LEEUWARDEN Kantje boord

Tot en met 15 mei in Fries Natuurmuseum, Schoenmakersperk 2, Leeuwarden. Dinsdag t/m zaterdag van 10.00 tot 17.00 uur, zondag van 13.00 tot 17.00 uur.

MARTIN VAN DER LAAN

Dat maakt lepelaar en blauwe kiekendief, over wier wel en wee in het Fries Natuur Museum een bescheiden tentoonstelling is ingericht, nog niet bijzonder. Nee, bij de lepelaar is het de spatel, die platgeslagen snavel. Zo'n eigenaardigheid zit je toch je leven lang in de weg. Met dat onhandige gereedschap moet je maar zien hoe je in ondiepe watertjes tot hooguit 40 centimeter op de tast, de lepel heen en weer maaiend, genoeg stekelbaarsjes of garnalen bij elkaar graait. Met hulp van collega-lepelaars weliswaar, die helpen bij het insluiten van scholen visjes. Maar met tegenstand van de mens, die met zijn landzucht en gifzak hard op weg was om de broedbiotoop van het beest te confisqueren of ernstig te verzieken. Onze verdienste: in 1850 waren er nog duizend broedparen in ons land, in 1965 amper 150. Ook onze verdienste: er zijn er nu weer bijna vijfhonderd.

Maar de lepelaar eist voor zijn welbevinden reconstructie van natte gebieden in de Spaanse binnenlanden en her en der het herstel van rust en de waterkwaliteit. De lepelaar heet immers een keurmerk te zijn: waar hij vist, strijken andere vogels ook neer. Diezelfde boodschap krijgen bezoekers van een vergelijkbare tentoonstelling in Frankrijk en Spanje.

We mogen toch hopen dat daar wel een lepelaar in 'levende' lijve pronkt: de bezoeker moet het hier doen met een statische, nogal oppervlakkige foto-plus-tekst-expositie.

De blauwe kiekendief kwam wel 'aanvliegen'. Man en vrouw, prachtbeesten. En eigengereid, want waarom ze in de jaren veertig het Waddengebied zijn binnengetrokken weet niemand. Eten? Dan stak hij misschien om de woelmuis naar Ameland over om er in 1940 voor het eerst te broeden. Maar nee, in 1946 zat hij ook op Terschelling en vanaf 1970 op de andere Waddeneilanden: weinig woelmuis daar.

En waarom ziet deze wonderschone vogel het niet zitten rond het Lauwersmeer? 's Vogels wegen zijn ondoorgrondelijk. De 'kuikendief' - liefst kleine fazantjes of weide- en zangvogels, maar konijntjes zijn ook goed - heeft het net als de lepelaar zwaar te verduren. Hij staat op de rode lijst: kans op uitsterven! En dat terwijl de blauwe kiekendief de aanvoer van voedsel voor de jongen toch tot een kunst verheven heeft. Het vrouwtje althans: zij vliegt de man tegemoet, zweeft onder hem door, draait precies op tijd op haar rug en grist met haar klauwen de veldmuis uit de zijne. Toni Boltini gaf er goud voor.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden