Ladder omhoog is voor steeds meer mensen niet meer begaanbaar

Diplomacratie. Mooi woord. Ik hoorde het voor het eerst terloops in de auto. Op Radio 1 deed men verslag van een nieuw onderzoek naar sociale scheidslijnen. De Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) wijst op een nieuwe scheidslijn in de samenleving: de scheidslijn van opleidingsniveau. Vroeger was onderwijs een middel om je op de sociale ladder omhoog te werken. Nu spreekt de RMO de zorg uit dat deze opwaartse beweging niet meer haalbaar is voor toekomstige generaties. Driekwart van de respondenten maakt zich zorgen over de toekomst van zijn kinderen. Er dreigt een nieuwe klassenmaatschappij te ontstaan op basis van onderwijsniveau.

De twee bestuurskundigen Anchrit Wille en Mark Bovens publiceerden eerder hun bevindingen over deze onderwijskloof. Hoogopgeleiden en laagopgeleiden zouden volstrekt langs elkaar heen leven in ons land. Betekent een nieuwe scheidslijn dat de oude scheidslijnen niet meer actueel zijn? Neen. Er tekent zich een extra dimensie af. Deze nieuwe scheidslijn heeft betrekking op het culturele vlak. Want opleiding bepaalt welke literatuur er op je nachtkastje ligt, naar welke muziek je luistert en naar welke school je je kinderen stuurt.

De hoogopgeleide Thomas, Berend en Bastiaan zijn positieve mondaine globalisten in een koophuis en een leaseauto. De laagopgeleide Miranda's en Kevins zijn kort door de bocht de nieuwe nationalisten met een grimmiger toekomstbeeld.

Uit kiezersonderzoek vorig jaar bleek inderdaad dat er ten aanzien van immigratie, integratie, criminaliteit en Europese eenwording een grote scheidslijn lag tussen de hoog- en de laagopgeleiden. Daarmee loopt deze nieuwe klassenverdeling over in de politiek. Deze scheidslijn vertaalt zich volgens de bovengenoemde bestuurskundigen naadloos in de spreekwoordelijke kloof tussen burger en politiek.

De annexatie van het politieke speelveld door de hoogopgeleiden zou een verklaring zijn voor het gapende gat tussen het Binnenhof en de rest van Nederland. De populistische bewegingen komen daardoor niet uit de lucht vallen. Waar je vroeger een laaggeschoolde arbeider aan de rand van een samenleving kon plaatsen, voelt diezelfde arbeider zich nu een buitenstaander. De laagopgeleiden voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de traditionele socialistische beweging en zoeken hun toevlucht tot nieuwe vormen van representatie.

In zijn 'pleidooi voor populisme' hoort de Belgische schrijver David Van Reybrouck de stem van de laaggeschoolden in deze nieuwe populistische bewegingen. De opkomst van deze bewegingen is het bewijs voor politieke betrokkenheid van de laagopgeleiden.

De presentatie van deze sombere conclusie zette mij aan het denken. Het vertegenwoordigende karakter van de democratie is nu uit balans. Een grote groep mensen voelt zich niet vertegenwoordigd. Theoretisch zou meer populisme dus welkom zijn om de kloof te dichten, althans, als de correlatie die Van Reybrouck ziet tussen de hang naar politieke betrokkenheid bij laagopgeleiden en hun voorkeur voor populistische bewegingen kan worden hard gemaakt.

Tot die tijd, in het licht van de substantiële bezuinigingen op onderwijs door het huidige, hybride populistische kabinet wordt de diplomacratie haast een self-fulfilling prophecy.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden