LASTIGE VRAGEN (Anneke Brassinga)

Wat stoort u aan begrafenissen? Niets, alleen het feit dat de hoofdpersoon dood is.

Vragen Max Frisch Antwoorden Anneke Brassinga

Als u iemand ziet die dood is, hebt u dan de indruk dat u die iemand hebt gekend?

Neen, ik zie aan een dierbare dode het eigene dat ik altijd heb verlangd te kennen en dat onkenbaar bleef: Love's function is to fabricate unknowness (e.e. cummings).

Hebt u vrienden onder de doden?

Ik schreef mijn versje 'Ter tale' niet voor niks:

Waarom sprak niet iedereen

in onvoltooid verleden tijd?

Woorden verdreven het heden.

Ik kuste jouw infinitieve mond.

Anderen verbande ik onafbroken

naar de toekomende tijd, belofte

ingegeven door een vermoeden

dat daar sprake van kon zijn.

Het was omgekeerd. Zij kwamen

na hun leven mij steeds nader

al zou ik hen nooit weerzien.

Het ingewand werd onderwereld.

Gelezen en gespeld de toekomst

door de tongen die ons brandden.

Ik had aan jou geen geest te geven

als wij de doden niet verstonden.

Hebt u al eens een dode gekust?

Ja.

Weet u waar u begraven zou willen worden?

In mijn geval is er sprake van as. Een deel in de Petit Bongard in de Hautes Fagnes. Een portie in de Ganges en op het landgoed Het Elze te Eefde, een vleugje op een dorpskerkhof aan de Normandische kust en een snufje in een vingerhoed op de schoorsteelmantel van een nabestaande. De rest mag in zee.

Waarom huilen stervenden nooit?

Toevallig weet ik zeker dat ik al stervende zal huilen. Ik zal dus volgens Frisch de eerste zijn.

Bent u er trots op vader te zijn?

Frisch beseft blijkbaar niet dat er vrouwen bestaan.

Kunt u zich zonder kinderen voorstellen?

Ja. Maar niet zonder schrijfmachine, geliefde, geliefden, poezie, nicotine, alcohol, vliegdromen, ontbijt op bed, treurigheid, fruit en de kinderen van mijn zusje.

Gesteld dat u nooit iemand om het leven hebt gebracht: hoe verklaart u dat het nooit zover is gekomen?

De stekker zat niet in het stopkontakt.

Wat staat uw geluk in de weg?

Niets.

Waarvoor bent u dankbaar?

Niets.

Houdt u van iemand?

Ja.

En waar leidt u dat uit af?

Uit het feit dat hij mijn geluk niet in de weg staat en dat ik hem daarvoor niet dankbaar hoef te zijn. Uit het feit dat ik hem op het eerste gezicht herkende en dat die herkenning nooit is gelogenstraft. Uit de simpele vreugde die in mij opspringt als ik hem in de verte zie aankomen.

Welke problemen lost het goede huwelijk op?

Krenterigheid.

Kijkt u vreemd aan tegen een intelligeinte lesbienne?

Nee; ik heb er wel eens veel van gehouden.

Zou u uw vrouw willen zijn?

Dolgraag. Ik zou weten hoe weinig ze nodig heeft en hoe essentieel dat weinige is. In wezen ben ik mijn eigen vrouw; zoals ik ervan uitga dat mijn man zijn eigen man is.

Verzamelt u ook kunst?

Zeker. Ik heb een zwak voor kunst in boekvorm. Ook mijn dromen beschouw ik als een gestaag groeiende prive-collectie; soms bied ik er daaruit een te koop aan in de vorm van een versje.

Zou u onsterfelijk willen zijn?

Dat ben ik tot in het kleinst van mijn atomen. Maar mijn naam mogen ze vergeten. Alhoewel, zo'n monument als voor de vliegenier Clement van Maasdijk, bovenaan de glooiende heide waar ik mijn eerste levensjaar doorbracht en later nog talloze malen in bomen klom, uit bomen viel, in kuilen lag, en op een veel te grote fiets in het mulle zand van het steil bergafgaande pad slipte en jammerlijk kapseisde, zodat de zware tas vol geraapte eikels reddeloos leegstroomde in het zicht van de haven (de houtzagerij waar je in topjaren zeven cent de kilo kreeg) - ja, zo'n monument wil ik wel, van rood graniet als de Egyptische sculpturen in het Louvre, manshoog, drie ruwe zijden en een glanzend gepolijste met als inscriptie: NIET VOUWEN.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden