Laatste uren op het landgoed

We maakten weer een kruiswoordpuzzel, mijn moeder en ik. Bij 'zoogdier met een kleine slurf' vulde ik 'okapi' in, dat leek me een zoogdier met een kleine slurf maar eigenlijk had ik geen idee. Mijn moeder maakte er 'tapir'van. En alles kwam goed.

Ik keerde terug naar mijn tijdelijk verblijf op Twickel, dat buitengewone landgoed, voor de laatste uren. Toen ik kwam aangefietst kwam juist een bruidspaar van de ophaalbrug teruggelopen naar een zwart glimmende Porsche; het kasteel op de achtergrond is een geliefd fotomotief.

De bruidegom, in rokkostuum met wit vest, was wat stevig en droeg een baard. Zijn haar was al wat dun. De bruid, in het wit, was stralend mooi, net als de bruidsdame die haar begeleidde. Hun afkomst leek me van de nabije Oriënt, maar de japon was te frivool voor de islam. Ik vroeg of ik haar mocht fotograferen en dat was goed, ze hield niet op met stralen.

Het was de tweede keer dat ik een fotosessie voor de ophaalbrug zag - het voorterrein erachter is niet voor publiek toegankelijk; de eerste keer kwam een even glimmende zwarte BMW aangereden met daarin twee jongemannen. Ze sprongen naar buiten en begonnen als bezetenen de auto vast te leggen, vanuit elke denkbare positie. Navraag leerde dat ze de auto wilden verkopen, de foto's moesten de online verkoop stimuleren.

Eigenlijk is het verboden om met een auto tot aan de ophaalbrug te rijden, legde de beheerder van het kasteel, Rob Bloemendal, me later die middag uit. Hij had me uitgenodigd een kijkje te nemen op de bovenverdiepingen van het grote, oude huis, dat hoewel de laatste barones in 1975 overleed, nog volledig is ingericht. De salons, de bibliotheek, de slaapvertrekken, de grote keuken, het zou zo weer in bedrijf genomen kunnen worden. Onder de hoede van een stichting is de oude luister bewaard gebleven, en ook de intimiteit ervan, altijd waren er warme handen om het ensemble van huis en park liefdevol te koesteren en onderhouden.

Heel erg open is het huis niet; daarvoor acht men de inrichting te kwetsbaar. Slechts veertien dagen per jaar kan men op aanvraag en onder begeleiding het huis bezoeken. Ik zei dus graag ja tegen de uitnodiging, te meer daar deze delen van het huis niet op de rondgangsroute staan.

Toen we vanuit een torenvertrek in de richting van de oranjerie keken, zag ik mijn bruidspaar weer; het poseerde nu in de formele tuin, tussen de buxushagen en de taxussen, er cirkelden een fotograaf en een cameraman omheen. Ze lieten het paar allerlei poses aannemen; hij moest doen alsof hij haar aan haar sluier wilde wegslepen of overdreven in aanbidding tegen haar aanhangen. Ook moest hij haar optillen, zijn armen onder haar billen, en rondjes met haar draaien. Syrisch-orthodoxe christenen, zei Rob, ze vormen in de omgeving een grote gemeenschap. Hun bruidsparen komen hier altijd op vrijdagen om zich te laten fotograferen.

We stonden op het punt om lang vervlogen tijden binnen te stappen, te bladeren in negentiende eeuwse boeken over parken en tuinen (Fürst von Pückler-Muskau) of de encyclopedie van Diderot, om te ruiken aan de vooroorlogse sigarencollectie en te staren naar slippers met monogrammen, maar even was daarbuiten heel erg het nu.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden