Kwaad is van alle tijden, het zit ook in sprookjes

Familiedrama’s zijn er altijd geweest. Ook in sprookjes en mythen vermoorden ouders soms hun kinderen.

Wij weten ons geen raad meer met het kwaad, schreef Elma Drayer 15 maart in Trouw naar aanleiding van deskundigen die op de televisie uitlegden dat gezinsdrama’s alles te maken hebben met de hedendaagse individualisering. Zou het waar zijn dat in de eeuwen vóór de individualisering alleen het goede deel uitmaakte van onze samenleving?

Scheppingsverhalen en sprookjes van langgeleden zijn niet uit de lucht komen vallen. In die verhalen worden kwade krachten vanaf het begin vanzelfsprekend ingebouwd als tegenhanger van goede. Degenen die deze verhalen bedachten waren zich van het bestaan van het kwaad zeer bewust. Er hoefde alleen nog maar te worden uitgelegd hoe in het begin dit kwaad in de wereld gekomen is.

Dat gezinsdrama’s van alle tijden zijn, valt te leren uit het wijdverbreide motief van wrede ouders, een onuitputtelijke bron voor verhalenvertellers. Zulke verhalen over het verwaarlozen, mishandelen, te vondeling leggen, martelen, verminken of vermoorden (soms gevolgd door opeten) van een eigen kind of kinderen, komen overal voor.

Er worden uiteenlopende motieven voor zulke wreedheden aangevoerd: naast aangeboren kwaadaardigheid gebeurt het uit jaloezie, schaamte, wraakgevoelens wegens onrecht dat de ene betreffende ouder is aangedaan door de andere, materiële armoede, of angst. In het Oedipusverhaal uit de Griekse mythologie wordt een kind te vondeling gelegd om te verhinderen dat een angstaanjagende voorspelling in vervulling zal gaan: het kind zal zijn vader doden en met zijn moeder trouwen. Het loopt niet altijd zo dramatisch af als in dit verhaal. Sprookjes als Klein Duimpje en Hans en Grietje, waarin hongerende kinderen door hun ouders op straat gezet worden, hebben een happy end.

In het Bijbelverhaal van Abraham die zijn zoon Isaüc op Gods bevel moet offeren, pakt een engel de vader het dodelijke mes nog net op tijd af. De boodschap van dat verhaal is dat God van mensenoffers niet gediend is, dat die offers moeten worden afgeschaft. Maar zo’n verhaal was geloofwaardig omdat het offeren van kinderen een bestaand gebruik was om de goden gunstig te stemmen en rampen af te wenden.

In verhalen worden kinderen ook uit de weggeruimd of achtergelaten uit angst voor sociale afkeuring, of omdat ze van de verkeerde sekse (meisje) waren. Een motief voor kindermoord kan jaloezie zijn: in dat geval wordt een ouder vaak als boosaardige stiefouder voorgesteld, die een hekel aan het kind heeft. Daarbij is de onderliggende boodschap waarschijnlijk dat echte ouders zoiets nooit zouden (mogen) doen.

Het vermoorden van eigen kinderen kan ook een wraakactie zijn, zoals bij Medea: zij wreekt zich op Jason voor de pijn die hij haar heeft aangedaan door haar in de steek te laten.

Van het sprookjestype ’Mijn moeder slachtte me, mijn vader at me op’ bestaan ontelbare versies, zoals het Grimm-verhaal ’De jeneverbesboom’, waarin de stiefmoeder haar stiefzoon doodt waarna ze hem als maaltijd opdient aan zijn vader. De botten gooit ze weg, maar zijn goedhartige halfzusje begraaft de botten stiekem en de jongen komt terug, eerst als een vogeltje dat de schanddaad van de stiefmoeder in zijn lied bekendmaakt. De vogel brengt de vader en het zusje geschenken en zorgt ervoor dat een molensteen op de moordenares valt zodat ze verpletterd wordt. Daarna komt de jongen bij vader en zusje terug en leeft het gezin harmonisch verder zonder de kwaadaardige moeder.

Ook bij Sneeuwwitje is het motief dat een jaloerse, slechte stiefmoeder eropuit is haar beeldschone stiefdochter te vermoorden. Vaak wordt in zulke verhalen de moord op het kind op mysterieuze wijze aan de achterblijvers onthuld. Het motief van de zingende botten is een voorbeeld. Het komt niet alleen voor bij de gebroeders Grimm, ook elders in Europa en in West Afrika bestaat het, bijvoorbeeld in Ghana en Nigeria.

Al deze verhalen gaan in tegen al te naïeve opvattingen over menselijke goedheid en slechtheid die voortkomen uit hedendaagse individualisering. In verhalen over kwaadaardige ouders zien we kinderen rechtstreeks slachtoffer worden van hun eigen vader of moeder, uit wraak of jaloezie op hun kinderen; ze haten ze omdat ze lastig gevonden worden; of ze zijn bang voor hen.

In zulke verhalen zit soms toch een hoopvolle boodschap: het loopt herhaaldelijk goed af met kinderen die verwaarloosd of te vondeling gelegd, afgetuigd, geofferd of vermoord worden, omdat iemand op tijd ingrijpt of omdat ze zelf ongelofelijk weerbaar en slim zijn. En in sprookjes leven ze dan toch nog lang en gelukkig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden