Langzaam kalft het af

bedreigd | Driehonderd wetenschappers werkten drie jaar in opdracht van de Europese Commissie aan een Rode Lijst voor landschappen. Voor het eerst is geïnventariseerd hoe de natuur er in Europa voor staat. Niet zo heel goed.

Dat het kwakkelt met de Europese natuur weet iedere ecoloog. In een halve eeuw is de rijkdom aan soorten flink aangetast en zijn natuurgebieden van karakter veranderd. In een enkel geval staan habitats zelfs op het punt te verdwijnen of zijn ze al verdwenen. Maar hoe is het echt in de EU gesteld met álle soorten ecosysteem? Dat was nooit eerder uitgezocht. In twee studies is de balans opgemaakt, één over 228 'habitats' op land en in zoetwater, de ander over 247 ecosystemen in diep en ondiep zout water.


De situatie stemt niet vrolijk. Voor het eerst is er een Rode Lijst van leefgebieden die kwetsbaar zijn, gevaar lopen of zelfs op het punt van verdwijnen staan. Van de lijst van 228 habitats op land vallen er 81 in de categorieën 'kwetsbaar' en 'bedreigd' en staan er vier op het punt van verdwijnen ('ernstig bedreigd'). Van die 81 kwetsbare en bedreigde habitats zijn er 43 in Nederland te vinden.


De vier die als 'ernstig bedreigd' staan aangemerkt komen niet voor in Nederland. Het gaat om palsa venen in Noord-Europa, om zandsteppen in het Pannonische laagland van Hongarije en omliggende landen, om zure graslanden op Madeira en om beboste weilanden en hooilanden in Zweden en Estland.


Bij de 247 leefgebieden op zee vallen er 44 in de categorie 'kwetsbaar' en 'bedreigd', enkele habitats zitten in een kritieke fase ('ernstig bedreigd'): zeegrasbedden die permanent onder water staan, oesterbanken met de platte oester, riffen van zandkokerworm en sommige mosselbanken - niet de Nederlandse. Mosselbanken zijn er nog wel, maar ze staan hoog op de Rode Lijst, zegt bioloog Norbert Dankers van Wageningen Marine Research, die meewerkte aan de 'natte studie'.


Dankers is expert op het gebied van ondiepe en droogvallende gebieden, zoals de Waddenzee. "Eigenlijk kun je stellen dat alles wat onder water structuren vormt aan de rode kant zit. De zeebodem wordt door zandwinners, baggeraars en de visserij permanent aangeveegd en aangeharkt, waardoor die banken en bedden en elders ook zeegrasvelden geen kans meer krijgen zich te ontwikkelen." In de wateren langs de kust van Europa is al sinds de jaren dertig vrijwel geen permanent onder water staand zeegras meer te vinden.


Onbekend terrein


De ruim honderd onderzoekers van het mariene deel van het project stuitten op grote problemen bij de inventarisatie van de 247 'natte' ecosystemen, omdat veel gegevens domweg ontbreken. Bij ongeveer de helft van de habitats was er onvoldoende data voor een gefundeerd oordeel. Dankers: "Het duiken met flessen perslucht is pas van de laatste decennia. We weten nog heel veel niet."


Het onderzoek naar de situatie van de leefgebieden op land werd geleid door de Nederlandse vegetatie-onderzoeker John Janssen van Wageningen Environmental Research (de nieuwe naam van Alterra). Het project is uitgevoerd samen met de internationale unie voor natuurbescherming IUCN in Brussel, Alterra, de Britse ecologische adviesorganisatie NatureBureau en twee Britse ecologen, Susan Gubbay en John Rodwell.


De teruggang van veel habitats is volgens projectleider Janssen het gevolg van intensieve landbouw en veehouderij. Andere oorzaken zijn de versnelde afvoer van water (drainage), milieuvervuiling, verstedelijking en de introductie van soorten dieren en planten die van nature niet in een gebied thuishoren.


Zo gaat het met de vennen in Nederland ronduit slecht, terwijl die elders in de EU nog in redelijke conditie verkeren. Over de hele linie geldt voor dit habitattype de status 'bijna bedreigd', voor Nederland is de situatie ongunstiger. Er is er nog geen vierkante kilometer over van de vennen van het habitattype 'Permanent voedselarm water met zeer zacht water'. In Finland is er ruim 6000 vierkante kilometer van dit type, in Zweden 900.

De Rode Lijst

Rechts staat de Rode Lijst met de 28 meest bedreigde leefgebieden in de Europese Unie. Veertien van deze habitats komen ook in Nederland voor. Hieronder enkele voorbeelden.


Getijderivieren


Getijderivieren en estuaria (trechtervormige mondingen van grote rivieren, waar een geleidelijke overgang is van zoet naar zout water en waar getij aanwezig is) hebben het moeilijk. In Nederland zijn er twee: de Westerschelde (de zoute overgang van de Schelde) en de Eems-Dollard, met de monding van de Eems. Dit habitattype kenmerkt zich door een bijzondere flora en fauna en is een migratieroute voor belangrijke en bedreigde vissoorten als houting, zalm en steur. Maar het gaat slecht met deze leefgebieden door waterbouwkundige ingrepen, vervuiling en door de aanvoer van water met te veel voedingsstoffen. In Nederland is er 93 vierkante kilometer van dit habitattype, maar de trend is neerwaarts, de kwaliteit neemt af.


Rietmoerassen


Binnenlandse zoute en brakke rietmoerassen zijn bedreigd. In Nederland komt dit type habitat maar heel weinig voor: nog geen vierkante kilometer, 0,6 om precies te zijn, vooral in Noord-Holland en Zeeland. Oostenrijk, Griekenland, Hongarije en Italië hebben de grootste oppervlakten. Maar van veel landen is niet bekend hoe groot de oppervlakte is.


Hoogveen


De kwaliteit en de oppervlakte van hoogvenen nemen overal in de EU af, zelfs in de gebieden die al onder bescherming staan. De grootste bedreigingen zijn ingrepen in de waterhuishouding (drainage) en de toevoer van voedselrijk, gebiedsvreemd water. Grote arealen zijn er nog in Zweden (8000 vierkante kilometer), Finland (5600), Letland (2779) en Estland (1500). In Nederland is er nog 53 vierkante kilometer over, maar de kwaliteit en kwantiteit zijn afgenomen in de afgelopen vijftig jaar. De historische trend van hoogvenen over een lange periode van tijd is verwoestend, aldus het deelrapport over dit habitattype.


Naar schatting is negentig procent van het hoogveen in veel Europese landen in de afgelopen 150 jaar verdwenen door bosaanleg, door afgraving van veen, door menselijk ingrijpen en door luchtverontreiniging. Hoogveen kan herstellen door het waterpeil in het gebied voldoende stabiel te houden. In de drie hoogveengebieden in de Brabantse Peel wordt getracht het peil te stabiliseren door greppels dicht te gooien en sloten af te dammen in de hoop dat daardoor de ontwikkeling van hoogveenmos wordt gestimuleerd.


Zandverstuivingen


In de voorbije vijftig jaar is naar schatting van experts zeventig procent van alle zandverstuivingen en duingraslanden (op zure bodem) in de EU verdwenen. In Nederland is er nog 43 vierkante kilometer aan zandverstuivingen op de Veluwe en nog wat in Drenthe en Noord-Brabant. De kwaliteit ervan loopt terug, zoals in veel EU-landen. Voor een klein land doet Nederland het wat de omvang betreft niet eens zo slecht, in de meeste landen is het areaal zandverstuivingen en duingraslanden een stuk kleiner. Alleen Duitsland (81 vierkante kilometer) en Polen (68) doen het beter. Portugal heeft nog 40 vierkante kilometer. Maar Estland heeft nog slechts 500 vierkante meter van deze habitat over.


Ooibossen


Ooibossen liggen langs de grote rivieren en in de Biesbosch, met wilgen en elzen die ertegen kunnen dat ze regelmatig in het water staan. Dit type habitat komt in Nederland nog vrij veel voor. Maar hardhout-ooibossen zijn veel zeldzamer, overal in de EU. In deze bossen staan eik, iep en es, het zijn soorten die veel gevoeliger zijn voor overstroming. Hardhout-ooibossen zijn voor vogels van veel waarde. Door het intensieve landbouwbeheer in het verleden is dit habitattype in Nederland bijna verdwenen. Bij natuurontwikkeling in uiterwaarden wordt daarom getracht de omstandigheden voor dit soort ooibossen te bevorderen, maar dit kan lang niet overal. In Nederland is er nu nog een kleine zeven vierkante kilometer aan hardhout-ooibossen. Veel meer is er nog in Italië (473 vierkante kilometer), Roemenië (400+), Frankrijk (305), het Verenigd Koninkrijk (320) en Polen (277).


Extensief beheerde akkers


Akkers die 'braak liggen', niet worden bemest en niet worden blootgesteld aan landbouwbestrijdingsmiddelen, spelen een belangrijke rol bij het behoud van soorten planten en dieren in agrarische gebieden. In Nederland is er nog iets meer dan 12 vierkante kilometer extensief beheerd akkerland over en de trend is dalende. Hetzelfde beeld is er in tal van Europese landen. Bijna overal loopt dit type habitat sterk terug.


Italië springt er in positieve zin uit met nog ruim 20.000 vierkante kilometer, gevolgd door Tsjechië (3000), Frankrijk (2250) en Portugal (754). Maar zelfs in Portugal is het areaal in de laatste vijftig jaar met 96 procent afgenomen, in het Verenigd Koninkrijk zelfs met 99 procent - daar is nog 188 vierkante kilometer over. Belangrijkste oorzaken van de afname: intensieve landbouw, het grootschalig gebruik van bestrijdingsmiddelen en kunstmest, de teelt van landbouwgewassen met hoge opbrengsten.


In 2013 bleek in Nederland uit onderzoek van de stichting Bargerveen, die werkt aan duurzaam herstel en behoud van natuur, dat extensief beheerde heideakkertjes en oude braakliggende akkers in heideterreinen sterk bijdragen aan het behoud van biodiversiteit op de heide. Het aantal loopkevers en sprinkhanen neemt toe en vogels maken gebruik van de akkers om voedsel te zoeken. In het verleden waren tijdelijke akkers en schrale graslandjes overal te vinden op de grens van heide en het omliggende agrarische landschap.

Wat is een habitat?

In de habitats op zee vormen verontreiniging, de aanvoer van voedselrijke stoffen en de toepassing van vismethoden die de zeebodem aantasten de grootste bedreigingen, zegt Janssen. Ook kustbeschermingsmaatregelen en kustbebouwing spelen een rol. "Sommige effecten van klimaatverandering zijn intussen ook zichtbaar op land en op zee en dat zal alleen maar toenemen." Het duidelijkst blijkt dit bij habitats die door sneeuw of ijs worden bepaald, zoals gletsjers.


Een habitat (ook wel: ecotoop of biotoop) is de plaats waar een bepaald organisme leeft of groeit, het samenhangend gebied waar een organisme of populatie van nature voorkomt. "Eigenlijk is een habitat een leefgebied. Voor een scholekster is dat een mosselbank om te eten, een kwelder om te broeden en een weiland om te eten als de wadplaat onder water staat", zegt bioloog Norbert Dankers van Wageningen Marine Research.


Veel habitats komen in meerdere landen in Europa voor. Hoogveen (bedreigd in de EU, volgens de studie) komt bijvoorbeeld in 23 van de 28 EU-landen voor, grijze duinen (kwetsbaar, maar niet in Nederland) zijn er in 14 landen.

Wat is een rode lijst?

De Rode Lijst van bedreigde soorten wordt opgesteld door IUCN, de internationale unie voor natuurbescherming. De organisatie hanteert een protocol met strenge criteria. Zo'n lijst is een belangrijke informatiebron over bedreigingen, ecologische kenmerken en leefgebieden van soorten en over maatregelen om uitsterving te voorkomen.


Voor de Rode Lijst zijn meer dan 77.000 soorten bekeken: amfibieën, vogels, zoogdieren, koralen. De Verenigde Naties hanteren de Rode Lijst als leidraad voor het behalen van het Millenniumdoel 7: de duurzame samenleving. In de Rode Lijst worden grofweg zes belangrijke stadia geregistreerd: niet bedreigd, bijna bedreigd, kwetsbaar, bedreigd, ernstig bedreigd en verdwenen.


Landen stellen vaak ook eigen rode lijsten op. Onlangs publiceerde IUCN een rode lijst van dagvlinders rond de Middellandse Zee. De Nederlandse Vlinderstichting was bij het opstellen ervan betrokken. In Nederland zijn er 18 rode lijsten, onder meer voor korstmossen, vaatplanten, libellen, vissen en sprinkhanen, krekels. Voor overheden zijn de lijsten van belang bij het opstellen van natuurbeleid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden