Leert het dierenrijk ons wat een natuurlijke leider is?

Beeld Chadden Hunter

Wolf, olifant, aap, paard of mier: wat kunnen we toch veel van ze leren over leiderschap. Maar Hans de Bruijn heeft zo zijn bedenkingen.

Op internet circuleert een prachtige foto van een roedel wolven, die rond de poolcirkel in Canada leeft, onder barre omstandigheden. De temperatuur daalt ’s winters tot min 40 graden Celsius.

De wolven lopen achter elkaar door de sneeuw. Eerst is er een rij van drie wolven, dan valt er een gat, dan volgt een rij van vijf wolven, weer valt er een gat en dan volgen de overige wolven. Helemaal achteraan loopt, eenzaam en alleen, de laatste wolf.

Het bijzondere aan de foto, zo wordt ons uitgelegd, is dat de zwakste wolven voorop lopen - zij bepalen het tempo en de koers van de groep. Hoe verder we naar achteren gaan, hoe sterker de wolven in de rij. De wolf die alleen achteraan loopt, is de leider van de groep - de ‘alfawolf’.

Zou de volgorde andersom zijn, dan zouden de zwakke wolven uiteindelijk achterblijven en sterven omdat ze het tempo van de groep niet kunnen bijhouden. Nu kunnen ze door het lage tempo weer op kracht komen. Dat is belangrijk, niet alleen voor de zwakke wolven, maar ook voor de roedel: de wolven leven van de bizon-jacht en voor een succesvolle kill heb je een groot aantal wolven nodig. Zou de roedel te klein worden, dan kunnen er geen bizons meer worden aangevallen en is het einde verhaal voor ook de sterke wolven.

Dienend leiderschap

De wolven gingen vooral viraal omdat ze ons iets leren over leiderschap. “De natuur leert ons zulke wijze lessen”, schrijft iemand ontroerd.

De alfawolf is niet de Trumpachtige leider wiens testosteron de koers bepaalt. Nee, de leider volgt. Dat past bij onze ideeën van ‘dienend leiderschap’. Een dienend leider maakt anderen beter, laat zich leiden door het belang van allen, niet door het eigen ego. 

De wolven passen bij ideeën over leadership from behind: geef als leider anderen de kans zich te ontplooien. Wie een goed leider is, ‘neemt’ geen leiding, maar ‘geeft’ leiding - geeft het leiderschap aan de anderen.

Dierenverhalen

Heel vaak worden in verhalen over leiderschap, wolven, olifanten, apen, paarden, mieren en allerlei andere dieren van stal gehaald. Waarom?

Een. Verhalen over leiderschap onder dieren inspireren ons - je kunt echt geraakt zijn door dat verhaal over de Canadese wolven.

Twee. Je kunt er van leren. Er bestaat zelfs zoiets als een ‘bioteam’ - een team dat gebaseerd is op lessen uit de natuur.

Drie. Ze geven gezag aan je opvattingen over leiderschap. Alsof jouw opvatting een soort natuurlijk gegeven is, aansluit bij natuurlijke wetmatigheden.

Vier. Leiderschap is meestal ingewikkeld, maar als er een natuurlijke wetmatigheid is, dan geeft ons dat houvast. De natuur helpt om leiderschap te begrijpen.

Vijf. Met vergelijkingen uit het dierenrijk boei je je toehoorders. Het verhaal over de wolven onthoud je als toehoorder beter dan een theoretische beschouwing over leadership from behind.

Zwermgedrag

Nog zo’n voorbeeld uit het dierenrijk, dat we vaak tegenkomen: zwermgedrag. Vogels kunnen met tienduizenden tegelijk kriskras door de lucht zwermen. Meer dan een miljoen gnoes migreren ieder jaar over een afstand van 800 kilometer. Dat doen vogels en gnoes zonder leider. Hoe kan dat? Termieten kunnen met honderdduizenden tegelijk een heel complexe termietenheuvel te bouwen. Biologen leren ons dat er géén sprake is van een termiet die de leiding over de bouw heeft. Er is geen plan, geen blauwdruk, geen projectmanager, geen controlesysteem. Hoe is dat mogelijk?

Het gaat ongeveer als volgt: de termieten nemen een hap modder, zwermen rond en laten op een gegeven moment de modder vallen. Ze laten daarbij een geurspoor achter, dat het sterkst is op de plek waar de modder wordt achtergelaten. De termieten zijn voortdurend op zoek naar geursporen en volgen uiteindelijk het sterkste geurspoor - dat dus door collega- termieten het meest gebruikt is en steeds meer gebruikt zal worden. Ze laten de modder op de plek vallen waar de geur het sterkst is, waar anderen ook de modder achterlieten. Zo ontstaat het begin van de termietenheuvel.

Termieten volgen dus een heel eenvoudige code: neem een hap modder, volg het sterkste geurspoor, laat de modder vallen waar het geurspoor opeens heel sterk is. Er komt geen leider en geen manager aan te pas. Iets soortgelijks geldt voor het zwermgedrag van vogels en gnoes: je volgt een eenvoudige code en kunt daardoor heel complexe taken aan.

Het is natuurlijk het ideale beeld voor leiderschap in professionele organisaties. Professionals - in de zorg, het onderwijs, de consultancy, in hightechondernemingen - klagen vaak steen en been over het teveel aan managers. De termieten leren ons dat je heel complexe organisaties kunt aansturen zonder managers, dat zelforganisatie en zelfsturing heel goed mogelijk zijn. Als professionals zich houden aan hun professionele codes (zoals termieten zich houden aan hun codes) gaat veel vanzelf goed in professionele organisaties. Het is een natuurlijke wetmatigheid.

Selectief winkelen

Het zijn allemaal prachtige beelden, maar wat is het bezwaar tegen deze vergelijkingen?

Een eerste bezwaar is dat we best wel selectief winkelen in de natuur. Wanneer een leider in onze organisaties voortdurend zijn of haar domein afbakent, paaltjes slaat en anderen de tent uitvecht, zal niemand zeggen dat dit goed leiderschap is en er ontroerd aan toevoegen dat ‘de natuur ons zulke wijze lessen leert’. Toch is dat zo. Stokstaartjes bakenen met urine hun territoir af en gaan iedere indringer te lijf. Leeuwen vechten om de leiderschapspositie, de zwakkere leeuw verliest en moet de groep verlaten. Of neem postduiven. Je kunt een professionele organisatie vergelijken met een duiventil - duiven vliegen in en uit, waardoor een wat rommelige organisatie ontstaat.

Dat zien we bijvoorbeeld in professionele organisaties als universiteiten en adviesbureaus. Hoogleraren zijn veel buiten de universiteit actief, ze regelen financiering, werken samen met buitenlandse onderzoekers, presenteren hun onderzoek op congressen. Consultants zijn actief in hun netwerken, zitten bij klanten, zijn op zoek naar nieuwe opdrachtgevers. En zo vliegen deze professionals voortdurend uit, weg van de universiteit, weg van het adviesbureau. Dat lijkt rommelig, maar het is juist een teken van vitaliteit - de organisatie als duiventil moet je positief waarderen.

Wat weten we over leiderschap onder duiven? De leider onder postduiven is niet de sociaalste duif, ook niet de duif met de meeste vlieguren, maar de snelste duif. De snelste duif vliegt altijd vooraan, kent daardoor de routes beter dan de volgers en wordt dus de leider. Het is het chauffeur-passagiermechanisme: een chauffeur kan zich een route vaak beter herinneren dan een passagier. De snelle jongen wordt de leider, niet wie sociaal uitblinkt of de meeste ervaring heeft. Dat willen we niet horen, dus haalt de postduif de boeken over leiderschap veel minder dan onze termiet.

Onjuiste vergelijkingen

Een tweede bezwaar is dat de vergelijking altijd mank gaat, heel erg mank.

Stel dat een arts zich tegen zijn of haar leiding keert met een beroep op de zelfsturende organisatie van de termieten. Hoe moet je als leidinggevende reageren? Heel eenvoudig. Het eerste antwoord: een arts is geen termiet. Het tweede antwoord: een ziekenhuis is geen termietenheuvel. Een ziekenhuis kent tientallen verschillende disciplines, termieten niet. Een ziekenhuis heeft patiënten, de termietenheuvel niet. Een ziekenhuis moet rekening houden met beperkte budgetten, termieten niet. Je hebt allerlei verschillende soorten artsen, de termieten zijn allemaal exacte, eendimensionale kopieën van elkaar.

Daarmee zijn veel van die verwijzingen naar leiderschap onder dieren in het beste geval slechts een grappig observatietje. En in het slechtste geval gevaarlijke onzin. Je moet er toch niet aan denken dat een leider in een ziekenhuis, met een beroep op onze Canadese wolven, de zwakste artsen de koers en het tempo laat bepalen?

We gaan naar leiderschap onder paarden. In genderdiscussies is een bekende vraag wie onder paarden de leiderschapsrol heeft, de hengst of de merrie? De vraag stellen is haar beantwoorden: de merrie, de ‘alfamerrie’.

Voor wie deze conclusie even niet uitkomt: een kudde paarden kan tegelijk een alfamerrie en een leidende hengst hebben, die achteraan loopt en de kudde bijeen houdt. Je kunt dus ook beweren dat de hengst een leiderschapspositie heeft. En voor wie baalt van die eeuwige tegenstelling tussen feminien en masculien: volgens onderzoek naar przewalskipaarden is er helemaal geen leider. Paarden nemen besluiten bij consensus.

We winkelen selectief in de natuur ook omdat leiderschap daar niet altijd zo duidelijk en eenduidig is als we wellicht zouden wensen.

Eigen visie

En dan is er een derde bezwaar. Dat verhaal over de wolven van zojuist, wordt nog steeds op internet gedeeld. Maar helaas, het verhaal klopt van geen meter. De zwakste wolf loopt helemaal niet voorop. De wolven moeten zoveel mogelijk energie sparen en lopen daarom achterelkaar door de hoge sneeuw, op een pad dat door de voorste wolf wordt gebaand. Voorop loopt de leider van de roedel. De wolven blijken dus heel traditioneel georganiseerd: de baas gaat voorop. We laten ons blijkbaar niet inspireren door de natuur als het gaat om onze visie op leiderschap. Nee, wij hebben een visie op leiderschap, zijn er bijvoorbeeld diep van overtuigd dat dienend leiderschap goed is, en interpreteren aan de hand daarvan de natuur.

Verhalen over wolven, termieten, paarden en al die andere dieren helpen ons echt niet verder. Er bestaan geen ‘natuurlijke visies’ op leiderschap. We zullen die visie zelf moeten ontwikkelen. Daarna mag je best een voorbeeld uit het dierenrijk gebruiken, maar laten we eerlijk zijn: dat is dan vooral een mooie marketing van je opvatting over leiderschap. Meer niet. <

De alfawolf geeft van achteruit leiding. Het beeld werd via Facebook in 2015 populair. Voorop liepen volgens het massaal gedeelde bericht drie verzwakte wolven. Zo raakten ze niet achterop. Een andere toelichting stamt uit 2011, toen de documentaire Frozen Planet verscheen. De foto van Chadden Hunter toont hoe het alfavrouwtje voorop het pad baant, zodat de andere, zwakkere wolven hun krachten kunnen sparen.

Hans de Bruijn (1962) is hoogleraar bestuurskunde en debatspecialist. Hij verzorgt wekelijks de rubriek ‘Framing’ in Letter& Geest.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden