Lachen in de loopgraven

Terwijl de omstandigheden om te huilen waren, konden de soldaten in de loopgraven een grap wel waarderen. De oorlog werd een onuitputtelijke bron van humor voor cartoons, series en films.

Een Britse kolonel zoekt in een loopgraaf wanhopig dekking tegen de aanval van de Duitsers. Terwijl allerlei projectielen hem om de oren vliegen, moet hij ook nog eens de telefoon beantwoorden. Iemand uit het hoofdkwartier van het leger is aan de lijn: 'Kunt u ons alstublieft zo spoedig laten weten hoeveel potjes frambozenjam jullie afgelopen vrijdag van ons hebben gekregen?'

Het is een prachtige tekening met tekst van de befaamde Britse cartoonist Bruce Bairnsfather. Tijdens de Eerste Wereldoorlog publiceerde hij elke week een aflevering uit de serie 'Fragments from France' in het razend populaire blad The Bystander. Humor op z'n best, zoals vooral de Britten die kennen. Je kunt er hard om lachen, terwijl de oorlogsomstandigheden die op de tekening worden afgebeeld eigenlijk om te huilen zijn. Bovendien is de achterliggende boodschap zeer herkenbaar, zeker voor de soldaten en officieren in de loopgraven in Vlaanderen en Noord-Frankrijk: de legerleiding, het thuisfront, de politici in Londen, ze hebben allemaal geen idee hoe gruwelijk de oorlog op het slagveld is en vallen ons lastig met onzinnige vragen.

Bruce Bairnsfather wist waarover hij sprak. Hij kwam uit een militaire familie en was zelf kapitein in het Britse leger en diende tijdens de Grote Oorlog op het continent. Tijdens de tweede slag om Ieper in april 1915 liep hij een shellshock op nadat hij een gifgasaanval had meegemaakt. Zijn tekeningen over de loopgraven zijn dus deels autobiografisch, hij gaf het perspectief van de soldaat te velde weer, met alle ontberingen die hij moest doorstaan. Het zien daarvan gaf de mannen, die ver van huis in een kille, natte en uitzichtloze stellingenoorlog verzeild waren, een gevoel van saamhorigheid: we zitten allemaal in dezelfde narigheid.

Zijn bekendste typetje is Old Bill, een soldaat die eruit ziet als een walrus met een enorme snor en bivakmuts. In zijn misschien wel beroemdste tekening laat Bairnsfather Old Bill tegen een maat in de loopgraaf zeggen, terwijl de Duitse granaten over hun hoofden gieren: 'Als jij een betere kuil weet, ga daar dan heen.'

De autoriteiten hadden aanvankelijk grote moeite met de keiharde, soms buitengewoon grove tekeningen waarin zij zelf voortdurend flink op de hak werden genomen. Maar ze zagen dat ze bij de soldaten enorm aansloegen, ze verhoogden hun moreel elke week weer. Daarop besloot de Britse regering van de nood een deugd te maken: Bairnsfather kreeg een aanstelling als cartoonist bij de propaganda-afdeling van de War Office, het ministerie van oorlog. Andere tekenaars en schrijvers volgden, zo'n 25 in getal. Zo kreeg je dus het opvallende verschijnsel dat het onderwerp van spot van de cartoonisten - de overheid - tevens hun broodheer werd.

Bespottelijk

Ook in andere oorlogvoerende landen verschenen cartoons. Frankrijk kende zelfs speciale loopgravenkranten, die vlak achter het front gedrukt werden zodat de manschappen ze snel onder ogen konden krijgen. Ze waren ook alleen voor hen bestemd. Het was veelal typische soldatenhumor, met soms grove grappen.

In Duitsland bestond sinds eind negentiende eeuw het populaire satirische blad Simplicissimus. Het kon via tekeningen en tekst scherp uithalen naar regering en keizer Wilhelm II. De tekenaar Thomas Theodore Heine, die van meet af aan bij het blad betrokken was, zat zelfs een half jaar vast wegens majesteitsschennis. Bekende intellectuelen werkten aan Simplicissimus mee, zoals Hermann Hesse, Thomas Mann en Käthe Kollwitz - zij verloor aan het begin van de oorlog een zoon aan het front in Vlaanderen.

Auteurs en tekenaars van het blad hekelden de militaire opbouw van hun land aan de vooravond van de oorlog. Maar bij het uitbreken ervan sloeg de toon radicaal om: Simplicissimus ging een puur nationalistische koers varen. 'Het eerste slachtoffer in een oorlog is de satire', schreef een historicus later die de geschiedenis van het blad in kaart had gebracht. De satire en humor kwamen in de jaren twintig wel weer terug. Maar na de machtsovername door Adolf Hitler in 1933 werd Simplicissimus gelijkgeschakeld.

Een beroemd schertsfiguur uit de Eerste Wereldoorlog is de brave soldaat Svejk. Zijn lotgevallen in het Oostenrijks-Hongaarse leger in de jaren 1914-1918 zijn opgetekend door de Tsjechische schrijver Jaroslav Hasek. Svejk voert de bevelen van zijn meerderen tot in de puntjes uit waarmee hij de militaire discipline en daarmee het hele leger en de oorlog bespottelijk maakt. Ook Hasek kon putten uit eigen ervaring: hij diende zelf in het Oostenrijks-Hongaarse leger.

Belachelijk maken

Maar de beste, mooiste en scherpste oorlogshumor komt toch wel uit Engeland, dat op dat gebied een heel lange traditie heeft. Als geen ander volk kunnen de Britten relativeren, en dat is de basis van humor, zegt Paul Moeyes, gepromoveerd op een boek over de oorlogsdichter Siegfried Sassoon en kenner van wat er in en rond de Eerste Wereldoorlog in Groot-Brittannië is gepubliceerd. "In dat land is humor een soort olie die alles, ook de klassentegenstellingen, een beetje soepel laat draaien. Humor gaat door alle lagen heen."

Het was volgens Moeyes heel slim van de autoriteiten om de cartoonisten in dienst te nemen en spotprenten voor eigen gebruik te kanaliseren. "Je kunt je als overheid tegen satire verzetten, maar dan ga je geheid de mist in. Je kunt het veel beter overnemen, dat is een stuk effectiever."

Hoe het niet moet, leert de reactie van de Britse regering op de briljante comedyserie van de BBC 'Blackadder'. Die werd een kwarteeuw geleden voor het eerst uitgezonden, met groot succes; aan het begin van dit herdenkingsjaar brak er een enorme rel over uit die nog steeds voortsuddert, met als onderliggende vragen: wie was er in feite verantwoordelijk voor de Eerste Wereldoorlog, en mag je die oorlog wel belachelijk maken?

Edmund Blackadder, gespeeld door Rowan Atkinson (bekend als mr. Bean), is een Brits officier die in de loopgraven in Vlaanderen zit en allesbehalve een held is: hij is voortdurend bezig z'n eigen hachje te redden. Daarnaast kritiseert hij onophoudelijk de legerleiding die veilig vijftig kilometer achter het front zit en vanaf die plek de ene na de andere waanzinnige order uitvaardigt. Ook hekelt hij via schitterende, snoeiharde citaten de opstelling van de regering in Londen die Groot-Brittannië in een waanzinnige strijd met Duitsland heeft gestort. In de zesde en laatste aflevering, die zich afspeelt aan het einde van de oorlog, zegt Blackadder: "We zitten hier vanaf Kerstmis 1914, en sinds die tijd zijn er miljoenen mannen gestorven, terwijl we niet verder zijn opgeschoven dan een astmatische mier met een zware boodschappentas."

Minister Michael Gove van onderwijs haalde in januari hard uit naar de makers van Blackadder. Die ridiculiseerden in zijn ogen de oorlog op een onaanvaardbare manier. Ze deden het voorkomen alsof dappere soldaten bij honderdduizenden de dood werden ingedreven door generaals en politici die van hun gezond niet wisten. In het Engels luidt de uitdrukking: 'they were lions led bij donkeys', het waren leeuwen die geleid werden door ezels. Bovendien dreef de serie volgens de bewindsman de spot met de motieven die de regering een eeuw geleden had om de oorlog te verklaren aan Duitsland. Dat was niet alleen om het neutrale België te hulp te schieten, maar ook om te voorkomen dat het hele Europese continent gedomineerd zou worden door het Duitse keizerrijk. 'En we mogen nog steeds dankbaar zijn dat we daarin geslaagd zijn.'

Vechten tegen de bierkaai

De kritiek van Gove leidde tot een felle polemiek langs de traditionele politieke lijnen over de oorzaken van de Eerste Wereldoorlog en vooral: de schuldvraag. Volgens conservatief Engeland vergoelijkt 'dat linkse' Blackadder de rol van de Duitsers door die van het eigen vaderland zo negatief neer te zetten, omgekeerd zeggen progressieve Britten dat mensen als Gove de (militaire) blunders door de vingers zien, het patriottisme verheerlijken en niet willen inzien wat er nou werkelijk speelde in de zomer van 1914 toen de oorlog begon.

Natuurlijk kan de harde humor van Blackadder pijnlijk zijn voor de nabestaanden van de honderdduizenden Britten die in de oorlog het leven lieten, zegt Moeyes. "Maar wat minister Gove doet, is natuurlijk vechten tegen de bierkaai. Wat wil hij nou? Een nieuwe serie Blackadder waarin de rol van Groot-Brittannië wordt opgehemeld? Er zit iets ontzettends naïefs in zijn kritiek."

Een eeuw geleden pakte de regering het verstandiger aan. Moeyes: "Ze had al snel door wat humor kan betekenen voor de mannen op het slagveld. Humor werkt bevrijdend, relativeert, haalt de scherpe kant af van de narigheid; humor is ontzettend effectief. De soldaten vonden het fantastisch."

Nederlandse tekenaar Louis Raemaekers

De propaganda-afdeling van de Britse regering benaderde niet alleen cartoonisten en auteurs van eigen bodem (onder wie bekende schrijvers als H.G. Wells en Arnold Bennett), maar ook de Nederlandse tekenaar Louis Raemaekers die voor De Telegraaf werkte. Anders dan in de Tweede Wereldoorlog was deze krant in de Eerste Wereldoorlog fel anti-Duits, en dat waren de tekeningen van Raemaekers evenzeer. Ze vielen op in Londen en werden vanaf 1915 met vertaalde onderschriften verspreid in Groot-Brittannië, en trouwens ook in Frankrijk. Zelfs de Britse premier Herbert Asquith prees de cartoonist aan. In het voorwoord van een album met tekeningen van de Nederlander schreef hij: 'Raemaekers toont ons de vijand in de ogen van een staatsburger uit een neutraal land.' Met andere woorden: niet alleen wij zeggen dat Duitsland verwerpelijk is, maar ook een cartoonist uit onverdachte, neutrale hoek.

Nadat de Verenigde Staten zich in april 1917 in de oorlog hadden gestort, verschenen de anti-Duitse tekeningen van Raemaekers ook in Amerikaanse periodieken. Toen de cartoonist in 1956 stierf, kreeg hij een indrukwekkend in memoriam in de New York Times waarin zijn betekenis voor het verloop van de Eerste Wereldoorlog werd gememoreerd. Buiten de kring van staatslieden en legerleiders 'was Louis Raemaekers de enige man die, zonder titel of status - en zonder enige twijfel - het lot van de volkeren heeft bepaald.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden