Leeg land is zo mooi

Met een opschrijfboek spoed ik me van de ene tuinclub naar de andere. Ik betaal voor drie clubs contributie maar verschijn er alleen in het voorjaar. Daarna ben ik slapend lid of, om het wat positiever te zeggen, de rest van het jaar ben ik slechts telefonisch met de clubs verbonden.

Een van de redenen is dat er in de tuinen vanaf juni geen aarde meer is te zien. Die is dan helemaal bedekt met mengelingen van bijzondere planten in adembenemende kleurschakeringen. Maar ik kan niet zien hoe ze uit de aarde spruiten: krachtig, fijntjes of voorzichtig. Ook de kleur van de aarde is onzichtbaar; zo ook de structuur.

Leeg land is zo mooi! Goed geploegd, vlak land met netjes afgewerkte kopeinden en schone rechte sloten kan me echt ontroeren. Zo gewillig, zo kwetsbaar ligt het in vertrouwen te wachten op wat de mens zal beslissen. Worden het aardappelen, bloembollen of groenten?

Het eerste groene waas, de brekende aarde die honderdduizend neusjes doorlaat, uitplooiend blad en de eerste openspringende knoppen. Verder hoeft het niet te gaan, de belofte is mij genoeg.

Als ik mijn dochter het land zie opperen is ze net haar overgrootvader, die roerloos kon staan kijken met één dichtgeknepen oog om een lager gelegen plek op te merken. Mijn zoon draaft 's morgens naar het land om te zien of het tot in de nacht geploegde land het daglicht wel kan velen. Zijn eer staat op het spel, lof wil hij oogsten met zijn 260 PK-trekker.

Ondertussen maak ik in drie tuinclubs de discussie mee over zelf zaaien of voorgezaaide plantjes per post bestellen. Met verschillende bedrijven hebben we goede ervaringen. Op maat verpakt en snel arriveren de plantjes op de opgegeven datum, waarna we onze zorg- en opkweekinstincten nog volop kunnen loslaten op het jonge spul.

Maar ja, het gereedmaken van de zaaibakjes (zaaigrond steriliseren in de magnetron), het aanvoelen van de juiste zaaiafstand, het moment van ontkiemen, wie kan het missen?

Ooit vond ik een ei in mijn narcissen dat door vos en ratten nog niet was opgemerkt. In buurvrouws broedmachine werd het ei een eend. Nog steeds voel ik me een beetje God. Dus blijf ik zaaien en bestel met club 2 Kooltje Vuur (Adonis aestivalis) om zijn bloedrode bloemen met zwart hart en Coleus blumei, de ouderwetse sierbrandnetel die je in steeds meer zomerborders gaat zien vanwege zijn laaiende bladkleuren.

Een perk is snel en voordelig gevuld want de makkelijk te snijden stekken, wortelen binnen drie weken. De uit tropisch Afrika en Azië afkomstige planten kunnen 's winters heel goed in huiskamer of serre overwinteren.

In Engeland zijn er gewortelde stekjes te bestellen van aparte soorten zoals 'Roseblush' en 'Red Velvet' en er is zelfs een National Coleus Society in Mansfield. Met club 1 bestel ik nog dubbele Zinnia elegans 'Peppermintstick' vanwege zijn verbleekte frescokleuren. Met club 3 neem ik een aandeel in een tray voorgezaaide krulpeterselie 'Green River'.

Natuurlijk moet ik aardbeien gaan kweken voor de kleinkinderen. Voor dat goede doel worden aan alle kanten stekjes aangeboden. Ook de pret van het rijpe rode radijsjes uit de grond trekken kan ik ze niet onthouden. Moet ik hun naam nog schrijven met sterrenkers, waar is mijn opschrijfboek...

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden