Leden geheime dienst DDR staan terecht voor helpen terroristen

Van onze correspondent BERLIJN - De West-Duitsers hadden wel eens wat dankbaarder mogen zijn voor het feit dat die gevaarlijke terroristen 'uit de roulatie' waren genomen, vinden de vier Stasi-medewerkers. In plaats daarvan staan ze vanaf vandaag voor een rechtbank in Berlijn terecht voor wat ze gedaan hebben: onderdak geven aan tien leden van de Rote Armee Fraktion, de linkse terreurgroep die in de jaren zeventig en tachtig dood en verderf zaaide in de Bondsrepubliek.

Een deel van de aanklacht geven ze grif toe. Ze hebben inderdaad de Raf-leden geholpen een nieuw bestaan in de DDR op te bouwen. Maar de vier ontkennen dat hun drijfveer was de West-Duitse justitie te dwarsbomen, die al jaren koortsachtig op zoek was naar de aanhangers van de Raf. Hun motieven waren juist nobel.

Karl Pfannenschwarz, advocaat van één van de verdachten: “Mijn cliënt heeft niets anders gedaan dan gevaarlijke Raf-terroristen terug in de maatschappij brengen. Hij heeft daarmee voorkomen dat ze opnieuw in West-Duitsland aanslagen zouden plegen.”

Natuurlijk had de Stasi een belang, zeggen de advocaten. Ze wilde de Raf-leden uithoren over hun methoden en over hun kennis van het werk van de West-Duitse geheime dienst. Maar de hulp mag niet uitgelegd worden als een signaal dat het DDR-bewind de Raf-aanslagen op West-Duitse politici, bankiers en zakenlieden goedkeurde. Nee, zeker niet.

De West-Duitse inlichtingendiensten kregen midden jaren tachtig het bruine vermoeden dat een paar Raf-leden zich in de DDR ophielden. Maar toch was de verrassing groot toen in juni 1990, ruim een half jaar na de val van de Berlijnse Muur, bleek dat maar liefst tien gezochte Raf-aanhangers een nieuw bestaan in Oost-Duitsland hadden opgebouwd. Met volle medewerking van de Stasi, de gevreesde geheime dienst van de DDR.

Verontwaardiging

De ontdekking van “de perverse combinatie van Raf en Stasi”, op een moment dat de twee Duitslanden druk onderhandelden over de hereniging, leidde in het westen van het land tot grote verontwaardiging. Het DDR-systeem was nog erger geweest dan gedacht. Onmiddellijk rees de vraag of de Stasi door al die jaren heen de Raf had geholpen aanslagen in de Bondsrepubliek te plegen. De in Oost-Duitsland opgepakte aanhangers van de groepering hebben dat altijd stellig ontkend. Ook de vier Stasi-medewerkers die nu terecht staan, spreken dat met klem tegen.

De zaak begon eind jaren zeventig toen Inge Viett, lid van de 'Beweging van de 2e juni' (een zusterorganisatie van de Raf) in contact kwam met Harry Dahl, leider van de anti-terreurafdeling van de Stasi. Viett, in West-Duitsland gezocht wegens de moord op een rechter en de ontvoering van een CDU-politicus, wilde naar een Oost-Europees land vluchten, Bulgarije bijvoorbeeld. Dahl bood haar aan in de DDR te gaan wonen, hij zou voor de papieren etc. zorgen.

Korte tijd later meldde Viett dat er meer belangstelling bestond. Zo'n acht, negen Raf-leden wilden naar 'een socialistisch land' uitwijken. Kon de Stasi daarbij helpen? Dat kon, maar de makkelijkste weg was natuurlijk vestiging in Oost-Duitsland. Hetgeen gebeurde.

Onder de kersverse DDR-burgers waren Susanne Albrecht en Silke Maier-Witt, in die tijd zo'n beetje de meest gezochte vrouwen in West-Duitsland. Albrecht werd ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij de moord op de bankier Jürgen Ponto in 1977, Maier-Witt zou meegedaan hebben aan de ontvoering van en moord op werkgeversvoorzitter Hans-Martin Schleyer, in hetzelfde jaar.

De Stasi verleende de Raf-leden een nieuwe identiteit, paspoort, baan, huisvesting, noem maar op. Ze kregen keurige functies (arts, verpleegster) en woonden over het land verspreid. Ze mochten nauwelijks contact met elkaar hebben, en werden nadrukkelijk in de gaten gehouden.

Bizar is de geschiedenis van Susanne Albrecht. Ze kwam te werken in een laboratorium in Cottbus en trouwde met een Oost-Duitser die van haar verleden niets afwist. Toen ze ontmaskerd dreigde te worden (na een uitzending van de in de DDR te ontvangen West-Duitse televisie), zorgde de Stasi ervoor dat haar man voor twee jaar een baan in Moskou kreeg. Susanne verhuisde mee, en liet haar echtgenoot in het ongewisse over de ware achtergrond van de emigratie.

Ook bij Inge Viett, die in Oost-Duitsland door het leven ging als Eva Maria Sommer en die in Dresden in een grafisch bedrijf werkte, dreigde het fout te gaan. Een stadgenoot, die hand- en spandiensten aan de Stasi verleende, meende in haar een West-Duitse terroriste te herkennen en lichtte de geheime dienst in. Die zorgde ervoor dat Inge naar Maagdenburg kon verhuizen, daar een nieuwe baan kreeg en ook een nieuwe naam: Eva Maria Schnell. Een toepasselijke naam, want het ging in haar geval inderdaad ook allemaal razendsnel.

De vier Stasi-medewerkers (onder wie Harry Dahl) hangt een gevangenisstraf van maximaal vijf jaar boven het hoofd. Voornaamste aanklacht is dat ze de (West-)Duitse justitie in haar onderzoek belemmerd hebben door de Raf-leden te 'verstoppen'. Hun advocaten houden vol dat ze volgens de (Oost-)Duitse wetten niks fout hebben gedaan. Het is een oud strijdpunt in dit soort processen over het DDR-verleden, dat meestal in het nadeel van de verdachten uitvalt.

Van de tien ontdekte Raf-leden zijn er twee nooit berecht omdat de feiten waarvan ze beschuldigd werden verjaard waren. De andere acht zijn wèl veroordeeld, maar hebben hun straf inmiddels uitgezeten. Inge Viett alias Eva Maria Sommer alias Eva Maria Schnell kwam pas een paar weken geleden op vrije voeten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden