Kunstkanaal legt kijker niet uit waar het over gaat

Linda Bouws wil niet te veel afgeven op 'Hilversum', maar als ze daar een echt kunstbeleid hadden gevoerd dan was haar Kunstkanaal overbodig geweest. Niettemin, wat in 1987 in Amsterdam op de kabel begon, is nu in een aantal grote steden en enkele regio's elke zondag te zien volgens de 'Cineac-formule'. Een aanbod volgens de eigen definitie van Kunstkanaal. Want die is toch anders dan die van Hilversum.

Linda Bouws, directeur van het Kunstkanaal, kan er niet eens meer serieus op ingaan. Het feit dat kunst zo'n ondergeschikte rol speelt in Hilversum is al zo'n normale zaak. Bouws: "Er is geen omroep in Hilversum te vinden die een serieus kunstbeleid voert. Neem nou de NOS. Die is dan wel van plan om een serie opera's uit te zenden op de tv, maar dat blijft toch altijd iets incidenteels. De meeste programma's die ze in Hilversum kunstprogramma's noemen hebben weinig met kunst te maken." Bouws zou zo uit haar blote hoofd geen kunstprogramma kunnen noemen dat zij de moeite waard vindt. En de enkele uitschieter die er af en toe tussen zit, zit vaak verstopt tussen onzin.

"Ik wil niet te veel afgeven op wat er in Hilversum wordt gemaakt" , voegt Bouws daar onmiddellijk met zachte stem aan toe. "Dat klinkt meteen weer zo ongenuanceerd." Maar dat er maar weinig programma's zijn waar ze voor thuis blijft, dat is een ding wat zeker is. "Hilversum roept nog steeds dat het als enige in Europa ruim voldoet aan het criterium van tien tot twintig procent kunst op televisie" , vervolgt ze wat lachend. "Het is maar hoe je kunst definieert. Wij bij Kunstkanaal definieren dat anders."

Het Kunstkanaal begon, als onderdeel van de toenmalige manifestatie Amsterdam Culturele Hoofdstad, in 1987 met uitzenden op de Amsterdamse kabel. Een jaar later volgden soortgelijke initiatieven in Groningen, Den Haag en Rotterdam. In 1990 fuseerden de verschillende kunstkanalen tot het overkoepelende Kunstkanaal. Tegenwoordig zendt deze elke zondag uit in Amsterdam, Rotterdam en Hilversum (Den Haag en Groningen vielen om financiele redenen af). Sinds kort zijn daar ook 23 kleinere gemeenten in de regio Utrecht en Gelderland bij gekomen.

Het programma, dat wordt gebracht volgens de 'Cineac-formule' - elke twee uur hetzelfde - varieert van theater, dans en muziek tot beeldende kunst, mode en architectuur. "Wij zien onszelf niet zozeer als omroep, maar meer als kunstinstelling" , voegt Bouws daar aan toe. "We distribueren kunst via de kabel."

In het kantoor van Kunstkanaal, dat gevestigd is onder de hanebalken van Felix Meritis, het vroegere Shaffy Theater aan de Keizersgracht in Amsterdam, is het een chaos. Vanwege de verbouwing en de voorstelling die op dit moment in de benedenzaal in volle gang is. Overal hangen zwarte doeken om het daglicht tegen te houden. In het trappenhuis wordt de weg versperd door decorstukken, stapels kartonnen dozen en staketsels. Met een staf van tien part-time medewerkers - Bouws is de enige die full-time in dienst is - worden hier dagelijks de uitzendbanden in elkaar gezet die vervolgens door het hele land worden gedistribueerd. Op een landkaart aan de muur zijn de plaatsen waar wordt uitgezonden met potlood omcirkeld. Een verzameling van cultuureilandjes.

"Toen we in '87 begonnen dachten we; dit moet meer worden dan zomaar een lokale zender met een interviewtje met de melkboer op de hoek" , zegt Bouws vanachter haar bureau. "Van het begin af hebben we gedacht: dit is iets voor op lange termijn en op landelijk, misschien wel internationaal niveau." Voor de toekomst heeft Bouws grote plannen; het Kunstkanaal uitbouwen tot een landelijk netwerk in 17 steden met een raamprogramma en acht wekelijkse regionale edities. Misschien zelfs samenwerken met het buitenland (contacten met Berlijn en Antwerpen zijn al gelegd); beraamde kosten 2,4 miljoen gulden. Ongeveer drie keer zo veel als ze op dit moment ontvangen aan inkomsten en (voor het merendeel van WVC afkomstige) subsidies.

Het bereik van de zender in Amsterdam en Rotterdam is, zo blijkt uit een onderzoek van de NOS, wekelijks twee procent, wat neerkomt op zo'n vijftienduizend kijkers in Amsterdam en tienduizend in Rotterdam. Door het hele land kijken 60 000 kijkers per week. Maandelijks is het bereik in de grote steden zo'n acht procent. "Dat lijkt niet veel" , zegt Bouws, "maar dat is meer dan er naar de BBC kijken."

Het profiel van de kijker voldoet aan alle verwachtingen. De grootste groep kijkers, zo blijkt alweer uit het NOS-onderzoek, bestaat uit vrijgezellen, mannen iets meer dan vrouwen, met een leeftijd tussen de 30 en 45 jaar die de NRC of de Volkskrant lezen en het liefst kijken naar de VPRO. Een opvallend hoog percentage is zelf werkzaam in de culturele sector. De vraag die dan ook vaak gesteld wordt is of Kunstkanaal niet iets te veel blijft steken in het eigen kringetje.

"Het publiek dat wij bereiken zou inderdaad nog iets groter kunnen zijn" , geeft Bouws toe. "Uit onderzoek blijkt dat ongeveer acht procent van de Nederlandse bevolking interesse heeft voor een kunstkanaal. Het zou van grootheidswaan getuigen om te zeggen dat we die acht procent op dit moment ook halen. We zitten nu misschien nog iets te veel in die inner circle, mensen waarmee je door je werk vaak direct mee te maken hebt."

Maar op zich vindt Bouws die kleine doelgroep niet echt een probleem. "Ik geloof in doelgroep-programmering. Zeker in deze tijd waarin alles op televisie steeds meer verzandt in een soort middenmoot. Sommige mensen vinden dat elitair, maar dat is onzin. Dat zeggen ze van een zender als Eurosport of MTV toch ook niet, terwijl die ook heel bewust voor een bepaalde doelgroep uitzenden."

Over de programmering van Kunstkanaal heeft Bouws uitgesproken ideeen. "Wij vertonen geen programma's waarin wordt uitgelegd waar het over gaat. In die zin zou je ons kunnen vergelijken met het culturele supplement van een krant. Wij gaan er vanuit dat ons publiek een basisinteresse heeft voor kunst en cultuur. Dan mag je ook enige achtergrondkennis veronderstellen."

Bij Kunstkanaal vind je dus geen inleidende praatjes van omroepsters die uitleggen wat er is te zien. Een korte zwartwit leader geeft alleen de hoognodige programma-informatie: de titel, een korte inhoudsbeschrijving en de duur van het programma, eventueel aangevuld met informatie over waar en wanneer men de voorstelling of tentoonstelling kan zien. "We proberen per uitzendgebied zoveel mogelijk in te haken op wat er in de regio gebeurt. Op die manier krijgen kijkers in Rotterdam soms andere dingen te zien dan die in Amsterdam. Grote tentoonstellingen of manifestaties nemen we op in ons basisprogramma, dat in alle regio's gelijk is. We gaan er vanuit dat die een nationale uitstraling hebben."

Zo heeft Kunstkanaal eind augustus en begin september een aantal kunstvideo's op zijn programma staan van de Amerikaanse videokunstenaar Gary Hill. Bouws: "Dat gaat in goed overleg met het Stedelijk Museum in Amsterdam dat dan een tentoonstelling aan hem wijdt. Terwijl het Stedelijk zich vooral concentreert op zijn video-installaties, vertonen wij een overzicht van zijn videotapes. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten. Wij verwijzen in onze uitzending naar de tentoonstelling, en mensen die de tentoonstelling hebben gezien kunnen bij ons terecht voor zijn tapes."

Voor komende week staat, naar aanleiding van een theatervoorstelling, een videoproduktie ('White Homeland Commando') van de New Yorkse Wooster Group op het programma en voor eind juni, naar aanleiding van een tentoonstelling in het Bonnefantemuseum, een documentaire over Joseph Beuys. Bouws: "Dat programma is technisch gezien misschien niet van topkwaliteit. De camera staat af en toe wat scheef, maar wat Beuys daarin verkondigt vinden we zo interessant dat we die technische onvolkomenheden niet zo'n probleem vinden."

"Een uitzending over een 'moeilijke kunstenaar' of een ontoegankelijk toneelstuk, waarvan ze in Hilversum al snel zeggen 'dat snappen ze toch niet', gaan wij niet uit de weg. Dat hoort in onze programmering thuis. Dat wil niet zeggen dat ik altijd even tevreden ben over wat wij laten zien. Pas sinds een jaar denk ik: dat is nou wat ik bedoel met Kunstkanaal."

Vervolg op pagina 2.

Op weg naar een netwerk van kunstkanalen

VERVOLG VAN PAGINA 1

Bouws pakt het programmaoverzicht erbij. "Zo'n documentaire over Steve Reich, die we afgelopen zondag hebben uitgezonden, vind ik persoonlijk heel mooi. Goed gemaakt, geeft veel informatie en het sluit mooi aan bij het Holland Festival (waar 'The Cave', een van Reichs composities, wordt uitgevoerd, red.). Het portret van Armando is gemaakt door twee onafhankelijke filmmakers. Die zijn nog bezig met het ontwikkelen van een eigen beeldtaal. Zoiets vind ik interessant. Ook de documentaire over die Italiaanse goudsmid, Babetto, die aansluit bij een expositie in de Kunsthal in Rotterdam, geeft net wat meer achtergrond-informatie over die man."

Een enkele keer produceert Kunstkanaal ook zelf programma's. Zoals het onlangs uitgezonden filmportret 'About Truus Bronkhorst' van filmmaker Frans Zwartjes over de danseres en choreografe Truus Bronkhorst en de video-adaptatie van het toneelstuk 'Een man alleen is in slecht gezelschap' van de Belgische toneelgroep 'Vereniging van enthousiasten voor het Reele en Universele', die gemaakt werd in co-produktie met de NOS.

Bouws: "Zo'n voorstelling halen we bewust uit het theater. Daar wordt maanden aan gewerkt om er een echte tv-bewerking van te maken. Je zal bij ons niet snel een pure registratie vinden van de een of andere voorstelling. De echte voorstelling in het theater is dan toch altijd mooier. Meestal gaat het om een adaptatie, maar liever nog om een hele eigen interpretatie van een stuk. Elk programma moet een autonoom produkt zijn. De vraag waar het altijd om gaat is: hoe vertaal je theater - toneel, dans of noem maar op - naar dat tweedimensionale vlak van de tv. Dans is een van de theatervormen waarbij het meest is nagedacht over dat probleem. Daar bestaat een lange traditie die terug gaat tot de beginjaren van de film."

Bouws vertelt over haar eigen passie: de collectie dansfilms en -videos die zij de afgelopen jaren verzamelde en waar historische opnamen bijzitten van Edison uit 1895. Bouws: "Dat zijn fascinerende opnamen. Die eerste momenten waarop men denkt: hoe kom dat over op beeld."

Op het terrein van kunstprogramma's heeft Kunstkanaal inmiddels een uitgebreide collectie opgebouwd. "En dat niet alleen" , zegt Bouws, "wij hebben ook op het gebied van uitzendrechten een enorme know how in huis." Andere landen zouden daar gebruik van kunnen maken bij het opzetten van een eigen kunstkanaal, zodat er uiteindelijk een heel netwerk van kunstkanalen ontstaat. Bouws: "Dan heb je het over onderling programma's uitwisselen, co-produkties opzetten en een databank waar alle landen van gebruik kunnen maken."

Voorlopig lijken de meeste plannen te stuiten op een chronisch gebrek aan financiele middelen. En dat probleem wordt, althans op gemeentelijk niveau, met de bezuinigingen alleen maar groter. Bouws: "Op den duur zullen we het moeten zoeken in andere middelen." Een bijdrage uit de provinciale kas of zelfs uit de omroepreserves vindt ze geen onredelijke optie. Bouws: "De minister heeft altijd gezegd dat ze cultuur op de televisie wil ondersteunen. Dan heeft ze nu eindelijk de kans om dat op een uitstekende manier te doen. Bovendien, waar vind je anders zo'n goedkope distributie-mogelijkheid voor kunstprodukties, die vaak al met miljoenen guldens zijn ondersteund door het rijk? De luxe van Kunstkanaal is dat voortaan die meneer of die mevrouw in Veenendaal of Ede, die geen zin heeft of geen tijd om helemaal naar Amsterdam te komen, toch kan volgen wat er gebeurt op cultureel gebied. En die 2,4 miljoen waar wij om vragen, dat is peanuts vergeleken bij wat er aan Hilversum wordt betaald."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden