Leesclubs / Duizenden vrouwen, één goed boek

De macht van leesclubs groeit: zij kunnen boeken ’hypen’ en zelfs opstuwen naar nationale bestsellerlijsten. Maar welke boeken leest hun (meestal vrouwelijke) achterban? Beslist geen lichte kost, zo ontdekte Iris Pronk bij de Stichting Literatuurclubs Drenthe. Die selecteert boeken met de professionele precisie van een Librisjury.

Er is koffie met koek, maar voor koffiepráát is nauwelijks tijd op deze woensdagavond in het Drentse dorp Noord-Sleen. Daar zitten, in een tot klaslokaal omgetoverd cafézaaltje, zo’n 150 leden van 80 verschillende leesclubs. Zij luisteren aandachtig naar een hoorcollege over ’De vliegeraar’ van de Afghaanse schrijver Khaled Hosseini. Hun pennen krassen over het papier, hier en daar klinkt zacht gefluister. Bijna iedereen is enthousiast over de roman, die ook zoveel zegt over de recente geschiedenis van Afghanistan. ,,Dit is nou eens een lekker léésboek.”

,,Mooi hè, al die ijverig schrijvende vrouwen”, zegt even later Amanda Stuurman (61). Zij is voorzitter van de Stichting Literatuurclubs Drenthe (SLD), waarbij 250 leesclubs en zo’n 2400 leden zijn aangesloten. Die beantwoorden merendeels aan dit profiel: ze zijn vrouwen in de leeftijd van 55 tot 75 jaar, ze wonen in Assen, Hoogeveen of Emmen, ze zijn hoogopgeleid of autodidact en ze lezen allemaal graag.

Ver weg van de Amsterdamse grachtengordel, uit het zicht van uitgeverijen, literaire critici en jury’s, hebben ’gewone’ lezers zich stevig georganiseerd. Leesclubs vormen een groeiende economische macht, weet Frank Hockx, hoofdredacteur van het tijdschrift ’Boek-delen’ (’voor lezers en leeskringen’). Hij schat dat er in Nederland nu zo’n 5000 leeskringen zijn, inclusief centraal geleide clubs als de Drentse, zogenaamde ’wilde leeskringen’ (die nergens geregistreerd zijn) en leesclubs die zich vooral op internet manifesteren.

En hun aantal neemt toe, zegt Hockx: ,,Er komen vooral meer informele clubjes. Mensen worden geen lid meer van verenigingen, maar ze zoeken wel naar een manier om elkaar te blijven ontmoeten, als hun levens na de studie uiteen lopen.” De populariteit van de leesclub blijkt ook uit het bezoekersaantal van www.leeskringen.nl: zo’n 30.000 per maand.

Stel nu dat een leeskring gemiddeld acht deelnemers heeft, dan zijn er in totaal zo’n 40.000 potentiële boekenkopers, die allemaal ook weer lezende vrienden en familie hebben. Samen vormen zij een invloedrijke groep, die een boek kan hypen, zelfs kan opstuwen naar de nationale bestsellerlijsten.

Niet voor niets proberen uitgevers de leesclubs voor zich te winnen. In de Verenigde Staten gebeurt dat overigens al veel langer, zegt uitgeefster Annette Portegies van Querido. Daar is het ’leesclubboek’ –- vaak een klassieker met nawoord en discussievragen – inmiddels een groot succes. Querido publiceert deze maand de eerste twee Nederlandse leesclubedities, namelijk van ’Huurders en onderhuurders’ en ’Sleuteloog’ van Hella Haasse. En in augustus komt de ’Leesclubgids’, boordevol boekbesprekingen en praktische tips.

Nu is het de vraag wie er op die tips en edities zitten te wachten. De Drentse leesclubs in elk geval niet, zegt Anneke de Boer, secretaris van het SLD-bestuur: ,,Als uitgevers ons boeken sturen, dan sturen wij die weer terug. Wij willen volledig vrij zijn in onze keuze.”

Die keuze is de uitkomst van een intensieve procedure: de Drentse bestuursleden lezen jaarlijks zeker 75 recente romans. Daaruit selecteren zij – in overleg met leesclubs in Groningen en Overijssel – elk voorjaar vier titels: een enkel ’lekker leesboek’ als ’De vliegeraar’, maar doorgaans steviger kost.

Want: ,,Een boek moet in de eerste plaats literair zijn”, zegt De Boer. Streekromans, chicklit, vlot beschreven vrouwenlevens, ze halen de Drentse vergadertafel niet eens. Het tienkoppige bestuur – waarin ook veel neerlandici zitten – heeft een verfijnde smaak: ,,We willen dat de schrijver iets doet met de stof, dat hij vernieuwend is, iets toevoegt aan wat er al is.”

En dit is eis nummer twee: het boek moet genoeg ’discussiestof’ bevatten om 250 leesclubs urenlang te boeien. Mooie boeken vallen daarom soms af, zoals ’Schaduwkind’, waarin P.F. Thomése over de dood van zijn dochtertje schrijft. Dat boek is te dun, aldus voorzitter Stuurman, maar ook ’te intiem’ voor een uitgebreide groepsbespreking.

’De zelfmoordclub’ van de Finse schrijver Arto Paasilinna werd om een andere reden verworpen. Goede roman, geestig ook, maar toch niet geschikt, zegt Stuurman: ,,Het onderwerp ligt wat gevoelig, we konden ons voorstellen dat er tussen die 2400 leden mensen zitten die met zelfmoord te maken hebben gehad.”

En zo leest en weegt het Drentse bestuur, met de professionele aandacht en precisie van een regionale Libris Literatuurprijsjury. Voor het seizoen 2006-2007 kozen Stuurman en haar collega’s na rijp en geheim beraad, achter gesloten deuren, onlangs de volgende titels: ’Ultramarijn’ van Henk van Woerden (onlangs bekroond met de Gouden Uil), ’De geschiedenis van de liefde’ van Nicole Krauss, ’Het bevel’ van Leena Lander en ’De engelenmaker’ van Stefan Brijs (dat toevallig ook is genomineerd voor de Librisprijs).

Deze vier schrijvers en hun uitgevers zullen wel blij zijn, want hun boeken zijn straks verplichte kost voor circa 2400 lezers in Drenthe en nog eens zo’n aantal in Groningen en Overijssel samen. Dat betekent kassa, misschien zelfs een herdruk, of een tweede kans voor een nog niet zo bekend boek als dat van de Finse schrijfster Lander.

Niet alleen het Drentse bestuur heeft de macht om lezers te mobiliseren. Ook Jacandra van den Broek (35), projectleider van ’Boekentaal mondiaal’ bij de christelijke vrouwenvereniging Passage, heeft een grote achterban. Die bestaat uit zo’n 4000 vrouwen, verspreid over 400 leeskringen in het hele land.

Met een kleine selectiecommissie maakt Van den Broek ieder jaar een leeslijst, volgens een methode die veel op de Drentse lijkt: alle commissieleden lezen 40 tot 50 boeken, op de ’longlist’ staan er uiteindelijk minstens honderd. Ook voor hen weegt de literaire kwaliteit het zwaarst: ,,Er is ook wel vraag naar christelijke schrijfsters, maar daar gaan we niet gauw op in. Een boek moet meerdere lagen hebben, en een goede stijl.” ’Specht en zoon’ van Willem Jan Otten doorstond bijvoorbeeld de Passage-toets, evenals de klassieker ’Don Quichot’ van Miguel de Cervantes.

Is Van den Broek blij met ’hulp’ van uitgeverijen (speciale edities, gidsen met boekbesprekingen)? Ach, zegt ze: ,,Ik denk niet dat onze leeskringen er veel naar om zullen kijken.” Met hun eigen, zorgvuldige werkmethode is ze dik tevreden, en bovendien: zélf boeken lezen en beoordelen is gewoon het allerleukst.

Dat vindt ook literatuurwetenschapper Tineke de Jonge (49), begeleidster van zeven ’wilde’ leeskringen in Leiderdorp en omgeving. Zij leest zo’n twee nieuwe boeken per week: ,,Steeds met in mijn achterhoofd: is dit een geschikt leeskringboek?” Ook haar ambitieniveau ligt hoog: ,,Ik ben ook een beetje een juf natuurlijk, ik vind dat je sommige schrijvers gewoon moet leren kennen.”

En dus zette ze bijvoorbeeld ’De kapellekensbaan’ van Louis Paul Boon op de lijst – geen onverdeeld succes, want veel leesclubleden vonden het te moeilijk. Toch zijn haar leeskringen doorgaans wel voor een stevig boek te porren, zegt De Jonge: ,,Deelnemers vinden het fijn om andere boeken te lezen dan ze zelf al doen.”

Andere uitgevers volgen het voorbeeld van Querido; bij uitgeverij Pearson verscheen onlangs bijvoorbeeld het boek ’Lezen en leesclubs’. Maar makkelijk zullen ze misschien niet doordringen in de wereld van de leeskring. Want die wordt bevolkt door eigenwijze zelfdoeners, hartstochtelijke lezers die graag hun persoonlijke keuze maken uit het literaire aanbod.

Tommy Wieringa had vorig jaar geluk: zijn roman ’Joe Speedboot’ kwam door de strenge selectie van de Stichting Literatuurclubs Drenthe (overigens nog voordat het boek een hype werd in de rest van Nederland). Voorzitter Stuurman legt uit waarom: ,,De taal is mooi, het boek heeft iets nieuws, het heeft levenskracht. Goed is ook dat Wieringa zijn gehandicapte hoofdpersoon niet als slachtoffer neerzet.”

Afgelopen najaar werd de schrijver uitgenodigd om een lezing te geven in Westerbork, voor honderden Drentse leesclubleden. Dat was een bijzondere ervaring, vertelt Wieringa: ,,Ik kwam aanrijden en dacht: wat is hier aan de hand, treedt er straks een volkszanger op of zo? Er stond zelfs iemand het verkeer te regelen, zo druk was het. Het was shockerend: ik heb nog nooit voor zoveel mensen opgetreden die ook nog allemaal mijn boek hadden gelezen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden