald (aangebrande pannen? heet water met twee lepels soda, kwartiertje laten staan), maar ook modernere (deken luchten? even laten draaien in de droger op de koude stand).

Halkes en Piers leveren ook suggesties om het schoonmaken aantrekkelijker te maken. Sommige mensen hebben bijvoorbeeld een broertje dood aan het huishouden omdat het zo zinloos lijkt; straks wordt het toch weer vies en moet je helemaal opnieuw beginnen. Dus laten de schrijfsters zenmeester Willem Scheepers vertellen dat schoonmaken een training is voor de geest. Routineklusjes kunnen je helpen los te komen van het geratel in je hoofd. Resultaat is niet alleen een schoon huis maar ook een schoon hoofd.

Een ander 'weetje': Afwassen maakt creatief. De combinatie gedachteloze actie én lekker aroma zorgt voor creatieve ideeën, blijkt uit een Brits onderzoek (in opdracht van Dreft, dus wel met een korreltje zout te nemen).

Bekende en minder bekende Nederlanders doen in Schoon! doen een boekje open over hun eigen huishouden. Bart Chabot, die voor zijn vier zoons en het huishouden zorgt, zweert bij het delegeren. 'De oudste twee regelen het tafeldekken, afruimen en afwassen'. Het echte huishoudwerk houdt hij 'spelenderwijs' bij. 'Ik maak pas iets schoon als ik zie dat het vies is. En dan probeer ik het wel zo leuk mogelijk voor mezelf te maken, lekker muziekje op en zo.'

Frans Molenaar zweert bij zijn huishoudster. 'Als ik 's avonds een feestje geef, weet zij precies welk zilver ze met poetsen en welk servies uit de kast moet worden gehaald.' Heerlijke tips voor huishoud-dummies geeft het boek 'De groene zeep voorbij' van Marjan van Marle, dat net als 'Schoon!', uitkomt aan het begin van de lente, hét moment voor de grote schoonmaak. Een greep uit de lijst. Last van teervlekken? Wrijf ze moeiteloos weg met baby-olie. Geurige thee? Verwarm de pot voor met kokend water. Vleesspetters voorkomen? Doe voor het bakken wat zout in de pan. Een kras in de spiegel? Wrijf er wat zilverpoets overheen en je ziet niets meer.

Sommige van deze huis-, tuin- en keukentips lijken echter eenvoudiger dan ze zijn. In het boek 'De grote schoonmaak' raadt schrijfster Linda Cobb aan om de gootsteen met bloem te poetsen. Misschien gaat het aluminium van Cobb ervan blinken, mijn gootsteen eindigde in een soort kleverige beslagkom. Hoewel het bij deze tip niet opging, geldt voor dit boek ook: degelijk maar tijdbesparend schoonmaken.

Dat was in de jaren vijftig wel anders. Gedegen was het poetswerk wel, maar huisvrouw zijn betekende het hebben van een 75-urige werkweek. In het boek 'Onderhoud van huis en huisraad' uit 1951 beschrijven de dames W.L.P. Burger en G. Hagenbeek een gewone dag. 'Zeven uur: beneden komen nadat het bed is afgehaald en de wastafel is schoongemaakt. Bij het naar beneden gaan moeten de vuile schoenen worden meegenomen. Beneden overal luchten, de vulkachel opstoken, stof afnemen en klaarzetten van het ontbijt, schoenen poetsen, leveranciers helpen.' En dan is het nog maar kwart over acht. Het hele huis moest blinken. Want, doceren Burger en Hagenbeek, 'eenieder is het er wel over eens dat de sfeer in de woning bepalend is voor het feit of de gezinsleden graag thuis komen dan wel 'uithuizig' zijn.'

Opvallend is dat de illustraties van vrijwel alle moderne schoonmaakboeken geïnspireerd zijn op deze jaren vijftig. Plaatjes van kraakheldere glimlachende vrouwen met geblokte schorten naast de wasmachine vrolijken de tips en teksten op. Hebben we dan naast onze lacherigheid over die tijd stiekem een beetje heimwee?

Die akelig fatsoenlijke jaren vijftig hadden misschien toch wel iets. Dat gesteven, naar lavendel geurende beddengoed van oma, een keuken die ruikt naar groene zeep en versgebakken brood, lakens die wapperen in de lente-wind.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden