Opinie

La Bayadère van Makarova eindigt heerlijk ongelukkig

Natalia Makarova is veeleisend. Pure overgave, dat is wat ze vraagt. „You must give from your heart”, zegt het balleticoon tegen de dansers. „Dat is je taak: alles geven wat je hebt.” De ’schimmen’ uit de beroemde ’witte’ akte, de 24 dames van het corps de ballet in maagdelijk witte tutu, luisteren met gepaste eerbied naar de Russische balletdiva, die tijdens de doorloop van ’La Bayadère’ (de tempeldanseres) bij Het Nationale Ballet (HNB) aanwijzingen geeft om vooral ’vanuit de buik’ te dansen.

Ze is drie weken aan het werk in Het Muziektheater, thuisbasis van HNB, en nog lang niet klaar met de finishing touch van haar integrale versie van Marius Petipa’s sprookjesballet uit 1877, op de kop af 130 jaar geleden dat het in tsaristisch Sint Petersburg zijn eerste opvoering beleefde. „Dit ballet is tijdloos”, reageert Makarova op de vraag of een complete versie van ’La Bayadère’ niet wat ouderwets zou zijn voor een 21ste-eeuws publiek. „Maar dan moet het wel met kwaliteit worden gebracht.” Dus schuurt Makarova op de kleinst mogelijke details. Bij soliste Igone de Jongh bijvoorbeeld, vertolkster van bayadère Nikiya: „Vergeet nooit dat je een tempeldanseres speelt. Dat moet je eerst zelf voelen voordat je het kunt uitdragen.”

De ’witte’ akte, ofwel ’Het Rijk der Schimmen’ uit ’La Bayadère’, wordt gezien als een van de hoogtepunten van het klassieke ballet. Petipa baseerde het toneelbeeld op een prent van Gustave Doré voor Dante’s ’Paradijs’. Een lang adagio met een etherisch legioen van danseressen in witte tutu bevolken één voor één het toneel, in een volstrekt unisono van ’arabesque cambré’. Het is een droomachtige opmaat voor de fabuleuze ’grand pas de deux’ waarin solisten volop kunnen schitteren met ballet in zijn meest pure vorm. Een ijzeren techniek is hierbij de norm; ultieme perfectie de standaard. Voor klassieke balletgezelschappen is deze akte een must op het repertoire, een proeve van hun kunnen. In tegenstelling tot een ’Zwanenmeer’, of ’Notenkraker’, die in de romantische traditie ook een zogeheten witte akte in het hart van de voorstelling dragen maar integraal worden opgevoerd, is het vrij recent dat gezelschappen de gehéle ’La Bayadère’ voor het voetlicht willen brengen.

„We zijn er aan toe”, zegt Ted Brandsen, artistiek directeur van HNB. „En Natalia Makarova’s versie is heel bevredigend. In tegenstelling tot de oude Kirov-versie en de versie die Nurejev een jaar voor zijn dood in 1992 maakte, heeft Makarova de laatste akte gereconstrueerd die omstreeks 1920 verloren is gegaan. Het ballet heeft nu een kop en een staart en is daarmee dramatisch en theatraal veel interessanter voor integrale opvoering. De ’witte’ akte stond al geruime tijd op ons repertoire, maar daar hebben we ons eigenlijk altijd onprettig bij gevoeld. Je licht dan iets uit een dramatisch verband, je kijkt naar iets wat niet af is. Bovendien heeft Het Nationale Ballet de laatste jaren een enorme technische vooruitgang geboekt. Met Makarova’s integrale uitvoering van ’La Bayadère’ kunnen we nu laten zien wat we werkelijk waard zijn.”

De opvoeringsgeschiedenis van ’La Bayadère’ geeft bijna zelf genoeg stof voor een spannend ’ballet à grand spectacle’ en in ieder geval is de carrière van Natalia Makarova (66) er sterk door gekleurd. De Kirov-sterdanseres liep tijdens een tournee in 1970 over naar het Westen, iets wat Rudolf Nurejev in 1961 vóór haar had gedaan. Dit was tijdens een Kirov-tournee waarin men buiten Rusland voor het eerst met de ’witte’ akte uit ’La Bayadère’ kon kennismaken. Nurejevs eerste ’westerse’ versie van de beroemde akte, ’Het Rijk der Schimmen’, volgde in 1963 bij Royal Ballet. Het ballet werd een groot succes en – mede door Nurejevs eigen fenomenale optreden met Margot Fonteyn – hét schoolvoorbeeld van op Russische leest geschoeid klassiek ballet.

Ted Brandsen: „Een virtuoze stijl van de ’wijde adem’, gedreven door ’innerlijke schoonheid’. Deze Vaganova-stijl – gedoceerd aan de beroemde Vaganova-academie – is een elegante mix van de Italiaanse en de Franse balletstijl, overgoten met een laagje tsaristische grandeur. Het geldt nu overal ter wereld als norm en wordt nu bijvoorbeeld ook op ’onze’ Nationale Balletacademie als uitgangspunt gebruikt.”

Natalia Makarova streek na haar vlucht neer in de Verenigde Staten en samen met de in 1974 eveneens overgelopen Kirov-danser Mikhail Barishnikov, wist ze New York tot centrum van de klassieke balletstijl in het Westen te verheffen. Door Amerika met alle egards behandeld en als mascottes van de koude oorlog tegen Rusland in stelling gebracht, bracht zij de ’witte’ acte van ’La Bayadère’ in 1974 bij het American Ballet Theatre op het repertoire, in 1980 resulterend in de integrale versie van ’La Bayadère’ voor dit gezelschap. Het werd een wereldwijde hit. „Makarova’s miracle” aldus een recensent, groeide uit tot de standaardversie die inmiddels ook op het repertoire van La Scala Milaan en het Royal Ballet staat.

Marius Petipa baseerde zijn ’La Bayadère’ in 1877 op het Indiase klassieke verhaal ’Sakuntala’. Mystiek-exotische onderwerpen waren bon ton in de Romantiek en door nauwkeurige reisbeschrijvingen van de Prins van Wales en de kroning van Victoria tot keizerin van India in datzelfde jaar, stond India volop in de belangstelling. Zodoende handelt ’La Bayadère’ over de tragische liefde tussen de dappere Indiase krijger Solor en de wonderschone tempeldanseres Nikiya die elkaar eeuwige trouw beloven, maar alleen in de dood worden verenigd.

„Het verhaal is een beetje kitsch”, zegt Ted Brandsen. „Maar ook wel erg lekker. Soms net over het randje, met veel Hollywood-achtig spektakel in beeld gebracht. Petipa creëerde met ’La Bayadère’ een pronkstuk, geheel in de geest van de Romantiek, met in onze hedendaagse beleving langdradige mimescènes en rijk gedecoreerde processies om de verwende Sint Peterburgse adel te vermaken.” Makarova schrapte deze tempo verstorende scènes om het drama meer kracht bij te zetten en bepaalde scènes verwees ze uit ’goede smaak’ naar de prullenbak. Dat lot verging bijvoorbeeld de ’Danse des negrillons’; een dans voor kinderen in bruine jakjes en creoolse ringen door hun neus.

Ted Brandsen: „Makarova heeft de laatste, verloren gegane akte heel poëtisch en in volle puurheid tot leven weten te wekken. Het had voor haar ook iets van een afrekening met het verleden. Makarova heeft artistiek veel onder het Sovjetregime te lijden gehad. Kunst had de taak om de massa sociaal op te wekken. Het leven was al moeilijk genoeg, zo was het idee. Een ballet moest dus goed eindigen en het Kirov danst zodoende een aangepast ’Zwanenmeer’ waarin prins Siegfried zijn zwaan vindt, en niet aan de liefde ten onder gaat.” Het lijkt dus voor Makarova een erekwestie te zijn geweest haar ’Bayadère’, geheel in de geest van Petipa, heerlijk ongelukkig te laten eindigen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden