kunstoren

Geen kunstenaar kan zonder zijn gereedschap. Dat gereedschap is vaak een lichaamsdeel. In deel 2 van deze serie: de oren van Manfred Kloens, altviolist Philharmonie Zuidnederland.

Zijn oren zijn onmisbaar. Tuurlijk, vioolspelen zonder handen of polsen is lastig, maar binnen zijn orkest zou altviolist Manfred Kloens (43) nergens zijn zonder dat stel aan weerszijden van het hoofd. Uniek wil hij ze niet noemen, maar de musicus van Philharmonie Zuidnederland vermoedt wel dat hij andere oren heeft dan 'normale' mensen.

Zo veroorzaakt al dat beroepsmatige luisteren wel enige deformatie: Kloens is altijd degene die tijdens etentjes bij vrienden vraagt of de achtergrondmuziek uit mag. "Mensen hebben geen idee hoe afleidend dat kan zijn. Ook was ik eens op een bruiloft, daar was een moment dat het helemaal stil zou moeten zijn. Ergens zoemde een ventilator - ik sta dan als eerste op om te kijken of die misschien niet uit kan."

Allemaal door 35 jaar bewuste en onbewuste training. Al is daar van de buitenkant natuurlijk niets van te zien.

Van de buitenkant zijn het gewoon twee reguliere oren. Niet te harig. Niet te groot, hoewel misschien iets groter dan gemiddeld. Wat spits. Geen lel. Het is niet het mooiste lichaamsdeel, zo'n oor, maar wel een van de meest ingenieuze. Om zijn binnenwerk: waar luchttrillingen, via de oorschelp, door het trommelvlies, langs hamer, aambeeld en stijgbeugel uiteindelijk in het slakkenhuis door zo'n twintigduizend minuscule haartjes worden omgezet tot zenuwpulsjes. Muziek.

Al vanaf zijn zevende speelt Kloens viool. In zijn tienerjaren liep hij muzikaal een beetje vast, tot hij oudere jongens met de altviool bezig hoorde. Lager van toon, voller van klank. Het Conservatorium van Amsterdam volgde, en in 1999 begon Kloens bij Het Brabants Orkest, dat twee jaar geleden na fusie met het Limburgs Symfonie Orkest is omgedoopt tot Philharmonie Zuidnederland.

undefined

Oordoppen

Al 35 jaar lang steunt zijn altviool zo'n dertig uur per week op de linkerschouder. De klankkast ervan hangt dan nét onder zijn linkeroor. Dat ga je wel merken, met de jaren. Eens in de zoveel tijd worden zijn oren getest. Heel hoge frequenties komen bij Kloens aan de linkerkant minder goed binnen dan op rechts. Maar in de praktijk is daar nog niks van te merken.

"Het hoort bij het vak dat je gehoor met de jaren minder wordt", zegt Kloens. Maar met oordoppen spelen? "Dat is gewoon onzinnig. Dan hoor je gewoon een stuk slechter." En om samen te kunnen spelen tijdens concert of repetitie is dat gehoor onmisbaar.

Je moet kunnen horen wat de medemuzikanten doen, het tempo van de eerste viool kunnen herkennen, de pianist kunnen volgen. Orkestmusici passen zich voortdurend aan elkaar aan. "Je kijkt naar je collega's en wat je ziet komt niet altijd overeen met wat je hoort. Dan pas je je aan. Dat gaat niet altijd goed, daar repeteer je voor."

Niet dat orkestleden nooit hun op maat gemaakte oordoppen in doen - soms gaat het écht te hard. "Vorig jaar speelden we de zevende van Sjostakovitsj. Dan gaat iedereen voluit. Toen was het wel verstandig om ze toch maar even in te doen."

Gehoorbeschadiging onder musici is geen taboe. Er wordt zeker niet lacherig over gedaan. Ook is de orkestleiding heus met het onderwerp bezig. Zo kwam onlangs een gehoorspecialist een lezing geven. Tijdens repetities plaatsen musici ook wel eens geluidsschermen, wat toch weer een paar decibel scheelt. Ook speelt zijn orkest in roulerende opstellingen: zodat de strijkers niet telkens voor die lawaaierige koperblazers komen te zitten.

Dat zijn gehoor opeens achteruitgaat, is een van zijn grootste angsten. Door een te hoog geluidsniveau kunnen de haartjes in de oorschelp onherstelbaar beschadigd raken, wat kan uitmonden in tinnitus - een constante piep in de oren. Jaren terug merkte Kloens eens dat hij minder goed hoorde dan voorheen. Hij schrok. Een bezoek aan de bedrijfsarts wees uit dat er niks aan de hand was: even de oren uitspuiten.

Verder zijn oren afgezien van een wattenstaafje of wat zonnebrand moeilijk te onderhouden. Je moet een beetje opletten. "Ach, er zijn violisten die weigeren af te wassen, omdat ze bang zijn zachte vingers te krijgen. Je moet er wel nuchter onder blijven. Ik zal niet snel gaan volleyballen, maar heb met schaatsen eens mijn pols gebroken. Toen was ik ook drie maanden uit de roulatie."

Wel doet Kloens wanneer hij naar de bioscoop gaat oordoppen in. "Of als ik in huis aan het klussen ben, denk ik wel twee keer na of ik geen gehoorbescherming nodig heb als ik een gaatje moet boren." Ze zijn hem dierbaar, die twee oren.

undefined

Hoge frequenties sneuvelen als eerste

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden