Lachen, eten en dansen onder geloofsgenoten

Pasen in Pakistan uitbundig gevierd

Op de muur van de St Johns kerk in Peshawar in het noordwesten van Pakistan, dichtbij de grens met Afghanistan, hangt een poster van een belangrijke politieke moslimleider waarop staat: 'Vrolijk Pasen voor de hele christengemeenschap'. Rond de kerk staan kraampjes waar bezoekers religieuze muziek, posters, kruisjes en vooral heel veel ijs, snoepjes en scherp gekruid barbecuevlees kunnen kopen.

De bezoekers hebben hun mooiste met de hand bewerkte kleren aan. Een schommelboot met opzwepende lokale muziek in de hoek van het kerkplein trekt vooral de jongeren aan. De kleintjes vermaken zich op de trampoline en in een draaimolen die handmatig aangedraaid wordt door hun vaders.

De ruim 4000 bezoekers zijn in een uitgelaten stemming. Ze lachen, dansen en omhelzen elkaar. "Ik ben zo blij om zoveel geloofsgenoten te ontmoeten", roept Azim Sardar, een 29-jarige apothekersassistent uit Nowshera.

Vijf jaar lang was het festival in de St John's kerk, die al sinds 1934 bestaat, in overleg met het kerkbestuur verboden wegens gevaar voor aanslagen, vertelt pastoor James Shamoon. Maar nu is de veiligheidssituatie iets verbeterd. Twaalf politiemensen, onder wie drie vrouwen, beschermen de festivalgangers.

Christenen komen van ver om het festival bij te wonen. Khalid Shehzad reisde met zijn familie ruim tien uur vanuit het oostelijk gelegen Lahore. "Mijn kinderen hebben enorm uitgekeken naar het festival", zegt hij glunderend, waarna hij zijn tanden in een broodje kip zet.

Op het festival zijn christenen in de meerderheid. Zij vormen de grootste minderheidsgroep in Pakistan, maar maken nog geen twee procent van de bevolking van 180 miljoen uit. Ongeveer 98 procent van de Pakistanen is moslim. Waqar Masih, een 29-jarige kantoorbediende uit Peshawar, voelt zich vrij op het festival. "Hier zijn we allemaal van dezelfde gemeenschap, dus we kunnen openlijk praten. Hier hoeven we voor niemand bang te zijn", zegt hij.

Maar buiten de kerkmuren is discriminatie aan de orde van de dag, vertelt Sardar. Hij woont in de buurt van de religieuze school Darul Uloom Haqqania, die de Afghaanse talibanleider Mullah Muhammad Omar een eredoctoraat gaf. "We leven altijd onder druk en kunnen ons niet openlijk uitspreken onder moslims. Toen ik vandaag van huis vertrok keken moslims naar me met een blik van superioriteit, alsof ik niks ben. Ze beledigen ons vaak. Ze schelden ons uit voor 'straatveger' en noemen Pasen een 'straatvegersfestival'. Maar dit is ook mijn land en ik zal hier sterven. Dus we doen maar alsof we het niet horen."

Soms gaat discriminatie over in geweld. Zo werd anderhalf jaar geleden een christelijke vrouw ter dood veroordeeld voor het beledigen van de islam. Een jaar daarvoor staken boze moslims huizen van christenen in brand omdat ze een koran verscheurd zouden hebben. Daarbij kwamen zeven mensen om en raakten achttien mensen gewond.

Vorig jaar werd de federale minister van minderheden, een christen, vermoord, omdat hij tegen de blasfemiewet stemde. Door deze godslasteringswet belanden christenen vaak onterecht achter de tralies.

De moslims Khurshid Khan, marketingmedewerker, zijn vrouw en 2-jarige dochter uit Peshawar laten zien dat het ook anders kan. Ze kwamen samen met hun christelijke vrienden naar het festival. "Ik ben hier om het festival te vieren en om te laten zien dat we op de allereerste plaats allemaal Pakistanen zijn."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden