'Lees en schrijf'/De islam is uit het ontstaansproces van de renaissance niet weg te denken

De klassieke vragen: waar komen we vandaan, waar gaan we uiteindelijk heen en wat doen we hier en nu eigenlijk, zijn zowel inspiratiebron als marteling geweest voor veel filosofen. Gedurende de 18de eeuw (de eeuw van de verlichting) en de 19de eeuw (de eeuw van het materialisme), probeerden veel schrijvers en denkers dit probleem op te lossen door het te laten verdwijnen. Door de mens te bevrijden van de knellende banden van religie, dachten denkers en wetenschappers hem een weergaloze mogelijkheid te bieden geluk op aarde te vinden. Aan dit denken lagen twee illusies ten grondslag.

ABDULWAHID VAN BOMMEL

1. De mens zal gelukkig worden en een positieve ontwikkeling doormaken door religie te verwerpen. Door de rede zou de mens zichzelf en de natuur meester worden en de universele regels ontdekken aan de hand waarvan hij zou leven. Die ontwikkeling heeft in zekere zin plaatsgevonden, wat zorgde voor een bevestiging van de eerste illusie. Vergeten werd echter dat het niet religie zelf was die een dergelijke ontwikkeling had tegengehouden, maar de menselijke interpretatie ervan. Bovendien werd over het hoofd gezien dat technologische en wetenschappelijke ontwikkelingen op zichzelf geen fundamentele levensingrediënten zijn, en geen gezond of gelukkig leven kunnen garanderen. Ondanks de materiële vooruitgang van de laatste twee eeuwen, heeft 'de mens' zich spiritueel nauwelijks ontwikkeld.

2. De tweede illusie bestaat eruit dat de mens het zou kunnen redden zonder communicatie met een levende God. Deze veronderstelling komt niet voort uit kennis van de historie van de mensheid. Het 'spreken met God' is er vanaf het allereerste moment geweest en is zelden of nooit uit de harten en geesten van de mensheid verdwenen. Als iemand zegt: 'Ik aanbid helemaal niets', betekent dat niet dat hij of zij het probleem van aanbidding uit zijn leven heeft verbannen. Het betekent alleen dat het voorwerp van aanbidding is veranderd. Hijzelf, of zijn eigen wensen zijn dan waarschijnlijk voorwerpen van aanbidding geworden. Aanbidding is immers niet beperkt tot het brengen van offers, het verrichten van gebeden of het doen van andere devote handelingen. Dat is alleen een bepaalde vorm die eraan wordt gegeven.

De islam beantwoordt deze tegenstellingen met zijn opvatting van kennis en het mensbeeld dat de koran geeft.

De God die wij aanbidden is dezelfde God die ons voortdurend aanmoedigt kennis te vergaren. De eerste vijf verzen die van de koran zijn geopenbaard gaan bijna alleen over activiteiten die daarmee te maken hebben.

“Lees, in de naam van uw Heer Die schiep; Hij schiep de mens uit een klontertje (bloed); Lees! En uw Heer is de meest eerbiedwaardige; Die de mens met een pen heeft leren schrijven; de mens geleerd heeft wat hij niet wist.” (96:1-5) 'Lees en schrijf' is dus de allereerste boodschap van de islam. Hiermee en met veel andere verzen vormde de islam een stuwkracht voor wetenschap. De mens wordt uitgenodigd de universele wet waarmee God het heelal bestuurt, te leren kennen. Het cruciale punt is niet het verwerpen van een wetenschappelijke levenshouding of wetenschappelijk onderzoek en haar resultaten, het draait om iets anders. Zijn wij nog de meesters van dit onderzoek en hebben wij de resultaten nog in onze macht of zijn wij de slaven van wetenschappelijk bewezen technologische mogelijkheden geworden?

Het mensbeeld in de koran is opgebouwd uit een aantal basiselementen. Voorop staat het plaatsvervangerschap, te vergelijken met het christelijke rentmeesterschap. De verhouding van de mens tot God wordt vooral samengevat in het woord abd, dienaar. Daarbij is de mens toegerust met een fitrah, wat zoveel wil zeggen als natuurlijke neigingen tot. . . Zich wenden tot een hogere macht, rechtvaardigheid, mededogen, zorgzaamheid, liefde, horen daarbij. De natuur-cultuur discussie vindt binnen dit kader plaats. Zijn egoïsme, chauvinisme, seksisme, aangeleerde of natuurlijke eigenschappen?

De mens is ook toegerust met een ziel en een vrije wil. De koran spreekt hem daar ook steeds op aan. “Wij hebben hem de weg getoond. Hij mag dankbaar of ondankbaar zijn”. (76:3) “En indien uw Schepper had gewild, zouden allen die op aarde zijn, zeker in Hem hebben geloofd. Wilt u de mensen dan dwingen om gelovigen te worden?” (10:99)

Gezien in het kader van de beeldvorming, die over alle media verdeeld, een islam laat zien die zich een weg naar de toekomst baant door terug te keren naar het verleden, lijkt het bovenstaande een minderheidsgedachte over zoiets als 'verlichting'.

Toch komen we bij aandachtige studie in de twaalfde eeuw al de kruisbestuiving tegen van het islamitische rationalisme met een Europa dat zich trachtte te ontworstelen aan de greep van de clerus. De bekende Andalusische moslimfilosoof Ibn Roesjd (1126-1198), wiens naam in het westen is verbasterd tot Averroes, heeft met zijn ideeën grote invloed uitgeoefend op de Europese hoven in hun strijd met de Kerk. De clerus had in die tijd een grote macht en het argument dat de mens zijn rationele vermogens en zijn gezond verstand dient te gebruiken om oplossingen aan te dragen voor de problemen van de gemeenschap, is uit het gedachtegoed van de islam afkomstig. Volgens de filosoof Vandamme is Averroes niet weg te denken uit het ontstaansproces van de Europese renaissance en heeft hij een duidelijke invloed uitgeoefend op het ontstaan van moderne westerse ideologieën zoals het humanisme en het laïcisme. Het is interessant dat die invloed voortkwam uit het krachtenspel tussen secularisatie en geloof. We bevinden ons op dat kruispunt en rijden met z'n allen steeds door oranje.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden