Lees ook: Er blijft een achterdeur voor witwassers bestaan

Beeld Studio Vonq

Om een einde te maken aan schimmige brievenbusfirma’s worden strengere eisen gesteld aan trustkantoren. Maar daarmee verdwijnen de constructies met Nederlandse brievenbusfirma’s niet. De strenge wet is gemakkelijk te omzeilen, blijkt uit onderzoek van het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico voor Trouw en De Groene Amsterdammer.

"Stelt u zich eens voor dat er een terroristische aanslag zou worden gepleegd. Stelt u zich voor dat uw kantoor enige vorm van betrokkenheid zou hebben gehad bij de financiering daarvan.” Frank Elderson, directeur van De Nederlandsche Bank, schetst een horrorscenario tijdens een seminar dat de toezichthouder heeft georganiseerd voor de Nederlandse trustsector. Trustkantoren treden op als beheerder van vennootschappen die zijn opgezet voor hun klanten.

Aan de aanwezige directeuren en medewerkers van trustkantoren wordt nog eens duidelijk gemaakt: zonder strikte controle kan het zomaar voorkomen dat Nederlandse trustkantoren, al dan niet onbewust, meewerken aan het verhullen van dubieuze of criminele geldstromen.

Het is mei 2016, enkele weken nadat uit publicatie van de Panama Papers opnieuw blijkt dat Nederland internationaal volop wordt gebruikt om geldstromen te verhullen of wit te wassen. “U bent poortwachter. U bewaakt de poorten van de stad”, herinnert Elderson de trustsector aan zijn wettelijke taak. “Verzaakt u uw plicht, laat u ongure types door die geweerd hadden moeten worden, dan zal men u die sleutels niet langer toevertrouwen.” Er staat, kortom, niets minder dan het bestaansrecht van de Nederlandse trustsector op het spel.

Het is niet voor het eerst dat toezichthouder DNB de trustkantoren waarschuwt. Al meer dan tien jaar verzaken zij zelfs de meest basale controles op de klanten aan wie zij hun diensten verlenen. Een nieuwe Wet toezicht trustkantoren (WTT), waarover de Tweede Kamer over twee weken debatteert, scherpt de eisen nog verder aan en geeft DNB meer instrumenten om desnoods vergunningen van kantoren in te trekken.

Maar terwijl de trustkantoren zich haasten om de zaken op orde te krijgen en zo te voldoen aan de wettelijke eisen, blijkt uit onderzoek van platform Investico dat de vroegere klanten de sector steeds meer links laten liggen. ‘Knippers’ worden dit genoemd: door de traditionele diensten van trustkantoren op te knippen en te verdelen over losse bedrijven en personen, vallen zij buiten de wet en het toezicht van DNB. Vandaag publiceert weekblad De Groene Amsterdammer een uitgebreid verhaal over deze en andere ontwijkingsroutes van de trustwet.

Dat opknippen kan heel simpel. In plaats van te kiezen voor het adres van een trustkantoor als vestiging, kan een vennootschap ook gebruikmaken van een flexkantoor. En het bestuur van het bedrijf hoeft niet vervuld te worden door een medewerker van een trustkantoor, maar kan ook in het eigen netwerk worden gezocht. Investico vond zelfs bedrijven die mensen werven om als bestuurder van vennootschappen te worden ingeschreven. Door de verschillende diensten die trustkantoren doorgaans als geheel aanbieden via die weg te verspreiden, vallen de ‘knippers’ niet onder de WTT.

De precieze omvang van deze schaduwtrustsector is lastig te bepalen. Verschillende medewerkers van trustkantoren geven in achtergrondgesprekken aan dat de ondergrondse trustsector misschien al wel groter is dan het door DNB gereguleerde deel. Toezichthouder DNB en het ministerie van financiën zeggen desgevraagd op de hoogte te zijn van het fenomeen, maar geen idee te hebben van de precieze omvang.

Schoon klantenbestand

Investico vond tientallen bedrijven die tot voor kort werden beheerd door een trustkantoor, maar nu ‘ondergronds’ zijn gegaan. Dat levert dubbele gevoelens op bij Holland Quaestor, de branchevereniging van een groot aantal Nederlandse trustkantoren. “De strengere regelgeving zorgt ervoor dat wij, als gereguleerde trustkantoren, een schoon klantenbestand krijgen”, zegt secretaris Ewout Langemeijer van Holland Quaestor. “Maar het is natuurlijk wel gek dat je er zo simpel omheen kunt werken. Er ontstaat een scheiding tussen wat zich in het licht en wat zich in het donker afspeelt. En de nieuwe wetgeving zorgt ervoor dat de wereld in het donker groeit.”

Of het nu ligt aan de ‘knippers’ of niet, duidelijk is in elk geval dat de gereguleerde Nederlandse trustsector steeds verder krimpt. Het aantal trustkantoren is gedaald van 300 in 2012, naar 240 in 2016. Het aantal zogeheten ‘doelvennootschappen’ - de brievenbusfirma’s die trustkantoren namens hun klanten beheren - daalde eveneens, van ruim 25.000 in 2014 naar 21.500 in 2016.

Dat betekent niet dat daarmee de witwasgevoelige constructies uit Nederland verdwenen zijn. Het is eenvoudig om internationale constructies op te tuigen zonder een duur trustkantoor dat lastige vragen stelt. Langemeijer: “Als je off the record met belastingadviseurs praat dan zeggen die: waarom zouden we nog klanten naar trustkantoren sturen? Het kan een kostenoverweging zijn. Maar wanneer het gebeurt om de strenge WTT-eisen te ontlopen, dan ontstaan de problemen.”

Dat wordt beaamd door advocaat Melis van der Wulp, die gepromoveerd is op het toezicht in de trustsector. “De WTT is een tool om de cliënten eruit te halen die een trustkantoor niet zou moeten willen bedienen. Als trustdienstverlening buiten de WTT om wordt gedaan, worden de risico’s niet adequaat beheerst en ontstaat een verhoogd risico op witwassen. Zo simpel is het.”

Het is volkomen legaal om verschillende diensten te gebruiken die samen het werk doen van een trustkantoor. Tenzij die verschillende dienstverleners nauw met elkaar samenwerken om doelbewust de WTT te ontlopen, zegt Van der Wulp. “Dan heb je een situatie waarbij de dienstverlening van deze bedrijven afzonderlijk niet, maar gezamenlijk wel als trustdienstverlening wordt aangemerkt. Bedrijven die dit doen lopen het risico dat DNB handhavend zal willen optreden.”

Maar dat is erg lastig, zegt DNB. De toezichthouder krijgt regelmatig signalen vanuit de sector. Er is zelfs een speciaal e-mailadres in het leven geroepen waar misbruik kan worden gemeld. Maar om te kunnen optreden zal DNB moeten aantonen dat de ‘geknipte’ diensten toch vanuit één hand worden verricht. Dat is in de praktijk nauwelijks te bewijzen.

DNB zegt op verschillende momenten bij het ministerie van financiën aan de bel te hebben getrokken over de ontwijkingsmogelijkheden bij de WTT. Vorig jaar nog, tijdens de parlementaire ondervragingscommissie naar aanleiding van de publicaties over de Panama Papers, stelde DNB ‘opvallend veel signalen te hebben ontvangen (…) die wijzen op een toename van trustdiensten zonder vergunning of buiten toezicht van DNB om’.

Vergunning

Ook daar is het probleem bekend, zegt een woordvoerder in reactie op vragen. Sterker nog, in de nieuwe WTT, die over twee weken in de Tweede Kamer wordt behandeld, is op het laatste moment nog een aanpassing gedaan om het ‘knippen’ van trustdiensten te ondervangen. Tussenpersonen die ‘opgeknipte’ trustdiensten bij verschillende dienstverleners aanprijzen bij hun klanten, moeten nu ook een vergunning hebben van de toezichthouder.

De vraag is of daarmee het fenomeen voldoende wordt ondervangen. Handige adviseurs die op hun website schermen met trustdiensten die bij verschillende partijen zijn onder te brengen, lopen als gevolg van de wijziging het risico om de toezichthouder aan de deur te krijgen. Maar hoe kom je er als toezichthouder achter als een witwasser - al dan niet op advies van een derde - zélf besluit de trustdiensten bij verschillende aanbieders onder te brengen en zo de WTT te omzeilen? Kan DNB dat in de praktijk wel aantonen?

Financiën erkent dat klanten inderdaad zelf ‘op zoek kunnen gaan naar partijen die verschillende diensten voor hem kunnen verrichten’. “Het gaat namelijk om reguliere diensten als juridisch advies, het opmaken van de jaarrekening of het doen van belastingaangifte”, aldus een woordvoerder. Van trustdiensten is volgens de wet pas sprake als die in combinatie worden aangeboden met een post- of bezoekadres, die klanten ook weer zelf kunnen regelen. Zo kan een strenge WTT-toets alsnog worden voorkomen.

investicoBeeld rv

Ongebruikelijk

Het ministerie wijst er echter op dat afzonderlijke dienstverleners - zoals advocaten, accountants en belastingadviseurs - wel onder de Wet ter voorkoming van witwassen en het financieren van terrorisme (Wwft) vallen. Die wet gaat minder ver dan de strengere WTT, maar financiële dienstverleners hebben als gevolg ervan wel de plicht om ongebruikelijke transacties van klanten te melden.

Volgens Jaap Koelewijn, hoogleraar corporate finance aan Nyenrode Universiteit, ligt het probleem uiteindelijk dieper. De aantrekkelijkheid van Nederland voor internationale geldstromen zit hem in de vele fiscale voordelen die hier te krijgen zijn, in combinatie met een goed werkend rechtssysteem en zeer efficiënte financiële sector.

“Zolang die voordelen bestaan, krijg je ook te maken met de onderkant van die geldstromen met alle criminele en witwasrisico’s die daarbij horen.” Het is de ‘bijvangst’ van het beleid van Nederland om fiscaal aantrekkelijk te zijn voor multinationals om zich hier te vestigen, aldus Koelewijn. “Als je echt van die onderstroom af zou willen, zou je dus een einde moeten maken aan die fiscale voordelen.”

Lees ook: Het ministerie van financiën kiest een slimmere aanpak van brievenbusfirma's

Het ministerie dicht op het laatste moment een lek in de toezichtswet voor trustkantoren. Maar de risico’s zijn niet geheel weg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden