Leefbaar Rotterdam / Ik ben gewoon een aardige jongen

Michiel, raadslid voor Leefbaar Rotterdam, wordt uitgemaakt voor extreem-rechts, en voor neonazi. Maar dat is hij helemaal niet. Smit is gewoon duidelijk.

Toen Michiel Smit (26) onlangs zijn woning in Rotterdam-West uitkwam werd hij aangeklampt door een buurtbewoner. ,,Hij had een auto van vijftien jaar oud voor de deur en zijn huis raakte hij niet kwijt vanwege de slechte buurt.'' Die man wees Smit op Antillianen en Marokkanen die in peperdure glimmende bolides de stad doorkruisen: ,,Waar betalen die lui dat van?'' Smit maakte er gelijk een zaak van: hou die gasten aan en laat ze op het politiebureau uitleggen waar ze dat allemaal van betalen.

Links boos, anti-fascisten woedend, maar Smit beweert dat hij slechts weergeeft wat er leeft op straat. ,,Ik ben niet het type dat zegt: Wij besturen de stad. Ik probeer aan de kant van de mensen te staan'', zegt Smit in zijn stamkroeg.

Smit, nu negen maanden raadslid voor Leefbaar Rotterdam, roept goedkeuring of walging op. Vrijwel iedereen ter linkerzijde van het CDA verslijt hem voor een extremist, een gevaarlijke jongen. Leefbaar Nederland-lijsttrekker Haitske van de Linde noemde Smit onlangs nog 'de grootste neonazi in de Nederlandse politiek'.

Smit, ook tweede op de landelijke lijst van Winny de Jong, deed aangifte tegen Van de Linde. Maar opkijken van dergelijke typeringen doet hij eigenlijk al niet meer. ,,Ik ben al voor zoveel zaken uitgemaakt. Linkse figuren vinden dat ik het IQ heb van een wortel. Ze gaan altijd onmiddellijk schelden. Vooral mensen die de waarheid niet willen horen, plaatsen mij in de rechtse hoek.''

Dat zijn ideeën behoorlijk afwijken van het politiek gangbare, ontkent Smit niet. Een klein overzicht: afschaffing van meertalige gemeentefolders, in de moskee Nederlands preken verplicht stellen, keihard bestrijden van schijnhuwelijken, het afschaffen van subsidies voor één bepaalde bevolkingsgroep, en noem maar op. Of neem het onderwerp Abou Jahjah, de voorman van de Arabisch-Europese liga die ook in Rotterdam voet aan de grond wil krijgen. ,,Mijn idee is: hij is als gelukzoeker naar België gekomen, dus ik zou hem op het eerste vliegtuig terug zetten. Dat ligt niet eens zozeer aan zijn fundamentalistische standpunten. Ik heb sowieso gemengde gevoelens over gelukszoekers uit Libanon.''

Het zijn deze uitspraken die linkse groeperingen als Kafka al vroeg alarmeerden. Eerder dit jaar werd bekend dat Smit bij het Vlaams Blok langs wilde gaan, om 'te praten'. Kort daarna publiceerde het antifascistische blad Alert! dat Smit deelnam aan discussies op de extreem-rechtse internetfora van Stormfront en Polinco. En deze week kwam Kafka met het nieuws dat Smit de hulp heeft ingeroepen van voormalig CP'86-voorman Vreeswijk, om handtekeningen in te zamelen voor de deelname van De Jongs Conservatieven.nl aan de kamerverkiezingen in januari.

Het rechtse profiel van Smit zou binnen de 16-koppige Leefbaar Rotterdam-fractie voor grote verdeeldheid zorgen. Zelfs zo erg dat Smit op het punt zou staan om zich met een aantal anderen af te splitsen. ,,Je hebt zeker dat verhaal in NRC gelezen'', schampert Smit. In NRC Handelsblad werd twee weken geleden het beeld geschetst van een tot op het bot verscheurde fractie, veroorzaakt door Smits radicale standpunten over buitenlanders. ,,Om dat stuk heb ik hartelijk gelachen. Die gesprekken zijn van twee maanden terug, toen er inderdaad iets speelde, maar dat is allang weer voorbij.''

Smit werd destijds teruggefloten door zijn fractie vanwege zijn voornemen het Vlaams Blok te bezoeken en vanwege zijn activiteiten op Stormfront en Polinco. Het zorgde voor tumult binnen Leefbaar Rotterdam en Smit kreeg te horen dat hij er bij de volgende misstap uit zou liggen.

Of zijn contacten met Vreeswijk hem nu ook werkelijk de kop kosten bij Leefbaar Rotterdam, valt te bezien. De fractie vergadert er na het kerstreces over, maar voorzitter Sürensen heeft al laten weten de informatie van Kafka niet te vertrouwen. Smit zelf spreekt van een hetze. Maar overeind blijft: contacten met extreemrechtse types uit naam van Leefbaar Rotterdam zijn verboden.

Smit zegt daarmee vrede te hebben, al vindt hij nog steeds dat het als raadslid zijn plicht is 'zo breed mogelijk geörienteerd te zijn'. ,,Wat is daar mis mee? Ik hoef het toch niet met die lui eens te zijn? Ik denk dat ik die discussie over praten met het Vlaams Blok uiteindelijk toch zal winnen, want het is gewoon niet houdbaar. Er wordt met twee maten gemeten. Ik mag niet naar het Vlaams Blok, en dat staat in alle kranten. Terwijl Brahim Bourzik van GroenLinks met zijn stichting 'Een nieuw Marokkaans geluid' Abou Jahjah naar Rotterdam wil halen. Daar schrijft niemand iets over. Bovendien: als ik een uitnodiging krijg van een moslimorganisatie, accepteer ik die ook. Alleen gebeurt dat niet zo vaak. Hoe zou dat toch komen?'', grinnikt Smit.

Extreem-rechts is hij niet, beweert Smit zelf. Het klassieke liberalisme is er bij hem met de paplepel ingegoten. Hij groeide op in het Brabantse 'kakdorp' Aalst-Waalre, in een 'harmonieus gezin'. Hij hockeyde. 's Zomers ging het gezin in de Volvo Amazon richting Spanje. Michiel hoefde het niet in zijn hoofd te halen onderweg te zeuren, want dan kreeg hij de wind van voren. ,,Zeuren, daar hebben mijn ouders een vreselijke hekel aan. Je moet je gewoon aanpassen.''

Vader was actief in de plaatselijke VVD-afdeling en zodoende werd er thuis aan de keukentafel vrij vaak over politiek gepraat. Daarbij liepen de gemoederen hoog op, nog steeds. ,,Ik ben ook wel liberaal, maar met een kanttekening: de vrijheid van het individu is belangrijk, maar die mag nooit de vrijheid van anderen beschadigen.''

Vanuit die zienswijze brengt Smit zijn onderwerpen aan. ,,Kijk als Bea Krüse (fractievoorzitter van GroenLinks in Rotterdam, red.) over de West-Kruiskade loopt, ziet ze allemaal leuke multiculturele winkeltjes. Mij valt het juist op dat er enorm veel junks lopen die er een zootje van maken. Dat is op zich niet erg. Maar ík respecteer haar mening wel, zij de mijne niet.'' Het is tekenend voor het fascistoïde gedachtengoed van veel linksen, zegt Smit. ,,Er zitten in die hoek een hoop lui die het kiesrecht willen beperken, omdat zij het beter weten. Wie zijn dan fascistisch? Zij of ik?''

Het opbotsen tegen hypocrisie en het gebrek aan respect voor zijn standpunten, lopen als een rode draad door het leven van Smit. Dat begon al op de middelbare school, waar hij een spreekbeurt hield over de kosten van de asielproblematiek. Zijn linkse leraar werd woedend. In Aalst-Waalre hoorde hij eigenlijk nergens bij. Hij worstelde vooral met zijn homoseksualiteit, zoals iedere puber die ontluikende gevoelens probeert te definiëren. ,,Ik wandelde overal een beetje doorheen. Kon goed opschieten met coole mensen én serieuze types, maar zat nooit in groepjes. Misschien omdat ik te ongeduldig en te nieuwsgierig ben. Dat heb ik van mijn moeder.''

Hoe de wereld echt in elkaar steekt, leerde Smit toen hij op zijn zeventiende naar Rotterdam verhuisde om een (nooit afgeronde) studie economie te beginnen. Ook in Rotterdam fietste hij overal doorheen. Zo meldde hij zich aan bij het Rotterdams Studentencorps, maar merkte al snel dat de gevestigde orde daar de dienst uitmaakte. ,,Je kreeg daar echt niets voor elkaar.''

Hij werd actief in de VVD en was een tijdje burgerraadslid in Delfshaven. Maar bij de VVD moesten ze hem niet, merkte hij toen hij zich kandidaat stelde voor een zetel in de deelraad. ,,De mensen die daar de lakens uitdeelden, kwamen op de hoogste plaatsen terecht. Zonder discussie. Het is bij alle gevestigde partijen zo: als je afwijkt van de middelmaat, val je buiten de boot. Hirschi Ali zal dat ook nog wel merken. Die is binnen drie jaar volledig uitgerangeerd in Den Haag. Monddood gemaakt. Discussie is daar niet mogelijk.''

Keer op keer werd Smit bevestigd in zijn idee dat 'er maar weinig mensen zijn waar je echt op kunt bouwen'. ,,Ik opperde daarom drie jaar geleden al dat je alleen met een Leefbaar-beweging de PvdA uit het zadel zou krijgen. Niemand luisterde. Toen ik hoorde dat Ronald Sürensen bezig was met het oprichten van Leefbaar Rotterdam, heb ik me gelijk aangemeld. Dat was nog voordat Fortuyn in beeld kwam. Want dat is ook zo'n vooroordeel: dat ik Fortuyn speel. Er doen verhalen de ronde dat ik de gekste dingen met hem heb uitgehaald in het Rotterdamse homocircuit. Maar ik kende Fortuyn helemaal niet zo goed. We dronken wel eens een biertje, maar ik was Pims type niet. Die viel op heel andere jongens. Ik ben gewoon mezelf en ik doe mijn best.''

Na de moord op Fortuyn trok Smit de aandacht. Hij, die zegt aan de kant van de mensen te staan, profileerde zich steeds meer als het rechtse geweten van Leefbaar Rotterdam. De integratie is volkomen mislukt, de verhoudingen allochtoon-autochtoon in sommige wijken volstrekt scheefgegroeid, en de 'oude' Rotterdammers zijn daarvan het voornaamste slachtoffer.

,,Vandaar dat ik ook zo vaak over buitenlanders begin. Daar liggen een hoop van de problemen. Ik ben gewoon duidelijk en dat wordt nogal eens verward met extremisme. Ik heb hele interessante ideeën over vuilcontainers in de stad, maar als ik daarover begin, leggen journalisten hun pen neer en gaan ze koffie halen.''

Leefbaar Rotterdam maakt trouwens gretig gebruik van zijn rechtse profiel. ,,Zoals laatst bij vragen over de Arabisch-Europese liga. Die stellen we met een aantal mensen op, maar ik dien ze in. Dan wordt er in ieder geval geluisterd.''

Dat fractievoorzitter Ronald Sürensen hem af en toe afremt, vind Smit juist prettig. ,,Mijn zwakke punt is dat ik met te veel dingen tegelijk bezig ben. Dan word ik slordig en kan ik zenuwachtig overkomen. Maar dat zijn geen zenuwen, maar ongeduld. Ik signaleer soms te veel.''

Met dat signaleren wil hij doorgaan. Want, zo merkt Smit, hoewel hij vaak om zijn ideeën wordt verketterd, heeft een maand later iedereen het erover - de gevestigde orde incluis. ,,In de moskee van Elmoumni gaan ze in het Nederlands preken, de meertalige folders staan volop ter discussie. Ik bedoel maar.''

En dat Smit eerst als kop van Jut moet dienen, neemt hij voor lief. ,,De mensen die mijn ideeën oké vinden, hebben het heus wel door. Onze kiezers zijn niet dom. Als ze voor de tiende keer lezen dat ik een nazi ben, geloven ze dat niet meer. Ze zijn vaak verbaasd als ze me bellen en me gewoon aan de lijn krijgen, maar ik vind dat vrij normaal. Ja, eigenlijk ben ik gewoon een hele aardige jongen.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden